Opname onder de loep: magnesiumverbindingen

Welke magnesiumverbinding kies je voor jouw cliënt? Een overzicht van magnesiumzouten en aminozuurchelaten en hun opneembaarheid.

Opname onder de loep: magnesiumverbindingen

Het belang van het mineraal magnesium voor de gezondheid wordt veelvuldig benadrukt in de literatuur. Magnesium speelt een rol bij meer dan 600 enzymatische processen in het lichaam, waaronder de energieproductie. Ook voor eiwitsynthese, prikkeloverdracht en botopbouw is magnesium van belang. Door de spierontspannende en vasodilaterende eigenschappen is magnesium bij uitstek een geschikt mineraal om in te zetten bij geestelijke en lichamelijke stress. Helaas biedt de wetenschap geen eenduidigheid over de geschiktheid van de verschillende magnesiumverbindingen per specifieke indicatie: in studies lijkt de keuze voor een verbinding geheel willekeurig, doordat het lastig is de opneembaarheid te onderzoeken door de vele factoren die een rol spelen. Wel kan op basis van de eigenschappen van een magnesiumverbinding, zoals de verdraagbaarheid en de opname, in combinatie met kennis over de omstandigheden van de cliënt, een afgewogen keuze gemaakt worden voor de meest geschikte magnesiumverbinding.

Magnesium kan worden gehaald uit gebalanceerde voeding, met name groene bladgroenten, noten, peulvruchten, volkoren graanproducten en bananen. Het grootste gedeelte wordt vrijwel direct gebruikt. Het lichaam kan daarnaast rond de 24 gram magnesium opslaan om vrij te maken naar behoefte, waarvan 60% in de botten, 20% in de spieren, 20% in de weefsels en minder dan 1% in het bloed. Zodoende is het lastig om een magnesiumtekort via een bloedserumanalyse op te sporen. Door de vele processen waar magnesium bij betrokken is, is het van belang voldoende magnesium binnen te krijgen.

Magnesiumsupplementen bevatten gebonden magnesium, waarbij onderscheid kan worden gemaakt tussen magnesiumzouten (organisch of anorganisch) en -aminozuurchelaten (altijd organisch). De oplosbaarheid van de verbinding speelt een rol bij magnesiumzouten zoals magnesiumoxide en -citraat, omdat zouten niet in het geheel kunnen worden opgenomen. Daarvoor moet eerst het magnesiumion (Mg2+) worden vrijgemaakt uit de verbinding. Oplosbaarheid is derhalve een van de factoren die de opneembaarheid van dit mineraal bepaalt, omdat dit weergeeft hoe gemakkelijk de verbinding de magnesiumionen vrijgeeft. Een lage pH van de omgeving, zoals in de maag, speelt hierbij een rol. Het sterke maagzuur (HCl) is in staat de oplosbaarheid van de verbinding te verhogen en het magnesium vrij te maken uit de verbinding. Anorganische magnesiumzouten vereisen een sterk zure omgeving om de magnesiumverbinding te verbreken. Organische magnesiumzouten zijn wat gemakkelijker oplosbaar en zijn als gevolg minder sterk afhankelijk van een zure omgeving. De veelgehoorde uitspraak ‘anorganische magnesiumzouten zoals magnesiumoxide zijn niet opneembaar’ verdient dus enige nuance: anorganische mineraalverbindingen zijn zeker opneembaar, mits de omgeving zuur genoeg is om de mineraalverbinding te verbreken. In het geval van aminozuurchelaten is ieder magnesiumion krachtig gebonden (gecheleerd) aan twee moleculen van een aminozuur. Voorbeelden zijn magnesiumbisglycinaat (magnesium gebonden aan twee moleculen glycine) of magnesiumtauraat (magnesium gebonden aan twee moleculen taurine). De absorptie van magnesiumaminozuurchelaten verloopt via een geheel ander mechanisme. Het aminozuurgecheleerde magnesium bereikt, in tegenstelling tot de magnesiumzouten, als intact complex de dunne darm en wordt daar opgenomen via dipeptidekanalen in de mucosa cellen. Aangezien aminozuren een uitstekende opname kennen, is dat gunstig voor een goede opname van deze verbinding.

Kortom: bij de keuze van een geschikt magnesiumsupplement spelen verschillende factoren een rol. Met name verdraagbaarheid van magnesiumverbindingen in relatie tot de toestand van het spijsverteringskanaal, en de magnesiumstatus van het individu lijkt een goede indicator voor de beslissing welke verbinding te adviseren aan de cliënt. Zo verschilt het opnamemechanisme per type verbinding (organische en anorganische magnesiumzouten en aminozuurchelaten). Er dient daarnaast rekening gehouden te worden met de overige exogene en endogene factoren, zoals de voeding, medicatie en de dosis magnesium.

www.soe.nl

Auteur

Rick

Gepubliceerd op

15 augustus, 2026

Thema

NGW Magazine 2024

Tags

Deel dit artikel

Gerelateerde artikelen