Het lichaam dat in alarm blijft

Oorlogsstress spreekt vaak eerst via het lichaam: waakzaamheid, slapeloosheid, spanning en pijn. Over lichaamsgerichte stabilisatie en samenwerking met de huisarts.

Samenvatting

Bij veel Oekraïners die de oorlog van dichtbij of op afstand meemaken, meldt het lichaam zich eerder dan het verhaal. Een gejaagde ademhaling, een nek die niet meer loskomt, een maag die dichtklapt bij nieuws van thuis: het zijn signalen die vaak voorafgaan aan woorden voor wat er innerlijk gebeurt. Grootschalig onderzoek onder de Oekraïense bevolking laat zien dat verstoorde slaap, aanhoudende spanning en lichamelijke onrust wijdverbreid zijn, vaak samen met angstklachten en klachten die passen bij posttraumatische stress. Dat maakt het lichaam tot een informatiebron die in de behandelkamer niet mag worden overgeslagen.

Dit artikel beschrijft waarom het zenuwstelsel bij langdurige dreiging in een verhoogde staat van paraatheid kan blijven hangen, hoe dat zich uit in slaap, spieren, adem, hart en spijsvertering, en wat dit betekent voor psychotherapeutisch werk. Het pleit voor een aanpak waarin lichamelijke stabilisatie een volwaardige plek krijgt naast gesprek, en waarin nauwe afstemming met de huisarts vanzelfsprekend is: niet elke klacht is psychisch te verklaren, en juist die erkenning maakt therapie geloofwaardig en veilig.

Het lichaam als eerste taal van gevaar

Voordat iemand onder woorden kan brengen wat oorlog met hem of haar doet, heeft het lichaam vaak al gereageerd. Een schrikreactie bij een hard geluid, een opgetrokken schouder, een maag die zich samentrekt: dit zijn geen bijverschijnselen van angst, maar de directe, lichamelijke vertaling van een zenuwstelsel dat dreiging heeft waargenomen en zich daarop heeft voorbereid. Voor therapeuten die met Oekraïense cliënten werken, is het waardevol om deze lichaamssignalen niet als ruis te beschouwen, maar als een eigen, betekenisvolle taal die soms eerder spreekt dan het narratief.

Onderzoek naar oorlog als chronische, collectieve traumatisering benadrukt dat de impact van langdurige dreiging zich niet beperkt tot het denken en voelen, maar het hele functioneren van het lichaam raakt. Wanneer gevaar niet één keer optreedt maar zich over maanden of jaren herhaalt of dreigt te herhalen, went het zenuwstelsel aan een verhoogd niveau van paraatheid. Dat gewenning is functioneel in een levensbedreigende situatie, maar wordt problematisch wanneer de dreiging afneemt of op afstand komt te staan en het lichaam toch in de hoogste versnelling blijft hangen.

Dat geldt zowel voor mensen die in Oekraïne blijven wonen, met luchtalarm, stroomuitval en de dreiging van raketaanvallen als voortdurende achtergrond van het dagelijks leven, als voor mensen die naar het buitenland zijn gevlucht en op afstand meeleven met wat er met familie en vrienden gebeurt. In beide situaties leert het lichaam dat waakzaamheid loont, en die les laat zich niet zomaar afleren zodra de omstandigheden veranderen. Dit maakt duidelijk waarom lichamelijke klachten geen bijzaak zijn in de behandeling van oorlogsgerelateerde stress, maar een centraal aangrijpingspunt.

Verhoogde waakzaamheid: een zenuwstelsel dat niet meer afschakelt

Een van de meest genoemde ervaringen onder mensen die de oorlog hebben meegemaakt of nog altijd meemaken via nieuws en contact met dierbaren, is een blijvend gevoel van alertheid. Het lichaam lijkt continu klaar te staan voor gevaar, ook in situaties die objectief veilig zijn. Geluiden die aan luchtalarm doen denken, plotselinge bewegingen of zelfs stilte kunnen een schrikreactie oproepen die niet in verhouding lijkt te staan tot de actuele situatie, maar die volstrekt begrijpelijk is vanuit een zenuwstelsel dat maandenlang op scherp heeft gestaan.

