Als volwassenen zichzelf genezen, verbetert de leefomgeving van kinderen

Kinderarts dr. Judith Kocken over haar boek Je bent je eigen medicijn: hoe volwassenen door zelfheling een gezondere leefomgeving voor kinderen creëren.

Volgens kinderarts dr. Judith Kocken (52) heeft maar liefst één op de vier kinderen een chronische aandoening. Daarbij gaat het om psychosomatische klachten die het gevolg zijn van chaos, angst en onrust in onze samenleving, een situatie die verder reikt dan de COVID-problematiek. De oplossing bevindt zich in onze innerlijke wereld. Als we die als volwassene gaan helen, creëren we een gezondere leefomgeving voor zowel onszelf als voor kinderen. Hoe we dat kunnen doen, legt ze uit in haar recent verschenen boek Je bent je eigen medicijn, een nieuw recept van de dokter.

Daarin vertelt ze hoe belangrijk het is om onze eigen positieve en minder positieve aspecten te leren kennen, te omarmen, te accepteren en te doorleven. Daarmee geven we kinderen een beter voorbeeld dan zoals we doorgaans nu doen met de focus op een goede baan, succes en veel geld. In de inleiding van haar boek beschrijft ze hoe ze als jong meisje al besloot om de wereld voor kinderen een beetje mooier te maken. Haar moeder had haar tekeningen laten zien waarin ze zichzelf afbeeldde als kinderarts toen ze nog maar 4 jaar oud was. ‘Het was toen al overduidelijk wat ik later voor werk zou gaan doen, dat kwam regelrecht uit mijn hart en ziel. En dat komt het nog steeds iedere dag. Rationeel kan ik het niet verklaren.’

Intuïtie

Ook dat ze zich als kinderarts zou gaan specialiseren in maagdarmleverproblemen, wist ze al heel lang: ‘Ik ben heel intuïtief en voor mijn gevoel zitten intuïtie en innerlijk weten in mijn buik. Toen ik ging studeren, vroeg ik verschillende hoogleraren of ze me meer konden vertellen over intuïtie en waar zich die bevindt in het lichaam. Maar niemand kon het me uitleggen. Aan de ene kant vond ik de studie geweldig, aan de andere kant geloofde ik niet alles. Omdat het zo fysiek was, zo lichamelijk allemaal. Volgens mij zijn wij als mens veel meer dan een verzameling spieren, botten en organen. De buik en de relatie met het gevoel zijn voor mij essentieel en vormen samen een belangrijk brein. Net als dat je denkt met je hersenen en waarneemt met je hart. Destijds was dat nog niet echt bespreekbaar. Mijn innerlijk weten blijf ik volgen, daar ben ik niet vanaf te brengen.’

Buitenbeentje

Hoewel ze zich destijds al met haar zienswijze onderscheidde van veel van haar collega’s, heeft ze zich daardoor zelden een buitenbeentje gevoeld. ‘Ik ben trouw aan mijn eigen perceptie van de waarheid, ik hoef niemand te overtuigen. Ook doet het niets af van mijn respect voor collega’s en het gezondheidszorgsysteem. Ik ben oprecht dankbaar dat ik medisch specialist mag zijn in een land als Nederland, dat ik als arts mensen weer terug naar balans mag helpen. Chronische klachten hebben echter een andere aanpak nodig dan acute problemen. Omdat ik een gevoelig mens ben en me goed kan inleven, combineer ik mijn intuïtie met het wetenschappelijke of het fysieke. Ben ik daarin dan een buitenbeentje? Misschien. Ik denk er steeds minder over na. Mijn intuïtie is mijn kompas in het leven.’

Draagvlak

Wel ziet Judith, zoals ze zegt, ‘zoveel strijd tussen regulier en alternatief’, terwijl in haar beleving er maar één gezondheidszorg bestaat. ‘Blijkbaar ligt het ook op mijn pad om draagvlak te creëren voor meer gevoel en een meer holistische blik op ziekte en op mensen. Veel gesprekken die ik voer, gaan over hoe ziekte ontstaat en of het mogelijk is jezelf te genezen. Daarin heb ik zelf ook een ontwikkeling doorgemaakt, dit boek had ik tien jaar geleden nog niet kunnen schrijven. Er was tijd voor nodig om me eigen te maken wat ik daarin deel.’

