Bespreking
Door: Mark van der Galiën (docent HVNA-Opleidingen), Muriël Wagenmans (directrice HVNA-Opleidingen)
IJkpunt voor de Westerse natuurgeneeskunde
Het rapport van het WNF (World Naturopathic Foundation) getiteld Naturopathy. Practice, Effectiveness, Economics & Safety (dec 2021), geschreven door drie Australische onderzoekers Dr. Iva Lloyd, Dr. Amie Steel en Dr. Jon Wardle laat zien waar de natuurgeneeskunde op dit moment staat en wat er al bekend is vanuit de laatste 30 jaar aan wetenschappelijk onderzoek op dit gebied. Het rapport is geheel belangeloos gratis te downloaden (722 pagina’s) en is een helder en bruikbaar ijkpunt van de positie van de Westerse natuurgeneeskunde in de maatschappij anno 2022. Het is inmiddels ook in boekvorm te verkrijgen.
Het rapport is gericht op beroepsbeoefenaars in de natuurgeneeskunde, maar omvat ook stukken over mind-body therapie, leefstijl en yoga, waardoor het voor een bredere groep interessant kan zijn. Het rapport kan ook gebruikt worden als onderbouwing in de communicatie naar beroepsbeoefenaars in het regulier medische veld. In het veld van natuurgeneeskunde is het hebben van een leidraad zeer waardevol.
De waarde van het rapport voor behandelaars
In het rapport worden achtereenvolgens behandeld: de basisprincipes van natuurgeneeskunde, de beoefening en regelgeving van natuurgeneeskunde wereldwijd, de status van onderzoek, onderzoek naar middelen bij specifieke aandoeningen en onderzoek naar de effectiviteit van natuurgeneeskundige therapievormen.
Als eerste wordt antwoord gegeven op de vraag wat natuurgeneeskunde precies is. Van welke principes gaat de natuurgeneeskundige wereldwijd uit? Hoeveel behandelaars zijn er en hoe zijn deze wereldwijd georganiseerd? Het is alsof je een atlas van de natuurgeneeskunde inkijkt.
Het rapport is verder te gebruiken als naslagwerk voor het onderzoek dat sinds 2015 is gepubliceerd in het veld van de natuurgeneeskunde. Na een heldere samenvatting wordt er met name ingegaan op de vele onderzoeken die sindsdien zijn gedaan.
De vragen die aan de orde komen zijn: welke interventies hebben een sterke wetenschappelijke onderbouwing? Wat zijn bewezen behandelmethoden bij specifieke aandoeningen? Hoe effectief zijn natuurgeneeskundige therapieën? Om dit stuk te lezen is inzicht in statistiek een pre.
Een andere toepassing is het ‘zoeken op aandoening’ om wetenschappelijk onderbouwde suggesties te krijgen voor een behandeling. Het geeft zowel houvast als nieuwe inzichten.
De basis en beoefening van natuurgeneeskunde wereldwijd
In het rapport blijkt dat de basisprincipes waarop de natuurlijke geneeswijzen zijn gestoeld, wereldwijd een breed draagvlak kennen en op dezelfde manier worden nageleefd. Principes als Behandel de oorzaak, Behandel de gehele mens en De therapeut als docent komen aan de orde.
Daarnaast wordt de status van de Westerse natuurgeneeskunde wereldwijd besproken. Europa blijkt de grootste traditie te hebben en de meeste beoefenaars op het gebied van natuurgeneeswijzen. Er wordt ingegaan op het soort onderwijs en de regelgevende organisaties per land. Wat ook opvalt is, dat Nederland geen lid is van het WNF en dus niet/nauwelijks wordt meegenomen in het rapport. Mogelijk geeft dat een wat vertekend beeld van de Nederlandse situatie.
Onderzoek naar de natuurgeneeskunde
Het wereldwijd onderzoeken van de natuurgeneeskunde wordt pas sinds 2015 gedaan en is dus nog vrij jong. Het grootste deel van het rapport beslaat welke onderzoeken er gedaan zijn naar natuurgeneeskunde. Dit is per aandoening op te zoeken. Een voorbeeld is het onderzoek naar de natuurgeneeskundige behandeling van kanker. Er blijken zo’n 53 klinische studies te zijn gedaan en 60 meta-analyses. Een willekeurige blik levert onderzoek op uit de USA (2015) over de bewezen effectiviteit van gembercapsules in het remmen van ontstekingsreacties. Andere aandoeningen die onder andere uitgebreid worden beschreven, zijn cardiovasculaire, endocrinologische, immunologische, gastro-intestinale, neurologische aandoeningen en obesitas.