Deze verhoogde waakzaamheid, in de vakliteratuur vaak aangeduid als hypervigilantie, is geen keuze en geen overdrijving. Het is het resultaat van een overlevingssysteem dat zich heeft aangepast aan herhaalde dreiging. In de spreekkamer betekent dit dat cliënten soms moeite hebben om te ontspannen, zelfs wanneer ze dat cognitief graag zouden willen. Psycho-educatie over deze automatische, onbewuste aard van de reactie kan opluchting geven: het is niet iets wat mis is met de persoon, maar iets wat het lichaam heeft geleerd om te overleven.

Sommige cliënten schamen zich voor deze reacties, vooral wanneer de omgeving er weinig begrip voor toont of wanneer ze zelf het gevoel hebben dat ze ‘inmiddels toch veilig zijn’. Uitleg over de functie van het overlevingssysteem, over de rol van de amygdala en het autonome zenuwstelsel bij het detecteren van gevaar, kan helpen om schaamte om te buigen naar begrip. Wanneer een cliënt zijn eigen schrikreactie kan zien als een logisch, zelfs eervol overblijfsel van een periode van reëel gevaar, ontstaat er ruimte om er op een andere manier mee om te gaan.

Slaap die niet meer herstelt

Slaapproblemen behoren tot de meest consistent gerapporteerde klachten in bevolkingsonderzoek onder Oekraïners sinds het begin van de grootschalige oorlog. Moeite met inslapen, veelvuldig wakker worden, vroeg ontwaken en slaap die ondanks voldoende uren niet als verkwikkend wordt ervaren, komen breed voor, en dat patroon houdt bij een aanzienlijk deel van de bevolking aan, ook lange tijd na de directe gebeurtenis die de spanning veroorzaakte. Dat sluit aan bij bevindingen uit grootschalig datawerk over psychologisch welzijn onder Oekraïense burgers, waarin verstoorde slaap consequent samenhangt met angst, verdriet en klachten die passen bij posttraumatische stress.

Slecht slapen is niet louter een gevolg van piekeren; het is ook een oorzaak van verminderde veerkracht. Een lichaam dat onvoldoende herstelt, is minder goed in staat om emoties te reguleren, concentratie vast te houden en lichamelijke spanning los te laten. Dit maakt slaap tot een belangrijk aandachtspunt in de behandeling, niet als bijzaak naast de ‘eigenlijke’ klachten, maar als een kernthema dat vaak als eerste om aandacht vraagt voordat andere therapeutische stappen goed kunnen landen.

Nachtmerries en verstoorde dromen vormen een aparte, veelgenoemde categorie binnen deze slaapproblemen. Waar overdag afleiding en controle over aandacht nog enigszins mogelijk zijn, ontbreekt die controle ’s nachts, waardoor beelden van oorlog, verlies of dreiging ongefilterd kunnen terugkeren. Voor veel cliënten voelt de nacht daardoor onveiliger dan de dag, wat op zijn beurt de angst om te gaan slapen kan versterken en een vicieuze cirkel van slaapvermijding en vermoeidheid in stand houdt.

Spierspanning, hoofdpijn en pijn zonder duidelijke oorzaak

Chronische spanning in nek, kaak, schouders en rug wordt door veel mensen die met oorlogsstress leven als vanzelfsprekend beschreven, alsof het lichaam zich blijvend heeft voorbereid op een klap die niet komt of juist wel kwam en zich kan herhalen. Deze aanhoudende aanspanning kan uitmonden in spanningshoofdpijn, migraineachtige klachten of een diffuus gevoel van pijn dat niet aan één duidelijke oorzaak is te koppelen. Voor cliënten is dit vaak verwarrend: de pijn is reëel en voelbaar, maar medisch onderzoek levert soms geen eenduidige verklaring op.

