Door de onafgebroken stroom aan prikkels raken mensen steeds verder verwijderd van zichzelf.
In mijn praktijk zie ik het dagelijks terug. Ik werk in mijn praktijk vanuit een holistische visie en steeds vaker nemen mentale en emotionele klachten daarin een prominente plaats in. Niet als bijzaak, maar als kern van de hulpvraag.
De cliënten die zich melden, verschillen in leeftijd en achtergrond, maar vertonen ook veel overeenkomsten. Ze houden te veel ballen tegelijk in de lucht. Ze zijn perfectionistisch, bang om te falen, laten pleasegedrag zien en zijn continu bezig met wat ze zouden kunnen missen (FOMO). Veel van hen zijn zichzelf kwijtgeraakt. Ze weten niet meer wie ze in de kern zijn, waar ze voor staan, of wat van henzelf is en wat van de buitenwereld.
Die buitenwereld is luid. Altijd aanwezig. De hoeveelheid prikkels die mensen dagelijks verwerken, heeft een enorme groei doorgemaakt. Technologie brengt ons veel, maar vraagt ook veel van ons als mens. Schermtijd is genormaliseerd, terwijl de verslavende werking nog maar weinig in beeld gebracht wordt. En op datzelfde scherm lijkt het leven van de ander altijd net iets beter, mooier en succesvoller. Een fata morgana waar iedereen achteraanloopt, terwijl steeds minder mensen het gevoel hebben dat ze daadwerkelijk ergens aankomen.
Het beeld dat wordt neergezet is vaak fictie. Een leven zonder rafelranden. Alsof de wereld bestaat uit eenhoorns, elfjes en regenboogjes. In een maatschappij die in werkelijkheid steeds meer polariserend, harder en complexer wordt, zorgt dit voor veel frictie in onze binnenwereld. Het wordt hierdoor ook steeds moeilijker om te voldoen aan het ideaalplaatje van de buitenwereld.
Tegelijkertijd zien we in de reguliere zorg wachtlijsten die eerder regel dan uitzondering zijn geworden. Mensen die mentaal en emotioneel vastlopen, moeten vaak wachten. En langer wachten. Impliciet krijgen ze daarmee de boodschap dat, wat ze voelen te veel is of niet urgent genoeg. Dat vind ik schrijnend. Pijnlijke/moeilijke/zware emoties zijn geen stoornis, maar een teken van leven. Zonder donker geen licht, en andersom.
Het probleem is niet dát mensen emoties hebben, maar dat ze niet geleerd hebben hoe ze zich daartoe kunnen verhouden. Veel cliënten denken dat hun emoties zijn wie zijzelf zijn. Terwijl emoties iets zijn wat je hébt, niet wat je bént. Daar ligt, wat mij betreft, een cruciale sleutel.
In het complementaire werkveld kunnen we hierin veel betekenen. Wij werken vaak dichter bij de leefwereld van cliënten, met aandacht voor samenhang, context en autonomie. We helpen mensen om weer contact te maken met hun kern, hun veerkracht en hun eigen ritme. Niet om het leven perfect te maken, maar wel prettig leefbaar.
Mijn ideale wereld? Een wereld waarin mentale en emotionele problematiek minder taboe is. Waar schaamte plaatsmaakt voor erkenning. Waar mensen gezien en gehoord worden, ook als aan de buitenkant niets te zien is.
En een wereld waarin reguliere en complementaire zorg elkaar niet wantrouwen, maar aanvullen. Door de handen ineen te slaan en het gezamenlijke doel voor ogen te houden, mensen ondersteunen wanneer het nodig is, kunnen we samen iets doen aan wat nu vastloopt. Misschien smelten de wachtlijsten dan niet vanzelf, maar we maken de weg ernaartoe in ieder geval een stukje mooier.
Leonie Scheutjens, eigenaar praktijk voor natuurgeneeskunde Leonie Scheutjens is westerse natuurgeneeskundig therapeut en acupuncturist. Daarnaast is ze docent iriscopie en geeft bij- en nascholingen. www.scheutjens-natuurgeneeskunde.nl