Effectiviteit van therapie
Na het onderdeel publicaties met onderzoek naar aandoeningen worden de therapievormen zelf onder de loep genomen. Wat is het effect van de therapievorm?
Aan de orde komen onder andere voeding, fytotherapie, acupunctuur, leefstijl, mind-body therapieën, hydrotherapie en zelfs yoga. Het meeste onderzoek blijkt al te zijn gedaan naar mindfulness-based stress reduction. Het bestaande programma van 8 weken wordt wereldwijd opgevolgd en is algemeen geaccepteerd als een adequate, dus effectieve, therapie bij stress.
Het hoofdstuk voeding (Clinical Nutrition) binnen dit gedeelte blijkt vooral in de gaan op het effect van voedingssupplementen. Het effect van voedingspatronen is niet onderzocht.
Fytotherapie is vrij goed te onderzoeken en dat blijkt ook wel uit de hoeveelheid concreet onderzoek. Er is veel onderzoek gedaan naar fytotherapeutische complexmiddelen.
Conclusies
De meerwaarde van dit rapport is dat veel bekende natuurgeneeskundige beweringen of ‘open deuren’ zoals de bewering dat Valeriaan de ontspanning stimuleert, concreet zijn onderzocht.
Het rapport is een dankbaar naslagwerk. Het biedt ook een platvorm waar geïnteresseerden bruikbare informatie uit kunnen halen. De literatuurverwijzingen en verwijzingen naar onderzoek, maken het nazoeken op het web heel eenvoudig.
Het rapport (langer dan een gemiddeld boek) is overzichtelijk en verdient eigenlijk nog een uitgebreide index. Dan zou het nog makkelijker zoeken zijn op bijvoorbeeld fytotherapeutische middelen.
Het rapport vormt een ijkpunt voor internationaal onderzoek naar de natuurgeneeskunde. Doordat het belangeloos is te downloaden, is het voor iedereen beschikbaar.
Het rapport is te downloaden op:
Interview
Interview door Muriël Wagenmans met Mark van der Galiën over het WNF-rapport Naturopathy. Practice, Effectiveness, Economics & Safety.
Wat is je algemene bevinding over het naslagwerk van de onderzoeken die al gepubliceerd zijn over natuurgeneeskunde?
MvdG: Het is waardevol om een inzicht te krijgen in het woud van onderzoeken. Mijn nieuwsgierigheid wordt hier enorm door geprikkeld. Wat is er al bekend uit onderzoek? Het geeft een stuk meer zekerheid in de therapieën die je kiest. Het is ook gemakkelijk om vanuit het overzicht in dit rapport een bepaald onderzoek van je interesse op te gaan zoeken op PubMed. Daarmee is wetenschap een stuk laagdrempeliger geworden en dat is natuurlijk altijd goed.
Het is helaas zo dat veel kruidenboeken elkaar napraten. Met dit rapport wordt er een nieuwe laag toegevoegd aan de kennis over bepaalde kruiden en aan de manier waarop je naar kruiden kunt kijken. Dan kan je kijken of de veronderstellingen die worden gedaan, ook echt waar zijn.
Mij levert het al oppervlakkig doorlezend allerlei nieuwe inzichten op. Ik wist bijvoorbeeld niet dat er al zoveel onderzoek is gedaan naar de effecten van mind-body therapie, ook in combinatie met fytotherapeutische middelen. Je leest in het rapport allerlei nieuw onderzoek en je legt sneller (holistische) dwarsverbanden.
Of je nu meer of minder gericht bent op wetenschappelijk onderzoek, het rapport biedt bovenal meer stevigheid voor het werkveld. En als yogadocent ben ik aangenaam verrast dat ook yoga wordt gezien als een natuurgeneeskundige therapie.
Zijn je ook bepaalde onderzoeken opgevallen?