Het is belangrijk dat therapeuten hier zorgvuldig mee omgaan. Lichamelijke klachten zonder duidelijke medische verklaring zijn niet automatisch ‘psychisch’ in de zin van ingebeeld of overdreven. Ze kunnen samenhangen met langdurige spierspanning, verstoorde ademhaling of een ontregeld stressresponssysteem, en verdienen dezelfde erkenning als klachten met een duidelijke medische oorzaak. Tegelijk kan het geruststellend zijn wanneer duidelijk is dat lichaam en stresssysteem met elkaar samenhangen, zonder dat dit de pijn minder echt maakt.

In de praktijk helpt het om samen met de cliënt in kaart te brengen wanneer klachten toenemen of afnemen: verergeren ze bij nieuws over de oorlog, bij herinneringen aan specifieke gebeurtenissen of bij spanning in de huidige levenssituatie, en nemen ze af tijdens rust, afleiding of ontspanningsoefeningen? Zulke patronen zeggen niets definitiefs over de oorzaak, maar geven wel aanknopingspunten voor waar stabilisatie het meest kan bijdragen, naast het medische traject dat parallel kan blijven lopen.

Hart, adem en maag-darmstelsel onder chronische druk

Naast spierspanning en hoofdpijn melden veel mensen hartkloppingen, een drukkend gevoel op de borst, een oppervlakkige of gejaagde ademhaling en klachten aan het maag-darmstelsel zoals misselijkheid, een opgeblazen gevoel of veranderde eetlust. Deze reacties passen bij een autonoom zenuwstelsel dat langdurig in een verhoogde staat van paraatheid verkeert: hartslag en ademhaling versnellen om het lichaam gereed te maken voor actie, terwijl spijsverteringsprocessen naar de achtergrond verschuiven omdat ze in een dreigingssituatie minder urgent zijn.

Wanneer deze toestand chronisch wordt, ontstaan klachten die op zichzelf verontrustend kunnen zijn en soms tot herhaald medisch onderzoek leiden. Nationaal cross-sectioneel onderzoek naar stress, angst en posttraumatische klachten onder de Oekraïense bevolking bevestigt hoe wijdverbreid deze combinatie van psychisch en lichamelijk lijden is. Voor de behandeling betekent dit dat therapeuten alert moeten zijn op dit soort klachten als onderdeel van het bredere stressbeeld, zonder de eigen ervaring van de cliënt te overschaduwen met een te snelle psychologische duiding.

Concentratie, vermoeidheid en een uitgeput brein

Een minder zichtbaar maar veelgenoemd gevolg van aanhoudende stress is een afname van concentratievermogen en mentale scherpte. Mensen beschrijven dat ze sneller afgeleid zijn, moeite hebben om taken af te maken of het gevoel hebben ‘in de mist’ te functioneren. Dit hangt samen met de combinatie van slaaptekort, aanhoudende fysiologische activatie en de cognitieve belasting van voortdurend alert zijn: een brein dat energie besteedt aan waakzaamheid, houdt minder capaciteit over voor concentratie en planning.

Deze vermoeidheid is vaak hardnekkiger dan gewone moeheid, omdat rust alleen niet volstaat zolang het onderliggende alarmsysteem actief blijft. Voor cliënten en hun omgeving kan het waardevol zijn om te begrijpen dat verminderde concentratie geen teken van luiheid of gebrek aan wilskracht is, maar een logisch gevolg van een lichaam en brein die langdurig in overlevingsmodus hebben gefunctioneerd.

Waarom medische uitsluiting vooropstaat

Hoezeer lichamelijke klachten ook passen bij een stressbeeld, dat rechtvaardigt nooit dat ze zonder meer als psychisch worden bestempeld. Hartkloppingen kunnen wijzen op een cardiologisch probleem, aanhoudende hoofdpijn kan een andere oorzaak hebben, en maagklachten verdienen soms gastro-enterologisch onderzoek. Een zorgvuldige, verantwoorde behandeling begint daarom met de vraag of somatische oorzaken zijn uitgesloten of in kaart gebracht, bij voorkeur in samenspraak met de huisarts of behandelend specialist.

