Acupunctuur bij misselijkheid en opvliegers

Grote gerandomiseerde studies naar acupunctuur bij misselijkheid en opvliegers door kankerbehandeling laten wisselende resultaten zien. Wat zeggen de cijfers precies, en wat betekent dat voor jou?

Inhoudsopgave

Twee hardnekkige klachten, één mogelijke aanpak

Misselijkheid door chemotherapie en opvliegers door hormoontherapie behoren tot de klachten die de kwaliteit van leven tijdens en na kankerbehandeling het meest beïnvloeden. Beide staan al langer op de radar van onderzoekers die kijken of acupunctuur, het aanprikken van specifieke punten op het lichaam, kan helpen. De belangstelling is groot, want reguliere middelen tegen misselijkheid en opvliegers werken niet bij iedereen goed genoeg of hebben zelf vervelende bijwerkingen. Maar wat laat het onderzoek daadwerkelijk zien, los van de verwachtingen?

Voor wie te maken krijgt met misselijkheid en opvliegers tijdens de behandeling, is het waardevol om niet alleen naar de uitkomst te kijken, maar ook naar hóe dat onderzoek is opgezet: hoeveel deelnemers meededen, of er een controlegroep was en hoe misselijkheid of opvliegers precies werden gemeten. Die details bepalen namelijk hoeveel gewicht je aan een bepaalde uitkomst kunt toekennen.

Wat de cijfers over misselijkheid laten zien

Een gerandomiseerde studie onder 134 mensen die chemotherapie ondergingen, vergeleek echte acupunctuur met schijnacupunctuur, waarbij wordt geprikt op punten die niet bij de traditionele acupunctuurpunten horen. Het percentage mensen dat volledig vrij bleef van misselijkheid en braken, verschilde niet significant tussen beide groepen. Wel bleek de échte acupunctuur de ernst van de misselijkheidsklachten iets te verminderen, en verbeterde de voedingstoestand van deelnemers na twee en drie weken behandeling. Met andere woorden: geen wondermiddel, maar wel een meetbaar, bescheiden effect op hoe vervelend de klachten aanvoelden.

Dat een gerandomiseerde opzet met een schijnbehandeling wordt gebruikt, is overigens precies wat onderzoek naar dit soort aanvullende behandelingen zo waardevol maakt: het onderscheidt een mogelijk effect van de behandeling zelf van een placebo-effect of van spontaan herstel in de tijd.

En wat blijkt bij opvliegers

Bij opvliegers is het beeld vergelijkbaar genuanceerd. In een studie onder 84 vrouwen die tamoxifen gebruikten na borstkanker, rapporteerde 42 procent van de groep met echte acupunctuur verbetering van de opvliegers na zes weken, tegenover 47 procent in de controlegroep: statistisch geen verschil. Alleen voor nachtelijk zweten werd wel een significant voordeel gevonden bij echte acupunctuur. De onderzoekers concludeerden voorzichtig dat overtuigend bewijs voor een meerwaarde van échte acupunctuur ten opzichte van schijnacupunctuur nog ontbreekt, al hielpen beide vormen wel om de klachten te verminderen.

Dit soort tegenstrijdige of genuanceerde bevindingen komt vaker voor bij onderzoek naar aanvullende behandelingen, en onderstreept waarom het lastig blijft om op basis van één enkele studie harde conclusies te trekken over de werkzaamheid.

Waarom richtlijnen het toch aanbevelen

Ondanks deze wisselende directe vergelijkingen nemen toonaangevende richtlijnen, zoals die van de Society for Integrative Oncology en de American Society of Clinical Oncology, acupunctuur en acupressuur wel op als aanbevolen aanpak bij misselijkheid door chemotherapie. Dat komt doordat de aanbeveling is gebaseerd op de bredere verzameling van onderzoek, inclusief studies waarin acupunctuur wél duidelijk beter presteerde dan standaardzorg zonder enige vorm van acupunctuur. Het placebo-effect van schijnacupunctuur blijkt in veel studies namelijk zelf al vrij sterk, wat vergelijkingen lastig maakt maar niet betekent dat de behandeling als geheel nutteloos is.

Richtlijnen wegen daarbij doorgaans de volledige literatuur, niet één losse studie, en houden ook rekening met hoe veilig en toegankelijk een behandeling is in verhouding tot de mogelijke baten. Dat verklaart waarom een aanbeveling er soms anders uitziet dan een enkel onderzoek zou doen vermoeden.

Wat dit betekent voor je eigen afweging

Bij de afweging rond acupunctuur voor misselijkheid en opvliegers geldt: het is over het algemeen veilig wanneer het wordt toegepast door een ervaren, bij voorkeur BIG- of beroepsverenigingsgeregistreerde behandelaar die bekend is met de aandachtspunten bij kankerpatiënten, zoals een verhoogd infectierisico bij een laag aantal witte bloedcellen. Verwacht geen gegarandeerd effect, maar zie het als een van de opties die de kans op verlichting vergroot, met weinig risico op schade. Bespreek het gebruik altijd met je oncologisch team, zeker rond de timing van chemotherapiekuren, en houd zelf bij of de klachten daadwerkelijk afnemen, zodat je samen kunt beoordelen of voortzetten zinvol is.

Goede afstemming vooraf, met open communicatie over wat je van de behandeling verwacht en wat je behandelend team ervan vindt, helpt om acupunctuur op een verantwoorde manier in te passen naast de reguliere behandeling, zonder dat het ten koste gaat van de aandacht voor de kankerbehandeling zelf.

Auteur

Rick

Gepubliceerd op

26 augustus, 2026

Thema

Acupunctuur

Deel dit artikel

Gerelateerde artikelen