MvdG: Bij minder voor de hand liggende aandoeningen als borstkanker, angststoornissen bij kinderen en fibromyalgie is er ook wetenschappelijk bewijs gevonden voor de natuurgeneeskundige behandeling. Dat is heel fijn, omdat het extra ondergrond geeft in de keuze van bijvoorbeeld fytotherapie en mind-body therapie. Ik stuitte ook nog op een gepubliceerd onderzoek waarbij het effect van cupping is onderzocht op pijnklachten bij fibromyalgie.
Wat mij ook opviel, omdat ik het zo leuk vond om te lezen, was een onderzoek naar pijnreductie bij osteoartritis van de knie, waarbij pakkingen met koolbladen (een heel oud middel!) net zo effectief bleek als een reguliere behandeling met ontstekingsremmende gel. Het is dan toch wel een verschil dat je ook kan zeggen dat het wetenschappelijk is onderbouwd!
Wat kun je zeggen over het onderzoek naar voeding en fytotherapie?
MvdG: Er is erg veel gepubliceerd onderzoek naar voedingssupplementen en helaas (nog) niet naar voedingspatronen. Dat zou nog een waardevolle aanvulling zijn.
Ik ben ook op een interessant fytotherapeutisch onderzoek naar het effect van paardenkastanje (Aesculus hippocastanum) op beenzweren gestuit. Het zorgt onder andere voor vermindering van necrotisch weefsel en was daarmee effectief.
Helaas zijn er nog wel veel publicaties over fytotherapeutische complexmiddelen. Waarschijnlijk door fabrikanten van die middelen. Het zou waardevol zijn wanneer er meer onderzoek komt naar de enkelvoudige fytotherapeutische middelen.
Mis je nog bepaalde zaken in het rapport?
MvdG: Het rapport omvat de meeste natuurgeneeskundige therapieën, maar er ontbreken er nog wel een paar. Denk bijvoorbeeld aan Bachbloesemtherapie, lichaamsgericht werk, energetische therapie en aromatherapie. Dit zijn therapieën die in Nederland door natuurgeneeskundigen ook veel toegepast worden. Het zou kunnen dat deze therapieën niet direct beschouwd worden als natuurgeneeskundige therapieën in de meer traditionele zin.
HVNA-Opleidingen onderscheidt zich door het toepassen van wetenschappelijke kennis in de lessen zodat studenten dit ook makkelijk leren toepassen in hun praktijk. Hoe pas jij de informatie uit dit rapport toe in je lessen aan de HVNA?
MvdG: Dit rapport biedt veel nieuwe mogelijkheden om studenten te prikkelen ook meer naar de wetenschappelijke kant te kijken van therapieën en middelen.
Het zou bijvoorbeeld leuk zijn om de studenten te vragen een bepaald kruid naar keuze uit te werken en daarin mee te laten nemen welk onderzoek ernaar gedaan is. En dat als uitgangspunt te nemen voor het verder uitwerken van dat kruid. Dat geeft dan extra diepgang. En voor de toekomst zou het helemaal mooi zijn als het studenten ook gaat prikkelen om zelf onderzoek te doen en dat bijvoorbeeld te verwerken in een scriptie of zelf te gaan werken als onderzoeker!
Hoe was het om dit review (op mijn verzoek) te gaan schrijven?
MvdG: Eerst dacht ik: dit is helemaal niets voor mij. Toch besloot ik de uitdaging gaan te nemen om te kijken wat het me zou brengen. Gaandeweg werd ik steeds meer geprikkeld in m’n enthousiasme. Ik begon de waarde en reikwijdte van het rapport in te zien en het schrijfproces werd daarmee steeds leuker!
Over de auteurs
Mark van der Galiën is werkzaam als opleidingscoördinator, docent voeding en fytotherapie bij HVNA-Opleidingen en docent natuurvoeding bij Sonnevelt Opleidingen. Daarnaast is hij parttime hatha/yin yogadocent, leefstijltherapeut en enthousiast beoefenaar van een gezonde leefstijl. www.markvandergalien.nl
Muriël Wagenmans is klassiek homeopaat en directrice van HVNA-Opleidingen. Zij is medisch wetenschappelijk opgeleid in de moleculaire biologie.
