Pedagogiek van vertrouwen

Wat als we overgingen op een pedagogiek van vertrouwen? Tea Adema over het stimuleren van kinderen om zichzelf te worden, vrij van onze wensen en vooral vrij van onze angst.

Door: Tea Adema

Opvoeden is van alle tijden. Waar ik mij wel eens zorgen over maak, is dat we tegenwoordig een pedagogiek van tekorten lijken te hebben. Immers, hoe zorgelijk is het in onze samenleving als we vanaf het kinderdagverblijf kinderen volgen met scores en systemen? We achtervolgen kinderen tot hun achttiende met allerlei scorelijsten waar ze aan moeten voldoen. Zelden scoort een kind 100%. Tests gaan inherent altijd over tekorten en gebreken, en leggen vooral de nadruk op wat er niet is. Tegenwoordig worden daar bovendien steeds meer wensenlijstjes aan verbonden. Dat betekent dat er in de score een verwachtingspatroon is bijgekomen waaraan een kind op een bepaald tijdstip dient te voldoen. Maar is dit wat we echt willen voor onze kinderen? Als het iets zou toevoegen aan het kind, hadden we er nog wat aan, maar het zegt niets over de andere capaciteiten van het kind, zijn motivatie, zijn ambitie, zijn vermogen om problemen op te lossen, zijn muzikaliteit, zijn creativiteit en ga zo nog maar even door. Kortom: het kind en al zijn mogelijkheden.

Wat als we nu overgingen op een pedagogiek van vertrouwen. We stimuleren kinderen om zichzelf te worden, vrij van onze wensen en verlangens, maar vooral vrij van onze angst. De angst dat ze tekortschieten, te laag presteren, achterblijven, gepest gaan worden, geen goede opleiding kunnen volgen en al die andere angsten en zorgen die ons ’s nachts uit de slaap houden. We stoppen met die dwaze testen en observeren waar ze goed in zijn, waar ze blij van worden en wat ze graag doen. We stimuleren hen om zich te ontwikkelen, zodat hun talenten zich kunnen ontvouwen. Net zoals ieder zaadje juist die ene bloem of boom wordt, en niet de andere. Het enige wat we hoeven te doen is vertrouwen te hebben en uit te spreken. Vertrouwen dat kinderen toch wel groeien en hun potentieel waarmaken.

De make-over van een onderpresteerder
De volgende dag zou hij jarig zijn. Dat bleek een prachtig toeval te zijn. Op school ging het niet helemaal goed. Hij haalde lage cijfers, kon zich niet concentreren, was al eens van school veranderd omdat hij werd gepest en nu was er opnieuw zo’n moment waarop alles even vastliep. Tot mijn verrassing stapte er een open, vrolijk en levendig kind binnen. Hoewel hij al een paar uur in de auto had gezeten, had hij er zin in. Tijd om aan de slag te gaan dus. Hij vertelde dat hij zich niet kon concentreren en dat dit vooral gebeurde op de dagen dat hij een toets had. Hij wist dan bij wijze van spreken ‘s ochtends al dat het niet goed zou gaan. Dit was erg vervelend natuurlijk, want hij wilde architect worden. Hij wist dat architecten in ieder geval goed moeten kunnen rekenen en goede brieven moeten kunnen schrijven. We babbelden even verder over het ontwerpen van huizen en maakten steeds even de overstap naar zijn leven op school.

Hij was bang dat hij voor nerd uitgemaakt zou worden en wilde graag gemiddeld zijn. Ik maakte hem een beetje in de war door veel verschillende vragen op hem af te vuren. ‘Wat is normaal presteren?’ ‘Hoe gek is het dat een nerd abnormaal presteert als hij lage cijfers haalt?’ ‘Hoe gek is het dat een dommerik erop aan wordt gekeken dat hij het gewoon niet beter kan?’ Het gevolg van deze vragen was dat hij zijn overtuiging dat hij het beste af was door minder te presteren, niet meer goed vast kon houden. Zijn moeder wist nog een aantal prachtige anekdotes te vertellen over hoe hij zichzelf in groep 1 en 2 had leren lezen en rekenen, en hoe hij op school beweerde dat hij het niet kon. Dit paste in hetzelfde mechanisme. En dus konden we dit mooi meenemen in het kiezen van een nieuwe overtuiging over leren en presteren en het wel of niet laten zien van je talenten. Vriendjes maken was voor hem van groot belang, zeker gezien zijn pestgeschiedenis. Hij merkte nu dat hij door zich anders te profileren dan hij was, het probleem juist erger maakte. Hij knikte en bleef knikken terwijl we het hierover hadden. Ik vertelde hem over de fabel van de ezel, de man en de jongen. De vader en zoon brengen de ezel naar de markt om verkocht te worden en ze maken steeds andere keuzes om de ezel hen wel of niet te laten dragen. Die keuze laten ze afhangen van het commentaar van de omstanders. Ze ontdekken dat op iedere straathoek mensen een andere mening hebben over hun gedrag. Uiteindelijk kiezen ze er toch voor om voortaan hun eigen keuze te maken.

