EMDR: niet alleen voor trauma

EMDR wordt breder ingezet dan alleen bij PTSS - ook bij angst, rouw en andere klachten.

EMDR staat bekend als traumatherapie. Maar onderzoek laat steeds duidelijker zien dat de methode ook effectief kan zijn bij een breed scala aan andere klachten – van angststoornissen tot verslaving, van chronische pijn tot persoonlijkheidsproblemen. Harvard Health sprak hierover met klinisch expert Elizabeth Ressler-Craig van het McLean Hospital, en haar bevindingen sluiten aan bij een bredere trend in het onderzoek naar de toepassingsmogelijkheden van de methode.

Voorbij de traumagrens

EMDR werd oorspronkelijk ontwikkeld voor posttraumatische stressstoornis, en dat blijft het terrein waarop de meeste en sterkste evidence beschikbaar is. Maar de onderliggende theorie – dat verstoorde herinneringsverwerking aan de basis ligt van veel psychologisch lijden – reikt verder dan PTSS alleen. Een reviewstudie uit 2021, gepubliceerd in Frontiers in Psychology, analyseerde 90 onderzoeken naar EMDR bij andere stoornissen dan PTSS. De conclusie: positieve effecten bij verslaving, angst, depressie, dwangstoornissen (OCD) en chronische pijn.

“In mijn ervaring werkt EMDR goed als aanvulling op reguliere psychotherapie, door mensen te helpen voorbij een ingrijpende negatieve gebeurtenis te bewegen die misschien niet als trauma kwalificeert, maar toch hun dagelijks leven verstoort,” aldus Ressler-Craig.

Dat inzicht is belangrijk voor mensen die zichzelf niet als “getraumatiseerd” beschouwen, maar wel merken dat bepaalde ervaringen blijven meespelen in hoe ze zich vandaag de dag gedragen, voelen of denken over zichzelf. De grens tussen “een moeilijke ervaring” en “trauma” is in de praktijk minder scherp dan vaak wordt gedacht – en juist die grijze zone is waar veel van de nieuwe toepassingen van EMDR zich bevinden.

EMDR bij persoonlijkheidsproblematiek

Een opvallende bevinding uit recent onderzoek is het effect van EMDR bij persoonlijkheidsstoornissen. Een studie gepubliceerd in JAMA Network Open in 2025 toonde verbetering van symptomen bij mensen met persoonlijkheidsproblemen. Dat lijkt logisch, aldus Ressler-Craig: traumatische ervaringen in de kindertijd zijn sterk gelinkt aan een verhoogd risico op persoonlijkheidsstoornissen. Als je die vroege ervaringen aanpakt, verschuift de basis waarop de persoonlijkheidsstructuur zich in de loop van jaren heeft opgebouwd.

Dit opent perspectieven voor een groep mensen voor wie de therapeutische opties traditioneel beperkt zijn geweest. Persoonlijkheidsproblematiek is notoir moeilijk te behandelen, mede omdat de patronen vaak diep verankerd zijn en zich over vele levensdomeinen uitstrekken. EMDR biedt hier een aanvullende route die niet primair via taal en rationeel inzicht loopt, maar via het lichaam en het onbewuste geheugen – een route die voor sommige mensen effectiever blijkt dan uitsluitend gesprekstherapie.

Hoe een sessie eruitziet bij deze bredere toepassingen

Harvard-expert Ressler-Craig beschrijft hoe zij werkt: de cliënt volgt haar vingers met de ogen terwijl een belastende herinnering in het bewustzijn wordt gehouden. Sommige therapeuten gebruiken een horizontale lichtbalk, anderen werken met tonen via een koptelefoon of tikjes op de schouder. Het onderliggende principe blijft steeds hetzelfde, ongeacht de specifieke klacht: bilaterale stimulatie terwijl de aandacht op het moeilijke materiaal rust.