Sneeuwballen

Judith heeft drie kinderen die ze heel bewust opvoedt volgens de visie die ze in haar boek uiteenzet. ‘Maar uiteraard heb ook ik sneeuwballen in mijn regenton.’ Ze verwijst hierbij naar een metafoor die ze gebruikt in haar boek om uit te leggen hoe het bewustzijn werkt. Het bovenste deel van de ton bevat het bewuste geheugen en het onderste het onbewuste. Daar bevinden zich toegedekte herinneringen aan pijnlijke ervaringen, gesymboliseerd als ijskoude sneeuwballen. ‘Ik ben en blijf zelf net zo goed work in progress en ben niet perfect. Als ik een keer onredelijk of te streng ben, zeg ik sorry, dat was niet zo handig. Het ging niet over jou maar over mij. Dat doe ik naar iedereen overigens, niet alleen naar mijn kinderen.’

Overtuigingen

Juist de sneeuwballen die zijn verzameld vóór het achtste levensjaar, hebben volgens Judith grote impact op het verdere leven. Hoe zit het dan met stressvolle ervaringen in de jaren daarna? Judith: ‘Natuurlijk hebben ook die groot effect. Een jong kind denkt echter absoluut, in termen van alles of nooit. Krijg je in je eerste acht levensjaren niet wat je op dat moment nodig hebt, dan kan de pijn overweldigend zijn. Dan heb ik het niet alleen over ouders die een kind iets vreselijks aandoen, maar ook over iets dat we als kind nodig hadden en niet kregen, gewoon omdat het er niet was of omdat het niet gegeven kon worden. Vandaar de metafoor van de regenton. De emoties van zo’n pijnlijke ervaring gaan linea recta naar het onderbewuste deel van je regenton en je overlevingsmechanisme zorgt ervoor dat het daar blijft. Zo creëer je overtuigingen die je de rest van je leven gebruikt om te kunnen overleven. Bijvoorbeeld een denkbeeld dat je alles beter alleen kan doen of dat niemand van je houdt of dat je niet waardevol bent. Het gevolg is dat het lastig wordt om met iemand samen te werken of een ander toe te laten dicht bij je te komen, terwijl dat wel je onderliggende verlangen is. Er waren wellicht momenten dat je het als kind nodig had dat je ouder je troostte toen je verdriet had. Niet om dat verdriet op te lossen, maar om het er gewoon te laten zijn. Wat er mag zijn, hoeven we niet als sneeuwbal weg te stoppen.’

Magneet

In Je bent je eigen medicijn, stelt Judith dat kinderen ons vragen om te veranderen. ‘In wezen laat een kind voor een deel zien wat er in de omgeving speelt, het spiegelt ons.’ Op de vraag of ze het boek dan vooral heeft geschreven voor mensen die kinderen hebben, schudt ze haar hoofd. ‘Nee, zeker niet. Er zit een innerlijk kind in jou, in mij en in alle volwassenen die we ontmoeten. Heb je van binnen ongeheelde wonden, dan doen die pijn, je hebt iets nodig en er is een nog niet ingevuld verlangen. Maar wat dat is, zal je nooit meer krijgen omdat het gaat over een gebeurtenis in het verleden. Heel veel ontmoetingen, relaties en omgang met andere mensen zijn gebaseerd op een stuk innerlijke pijn van volwassen mensen die ze als kind hebben opgelopen. We zijn als een magneet. Wanneer ik gewond ben vanbinnen en jij zou dat ook zijn, dan trekken we elkaar aan vanuit die verwondingen. Dat gaat niets moois opleveren. Als we onszelf daarentegen genezen en we ontmoeten elkaar daarna, dan verbinden we vanuit het hart. Dat is heel anders. Dan ben jij vrij en ben ik vrij. Vandaar dat dit een boek is voor volwassenen, of je nu wel of geen kinderen hebt. Ik zie mijn boek als een gebaar dat ik naar mensen maak, dat hoop en vertrouwen geeft. Helen en genezen zijn een proces dat ik iedereen gun.’