Al die vragen en overwegingen zijn best veel voor een tienjarige. Ik pakte een stapel matjes en gaf hem een matje voor de jongen die hij tot dusver was. Hij ging erop staan en merkte dat het niet prettig was om deze jongen te zijn, die ervoor koos om zijn talenten niet te laten zien. We legden een ander matje neer voor de jongen die hij voortaan wilde zijn. Hij ging op dit matje staan en voelde dat dit meer klopte met wie hij wilde zijn. Zijn schouders gingen naar achteren en hij keek me recht aan. Ik vroeg hem te kijken naar het matje van de jongen die hij tot dusver was en liet hem daar nog even op staan. Hij wilde liever terug. Terwijl hij op het nieuwe matje stond, vroeg ik hem zijn ogen te sluiten en denkbeeldig naar zichzelf te kijken. Hoe zou hij morgen op zijn plek zitten? Hoe keken de andere kinderen naar hem als hij ze één voor één aankeek? Wat zou zijn meester tegen hem zeggen? Zijn oogleden trilden onophoudelijk en hij bleef knikken terwijl ik hem zachtjes pratend denkbeeldig door zijn klas liet kijken. Toen het genoeg was, bleef hij nog een poosje voor zich uit kijken.

Zijn moeder stelde voor om vannacht om twaalf uur zijn ‘oude ik’ denkbeeldig bij het afval te doen. Het schoot me te binnen dat hij dan inderdaad jarig zou zijn. Wat een prachtig toeval! Het leek hem een goed idee en we spraken af dat hij dan eerst welgemeend ‘dank je wel’ tegen zijn ‘oude ik’ zou zeggen. Zijn ‘oude ik’ had hem tenslotte tien jaar op weg geholpen en het zou een beetje respectloos zijn om dat zo maar te dumpen. Hij kon daar ook nog veel mooie talenten van meenemen. En toen was het tijd om af te ronden. Zijn moeder zou hem helpen herinneren aan zijn ‘nieuwe ik’ op momenten dat het minder goed zou gaan. En om zijn nieuwe overgang nog extra kracht bij te zetten, zouden ze over de Afsluitdijk terug naar huis rijden. Ook een symbolische nieuwe overgangsfase. Hoe mooi kan toeval zijn…

De vertaalmachine
Met licht gebogen schouders kwam hij samen met zijn moeder binnen. Hij gaf me een slap handje, maar keek me recht aan. Zijn moeder had hem met zijn instemming aangemeld omdat hij zich faalangstig en weinig zelfverzekerd voelde. Op school ging het niet zo goed en hij moest terug van havo naar vmbo. Al een hele poos voelde hij zich daardoor onzeker en hij kreeg steeds meer het gevoel dat hij niets waard was en dat hij de grip op zijn planning verloor.

Ik liet hem zijn verhaal vertellen en vroeg hem vooral naar details over hoe hij was omgegaan met de teleurstellingen die hij had meegemaakt. Hij vertelde me over zijn acties en gevoelens, en ik vroeg hem naar zijn gedachten. Toen het verhaal afgerond was, schreef ik dit schematisch op het bord. In zijn nare gevoelens was ik niet zo geïnteresseerd, maar des te meer in de manier waarop hij zichzelf in deze situatie had gemanoeuvreerd. Door dit te onderzoeken kwamen we tot de ontdekking dat zijn gedachten over zichzelf, zijn capaciteiten en zijn prestaties hem uiteindelijk vasthielden en terugbrachten in een negatief patroon. Dit stond op het bord met rode pijlen naar zijn vicieuze cirkel. Zijn doel was om zich goed, sterk en zelfverzekerd te voelen en zijn school af te maken, zodat hij na zijn examen misschien weer kon opstromen. Om daar te komen moesten we gaan ontdekken wat hem zou helpen op weg daar naartoe. Ik nam hem mee terug naar zijn verhaal.