Sessies duren doorgaans 60 tot 90 minuten. Meestal worden zes tot twaalf sessies aanbevolen, maar dat verschilt sterk per persoon en per klacht – bij complexere problematiek, zoals langdurige persoonlijkheidsproblematiek, kan een traject aanzienlijk langer duren dan bij een enkelvoudig trauma. De cliënt hoeft de herinnering niet in detail te beschrijven. “Ik zie mijn rol als die van een sherpa,” zegt Ressler-Craig. “Het is jouw reis, maar ik ben er om te begeleiden en te ondersteunen.”

EMDR bij verslaving en dwangmatig gedrag

Een van de minder bekende, maar veelbelovende toepassingen van EMDR ligt in het domein van verslaving en dwangmatig gedrag. Onderzoekers zien vaak een verband tussen onverwerkte traumatische ervaringen en de ontwikkeling van verslavingsgedrag: middelen of gedragingen die aanvankelijk dienden om ondraaglijke gevoelens te dempen, kunnen op termijn een eigen dynamiek krijgen. Door de onderliggende, onverwerkte herinneringen aan te pakken, kan EMDR een deel van de drijfveer achter het verslavende gedrag wegnemen – al blijft dit doorgaans onderdeel van een breder behandeltraject waarin ook de verslaving zelf direct wordt aangepakt.

Bij dwangmatige gedachten en gedragingen, zoals bij obsessieve-compulsieve stoornis, wordt EMDR ingezet om de vroege, vaak vergeten ervaringen te verwerken die aan de basis liggen van de angst die de dwanghandelingen in stand houdt. Dit is een relatief jong onderzoeksgebied, maar de eerste resultaten wijzen op een meetbare afname van dwangsymptomen bij een deel van de behandelde cliënten.

EMDR als onderdeel van een breder zorgtraject

Voor mensen die al andere vormen van zorg ontvangen – reguliere psychotherapie, psychiatrische behandeling, lichaamsgerichte therapie – kan EMDR een waardevolle aanvulling zijn. De therapie past goed in een integratief model van zorg waarbij verschillende methoden worden gecombineerd op basis van wat voor de specifieke persoon werkt. EMDR sluit daarbij geen andere aanpakken uit. Het voegt eerder een dimensie toe die met woorden alleen soms moeilijk te bereiken is.

EMDR kan helpen bij meer dan alleen PTSS

Angststoornissen en specifieke fobieën. Depressie met een traumatische achtergrond. Verslaving, als onderdeel van de traumaverwerkingscomponent. Chronische pijn met een psychologische component. Dwangmatige gedachten en OCD. En, als relatief nieuw onderzoeksgebied sinds 2025, persoonlijkheidsproblematiek.

EMDR bij chronische pijn en somatische klachten

Een steeds terugkerend thema in het bredere onderzoek naar EMDR is de rol van het lichaam. Chronische pijn en zogeheten somatisch onvoldoende verklaarde klachten – lichamelijke klachten waarvoor geen duidelijke medische oorzaak wordt gevonden – blijken in een aanzienlijk deel van de gevallen samen te hangen met onverwerkte stress of trauma. Het lichaam draagt als het ware een lading die geen rechtstreekse fysieke oorzaak heeft, maar wel degelijk fysiek voelbaar is.

EMDR biedt hier een interessante ingang, juist omdat de methode niet primair via taal werkt. Cliënten die worstelen om hun klachten in woorden te vangen – iets wat bij somatische klachten vaker voorkomt dan bij duidelijk psychologische klachten – kunnen via EMDR toch toegang krijgen tot het onderliggende materiaal, simpelweg door de aandacht te richten op de lichamelijke sensatie zelf, zonder dat daar per se een verhaal bij hoeft te worden verteld.