Deze medische afstemming is geen formaliteit maar een essentieel onderdeel van goede zorg. Het voorkomt dat reële gezondheidsproblemen worden gemist doordat alles wordt toegeschreven aan ‘de oorlog’ of ‘stress’, en het voorkomt evenzeer dat cliënten het gevoel krijgen niet serieus genomen te worden wanneer hun klachten wél samenhangen met chronische spanning. Een goede samenwerking tussen therapeut en huisarts maakt het mogelijk om beide sporen tegelijk te bewandelen: lichamelijk onderzoek waar nodig, en psychotherapeutische ondersteuning waar dat passend is.

Lichaamsgerichte stabilisatie in de praktijk

Wanneer somatische oorzaken zijn uitgesloten of duidelijk in kaart zijn gebracht, kan lichaamsgerichte stabilisatie een waardevolle plek krijgen in de behandeling. Ademregulatie is daarbij vaak een eerste, laagdrempelige stap: een langzamere, diepere ademhaling kan het autonome zenuwstelsel helpen om van een staat van paraatheid naar een staat van relatieve rust te bewegen. Voor cliënten die zich overweldigd voelen door lichamelijke sensaties, biedt dit een concreet en direct toegankelijk aangrijpingspunt, zonder dat eerst uitgebreid over de gebeurtenissen zelf gesproken hoeft te worden.

Aanvullend kunnen aardingsoefeningen, geleide spierontspanning en aandacht voor lichaamshouding bijdragen aan het geleidelijk herstellen van het vermogen om te ontspannen. Belangrijk is dat deze oefeningen in klein tempo en met respect voor de draagkracht van de cliënt worden ingezet: voor iemand van wie het lichaam gewend is geraakt aan voortdurende paraatheid, kan stilzitten of ontspannen in het begin juist onrust oproepen. Psycho-educatie over waarom dat zo is, helpt om deze reactie niet als mislukking te ervaren maar als een te verwachten stap in een geleidelijk proces.

Deze lichaamsgerichte interventies vervangen het gesprek niet, maar vormen er een aanvulling op. Een lichaam dat leert dat het weer, al is het maar even, kan ontspannen, biedt vaak een stabielere basis voor het verwerken van wat er is gebeurd dan een gesprek dat start terwijl het zenuwstelsel nog volledig in overlevingsstand staat.

Naar een lichaam dat weer veilig durft te ontspannen

Herstel van chronische lichamelijke spanning verloopt zelden lineair en zeker niet snel. Het gaat niet om het wegnemen van elke waakzaamheid, wat ook niet wenselijk zou zijn in een situatie waarin de oorlog voor velen nog altijd voortduurt of dichtbij blijft, maar om het uitbreiden van het vermogen om tussen alertheid en ontspanning te bewegen. Een lichaam dat af en toe kan afschakelen, ook al is de dreiging niet volledig weg, is veerkrachtiger dan een lichaam dat permanent op scherp staat.

Voor therapeuten betekent dit een aanpak die geduld, herhaling en nauwe medische samenwerking vraagt, waarin het lichaam wordt erkend als volwaardige informatiebron naast het verhaal. Wie de somatische signalen van oorlogsstress serieus neemt, zonder ze te snel te medicaliseren of te snel te psychologiseren, biedt cliënten een vorm van zorg die recht doet aan de volledige, belichaamde ervaring van wat oorlog met een mens doet.

Auteur

Rick

Gepubliceerd op

13 augustus, 2026

Thema

Dossier Oekraïne

Tags

Deel dit artikel

Elke dag een druppeltje zon

Zes maanden lang gratis!

Gerelateerde artikelen