Hij had onder andere in zijn eentje een gesprek aangevraagd met zijn mentor om over zijn resultaten te praten en met hem te bespreken wat zijn plannen waren. Ik vroeg hem wat dit eigenlijk betekende. Hij had geen idee wat er nodig was geweest om te doen wat hij had gedaan en dus hielp ik hem een handje. Ik noemde het moedig en sterk. Andere zaken die hij had verteld, vertaalden we als het hebben van doorzettingsvermogen, zelfstandigheid, het vermogen tot observeren, planmatig denken, evalueren, doelgericht kunnen denken, flexibel kunnen zijn, eerlijk ten opzichte van zichzelf, adviezen van volwassenen kunnen overwegen en aan kunnen nemen, assertief zijn en nog een aantal eigenschappen die ik nu vergeten ben. Wat er bij hem gebeurde tijdens deze vertaling was, dat hij eerst een aarzelende instemming gaf, ‘mwaggh, mwoghh’, maar gaandeweg richtte hij zich op en de glimlach werd breder. Het kwam binnen, en hij was het met me eens dat hij, terwijl hij dacht dat hij aan het mislukken was, juist een prachtige prestatie had geleverd in zijn groei naar volwassenheid. Hij had helemaal alleen een besluit genomen over zijn doel en hiernaar gehandeld.

Ik nam hem weer even mee naar het schema op het bord. We keken naar de rode lijnen van zijn gedachten die hem in zo’n nare vicieuze cirkel gevangen hadden gehouden. Ik tekende er groene pijlen bij, die de gedachten over zijn goede eigenschappen vertegenwoordigden. Deze pijlen konden we doortrekken naar het doel dat hij had geformuleerd. Hij gaf aan dat zijn actie om met zijn mentor te gaan praten toch best moeilijk was geweest, juist omdat hij vaak bang was om iets alleen te ondernemen. Ik zei hem hoe knap het juist hierdoor van hem was geweest om dit te doen. Hij vertelde daarop dat hij dan meestal iemand meevroeg om de eerste stap te zetten, omdat die voor hem de meeste spanning meebracht. De ‘vertaalmachine’ beoordeelde dit opnieuw als sterk in plaats van zwak door toe te geven dat er nu eenmaal zaken zijn die moeilijk zijn. Dan is het juist erg verstandig om hulptroepen in te schakelen. Hij gaf aan dat hij erg veel steun van zijn ouders ervoer en zijn moeder beaamde dit.

Het toetsen van zijn nieuwe doelen was een belangrijke volgende stap. We stelden vast dat zijn motivatie om zijn doelen te bereiken erg hoog was en dat het daarvoor nodig was dat hij zelf een besluit nam over zijn te halen doelen. Langs de vloerketting ging hij naast de 8 staan als passend cijfer op weg naar zijn doel. Hij vertelde dat hij er vertrouwen in had dat zijn doelen haalbaar waren en hij voelde zich er stevig in. Ik kon het niet laten om dit even te testen door hem omver te duwen. Het ging, en ik plaagde hem een beetje door te zeggen dat hij zich toch niet van zijn doel liet wegduwen door anderhalve meter. Hij keek me aan en in een split second zag ik hem verstrakken. Toen ik opnieuw duwde, kreeg ik er geen centimeter beweging in! Dat had hij al eerder geleerd en ik adviseerde hem om dit in te zetten op momenten dat het nodig was.

Er restte ons nu nog één ding: hoe zou hij onthouden dat hij zijn opnieuw hervonden zelfvertrouwen en zijn doel zou halen? Ook dit wist hij binnen een seconde te benoemen toen ik hem vroeg welk beeld of welke gedachte hij hiervoor kon gebruiken. Hij zag een tekening van twee handen om een hart voor zich en zou dit thuis ophangen als gedachtesteun. Toen we zo rond waren en onze blik van het bord af haalden, vroeg ik hem of hij verder kon. Hij beaamde het en zei: ‘Ik was bang dat ik weer allemaal boodschappen zou krijgen die niet helpen, zoals ‘je doet het goed’ en ‘je kunt het wel’. Daar heb je niets aan.’ En dat was voor mij weer een leuke les om hem voor te bedanken. Maar het mooist was zijn vertrek. Ik kreeg een strakke blik en een krachtige mannelijke handdruk!

Tea Adema is coach voor kinderen en volwassen. Daarnaast geeft ze les aan beroepskrachten in de door haar ontwikkelde opleiding tot kindercoach. Zij schrijft artikelen over alles wat met kinderen en opvoeden te maken heeft. De boeken Ik leer leren en Zo veel te leren zijn van haar hand.

Vertrouwen als basis voor ontwikkeling

Vertrouwen geven aan kinderen betekent ruimte laten voor hun eigen tempo en talenten. Meer lezen over opvoeding en ontwikkeling? Bekijk ook de andere artikelen op Curova, of verdiep je verder via Wikipedia.

Auteur

Tea Adema

Redactie PSC Magazine

Gepubliceerd op

20 augustus, 2026

Thema

PSC Magazine 2014

Deel dit artikel

Gerelateerde artikelen