Hoe therapeuten bepalen of EMDR geschikt is voor een bredere klacht

Bij klachten buiten het klassieke PTSS-domein – zoals persoonlijkheidsproblematiek, verslaving of chronische pijn – is een zorgvuldige intake nog belangrijker dan bij een duidelijk omschreven enkelvoudig trauma. De therapeut onderzoekt samen met de cliënt of er sprake is van onderliggende, onverwerkte ervaringen die aan de klacht ten grondslag liggen, en of de cliënt voldoende stabiliteit heeft om dit materiaal aan te gaan. Bij complexere problematiek wordt vaker gekozen voor een langzamer tempo, met meer nadruk op stabilisatie voordat de eigenlijke verwerking begint.

Het is ook gebruikelijk dat EMDR bij deze bredere toepassingen wordt gecombineerd met andere behandelvormen: cognitieve gedragstherapie voor het aanpakken van actuele gedragspatronen, schematherapie bij diepgewortelde persoonlijkheidspatronen, of verslavingszorg voor de directe aanpak van het verslavingsgedrag zelf. EMDR vervangt deze behandelingen niet, maar vormt er een aanvulling op die zich richt op de onderliggende, vaak vergeten wortels van de klacht.

Wat dit betekent voor de toekomst van de methode

De verbreding van het toepassingsgebied van EMDR weerspiegelt een bredere verschuiving binnen de geestelijke gezondheidszorg: steeds meer wordt erkend dat uiteenlopende psychische en zelfs lichamelijke klachten een gemeenschappelijke onderliggende factor kunnen delen, namelijk onverwerkte ervaringen. Naarmate het onderzoek naar deze bredere toepassingen zich verder ontwikkelt, is de verwachting dat EMDR een steeds grotere rol zal spelen binnen geïntegreerde behandeltrajecten, waarin verschillende therapievormen gezamenlijk worden ingezet op basis van wat voor de individuele cliënt het beste werkt.

Wat maakt een klacht “geschikt” voor de bredere toepassing van EMDR?

Een vraag die therapeuten zich bij elke bredere toepassing van EMDR stellen, is of de klacht daadwerkelijk een herinneringscomponent bevat die met de methode kan worden aangepakt. Niet elke klacht leent zich hiervoor: bij zuiver biologisch bepaalde aandoeningen, of bij klachten die primair voortkomen uit actuele levensomstandigheden zonder duidelijke historische wortel, is EMDR minder voor de hand liggend als eerste keuze. Een zorgvuldige diagnostische fase, waarin wordt onderzocht of en hoe herinneringen een rol spelen in het huidige klachtenbeeld, is daarom essentieel voordat met de bredere toepassing van EMDR wordt gestart.

Dit onderscheid is ook de reden waarom onderzoek naar deze bredere toepassingen zorgvuldiger en trager verloopt dan het onderzoek naar PTSS: de doelgroep is diverser, de onderliggende mechanismen zijn minder eenduidig, en de uitkomstmaten zijn soms lastiger te standaardiseren. Dat neemt niet weg dat de voorlopige resultaten bij veel van deze toepassingen bemoedigend zijn, en dat individuele clinici in de praktijk regelmatig positieve effecten rapporteren, ook waar het formele bewijs nog beperkt is.

Hoe deze bredere toepassingen zich verhouden tot de oorspronkelijke methode van Shapiro

Toen Francine Shapiro EMDR in de late jaren tachtig ontwikkelde, richtte zij zich vrijwel uitsluitend op enkelvoudig trauma. De uitbreiding naar bredere toepassingen is grotendeels het werk van latere generaties clinici en onderzoekers, die de kernprincipes van het AIP-model – dat centraal staat in de theorie achter EMDR – toepasten op nieuwe klachtenbeelden. Shapiro zelf heeft deze ontwikkeling in latere jaren van haar carrière ondersteund en aangemoedigd, en zag de verbreding als een logische consequentie van het onderliggende model, niet als een afwijking daarvan.