Human being

Judith heeft lang over het boek nagedacht voordat ze het ging schrijven. Ook over de vorm waarin ze dat zou doen. De doorslag om het op te pakken, was het begin van de pandemie: ‘In mijn spreekkamer zag ik dat mensen steeds meer in de problemen kwamen omdat ze niet meer naar hun werk of naar school konden. Ze moesten zich meer naar binnen richten en werden daardoor geconfronteerd met zichzelf. Dat markeerde voor mij het moment om met het boek te beginnen. Om mensen door te geven dat we de oplossing voor onze vragen juist in onze binnenwereld kunnen vinden, niet ergens daarbuiten.’ Over de spirituele aspecten van het boek zegt ze: ‘Die zijn niet iets waarmee ik nu pas naar buiten treed. Ik merk een grote behoefte aan zingeving bij veel mensen, zowel binnen als buiten de gezondheidszorg. Steeds meer mensen erkennen dat we een spiritueel wezen zijn in een stoffelijk lichaam. Het Engelse woord voor mens is dan ook human being. Human gaat over de buitenkant, je lichaam en being over de binnenkant, je binnenwereld.’

Signaal

De kern van haar boodschap is dat je je zelfgenezend vermogen kan activeren met doorvoelen wat niet eerder gevoeld kon worden. De overdrachtelijke sneeuwballen dus. Dat roept de vraag op hoe je dat voor elkaar krijgt met iets waar je op bewust niveau geen weet van hebt. ‘Genezen is een proces,’ legt ze uit. ‘Het gaat niet over een moment met een aan- en uitknop. Je lichaam geeft informatie over wat je je nog niet eerder bewust was. En in de loop van ons leven nemen de signalen uit onze binnenwereld toe. Stel, je hebt een lichamelijke klacht. Je kan daarop gaan mopperen. In plaats daarvan kan je het ongemak ook toelaten en er zacht voor zijn. Zo krijg je er een andere relatie mee. Je hoeft niets te doen om je ergens van bewust te worden, het enige is ja zeggen tegen het signaal. In principe is het niet moeilijk om contact te maken met je onbewuste geheugen. Tenslotte willen we niets anders dan helen en genezen. Meditatie kan helpen en diep werken. Daarbij maak je zelf contact met je onderbewuste geheugen door aandacht te geven waar je het gevoel ervaart in je lichaam. Dan komt vanzelf het beeld, de emotie, gedachte of situatie van vroeger naar boven, want het is niet zo dat er altijd dertig hekken rond je onderbewuste staan. Soms wel, dan kost het meer inspanning en is het goed er professionele hulp bij in te roepen. Het is logisch dat je niet vrijwillig tussen je opgeslagen ijskoude sneeuwballen springt, want die gaan over gebeurtenissen die je met je overlevingsmechanisme diep hebt weggeborgen. Wanneer je je veilig voelt bij een zorgverlener, kan deze als spiegel voor je fungeren en je helpen bewust te worden. Zo kan je jezelf genezen.’

Protocol

Judith concludeert in haar boek daarom dat bij chronische aandoeningen op volwassen leeftijd een holistische aanpak standaard onderdeel van de medische behandeling zou moeten zijn. Op de vraag of ze hiermee pleit voor een ander medisch protocol dan nu gebruikelijk is, antwoordt ze: ‘Op dit moment wordt er met een biomedisch behandelmodel gewerkt, dat is gericht op symptomen bestrijden. Dus hetzelfde protocol als bij acute problemen. Als arts hebben we niet geleerd hoe we met chronische klachten en problemen kunnen omgaan. Daarentegen nemen die in deze tijd wel toe. Het mooie is, dat langzamerhand steeds meer artsen zich ervan bewust worden dat er meer nodig is dan alleen medicatie om mensen te ondersteunen. Want het gaat over hoe je iemand begeleidt bij leren op een gezonde manier met zichzelf om te gaan en dat je die leert de regie van zijn of haar leven in eigen handen te nemen. Met aandacht voor stress, gewoonten en patronen. Het draait om menszijn.’