Deze evolutie is typerend voor hoe succesvolle behandelmethoden zich in de loop van decennia ontwikkelen: een kernidee dat aanvankelijk is getest binnen een smal, goed afgebakend domein, blijkt bij nadere bestudering bredere toepasbaarheid te hebben, en wordt vervolgens stap voor stap, met de nodige wetenschappelijke voorzichtigheid, uitgebreid naar aanpalende gebieden. Dat proces is bij EMDR nog altijd gaande, en zal dat de komende jaren waarschijnlijk blijven, naarmate er meer klinische ervaring en onderzoek beschikbaar komt.

Wat cliënten kunnen doen om weloverwogen te kiezen

Voor mensen die overwegen EMDR te proberen voor een klacht buiten het klassieke PTSS-domein, is het verstandig om tijdens de intake expliciet te vragen naar de stand van het onderzoek voor hun specifieke klacht. Een transparante therapeut zal eerlijk aangeven of de evidence voor een bepaalde toepassing sterk, matig of nog beperkt is, en zal deze informatie gebruiken om samen met de cliënt een weloverwogen beslissing te nemen over of, en hoe, met de behandeling te starten.

Wat dit betekent voor de wachtlijstproblematiek

Een praktisch neveneffect van de verbreding van het toepassingsgebied is dat EMDR-therapeuten vaker worden geconsulteerd voor een breder palet aan klachten dan voorheen, wat op sommige plekken kan bijdragen aan langere wachtlijsten voor gespecialiseerde behandelaars. Dit onderstreept het belang van een zorgvuldige triage: niet elke klacht met een vermoede traumacomponent hoeft per se bij de meest gespecialiseerde EMDR-therapeut terecht te komen, en samenwerking tussen generalistische en specialistische zorgverleners blijft essentieel om de zorg toegankelijk te houden.

Hoe multidisciplinaire teams profiteren van deze bredere blik

In multidisciplinaire behandelteams, waar psychologen, psychiaters en andere zorgverleners samenwerken rond complexe casuïstiek, opent de bredere toepasbaarheid van EMDR nieuwe mogelijkheden voor gezamenlijke behandelplanning. Een cliënt met zowel verslavingsproblematiek als een onderliggende, onverwerkte traumageschiedenis kan bijvoorbeeld gebaat zijn bij een traject waarin verslavingszorg en EMDR parallel of na elkaar worden ingezet, in plaats van als twee losstaande trajecten die elkaar niet aanvullen.

Een genuanceerde afsluiting

De boodschap van dit artikel is niet dat EMDR een wondermiddel is voor elke denkbare klacht. Het is een genuanceerde erkenning dat een methode die oorspronkelijk werd ontwikkeld voor een specifiek doel, in de praktijk vaak breder toepasbaar blijkt dan aanvankelijk gedacht – mits die bredere toepassing met dezelfde zorgvuldigheid en wetenschappelijke nieuwsgierigheid wordt onderzocht als de oorspronkelijke toepassing. Voor cliënten betekent dit vooral: het is de moeite waard om te vragen, ook als uw klacht niet direct als “trauma” wordt herkend.

Voor wie is dit artikel relevant?

Dit artikel is bedoeld voor mensen die EMDR kennen als traumatherapie maar zich afvragen of het ook bij hun eigen, minder duidelijk omschreven klachten kan helpen, voor naasten van mensen met verslavings- of persoonlijkheidsproblematiek die op zoek zijn naar aanvullende behandelopties, en voor zorgverleners die hun cliënten willen informeren over de bredere toepassingsmogelijkheden van de methode.

EMDR is een erkende psychotherapeutische methode. Dit artikel is bedoeld als informatief en vervangt geen professioneel advies of behandeling. Neem bij klachten contact op met een gekwalificeerde zorgverlener.

Auteur

Rick

Gepubliceerd op

10 augustus, 2026

Thema

EMDR

Tags

Deel dit artikel

Elke dag een druppeltje zon

Zes maanden lang gratis!

Gerelateerde artikelen