Flow van creatie

Op verschillende plekken heeft Judith in haar boek tekst afgewisseld met oefeningen en citaten van onder andere Rumi en Carl Jung. Ook staan er hier en daar stukjes tekst van haarzelf die doen denken aan gedichten. Ze zegt hierover: ‘Als beelddenker geef ik voorrang aan het gevoel in mezelf. Dit is een manier om mezelf uit te drukken. Wanneer ik in die flow van creatie ben, wat het dan ook is, word ik me bewust van wat er bij mezelf speelt. Door mijn rechterhersenhelft te gebruiken kan ik verwerken wat ik meemaak. Daarom schrijf ik graag. Ik geloof dat we als mens gespiegeld worden in de thema’s die in ons leven aandacht vragen. De werkelijkheid die ik zie, heb ik gecreëerd in mezelf. Dus al die kinderen en ouders die naar mijn praktijk komen met hun klachten en problemen, spiegelen mij iets. Zo zie ik het leven. We zijn in onze samenleving meer met elkaar verbonden dan we in de gaten hebben. Zodra we ons dat realiseren, voelen we ons niet meer alleen in ons verhaal of met onze achtergrond. Je overlevingsmechanisme kan zich bijvoorbeeld uiten in de rode draad in je leven. Als je er een andere relatie mee aangaat, ga je ook anders naar het leven kijken. Je ziet niet alweer die donkere wolken in de lucht, je krijgt ook oog voor het zonnetje.’

Bril

Judith hoopt dat haar boek mensen houvast, steun, vertrouwen en inspiratie zal bieden. ‘We kunnen zóveel leren van ons lichaam en hoe dat functioneert, want het heeft een een-op-een-relatie met onze binnenwereld. Als je daar aandacht aan geeft, zal je leven veranderen, dat kan niet anders. We zijn te vaak afhankelijk van situaties en omstandigheden buiten onszelf. Echter, als we soeverein zijn en jij en ik dat voorleven aan anderen, zullen we daarmee onze omgeving inspireren. We hebben rolmodellen nodig. Ben jij bereid om rolmodel te zijn in wie je bent en wat je doet? Zo ja, dan is mijn missie geslaagd. Want het grootste cadeau dat je jezelf kan geven, is jezelf genezen. Dan kijk je niet langer door de bril van beperkt, tekort, moeilijk en zwaar, maar door die van vrijheid, zachtheid en verbinding: de bril van overvloed. Je hebt ze allebei, maar jij kiest welke je ’s ochtends opzet.’

www.kinderbuikenco.nl

Dr. Judith M. Kocken is kinderarts, wetenschappelijk onderzoeker en arts voor leefstijlgeneeskunde. Ze heeft zich gespecialiseerd in maag-, darm- en leverproblemen. In 2014 richtte ze Kinderbuik & co op, een medisch specialistische praktijk voor kinderen en jongeren met langdurige lichamelijke of psychosociale klachten en hun ouders (Bussum). Eerder verschenen haar boeken Kinderbuik, Happy Tummy en Healthy Soul Healthy Body.

Je bent je eigen medicijn biedt een recept om te luisteren naar de signalen van je lichaam en zo in contact te komen met je onderbewuste. Arts en auteur dr. Roy Martina schreef het voorwoord. Het boek verscheen dit voorjaar bij uitgeverij Hajefa, ISBN 9789463310307.

Auteur

Rick

Gepubliceerd op

15 augustus, 2026

Thema

NWP Magazine 2021

Tags

Deel dit artikel

Gerelateerde artikelen