Psilocybine bij therapieresistente depressie

Een Britse studie onder 60 volwassenen met therapieresistente depressie geeft een voorzichtig positief beeld van psilocybine. Wat de uitkomsten wel en niet zeggen.

Foto: gailhampshire via Wikimedia Commons (CC BY 2.0)

Van alle stoffen uit de paddenstoelenwereld krijgt psilocybine de meeste aandacht van onderzoekers. Het is de werkzame stof in een aantal hallucinogene paddenstoelen en het wordt onderzocht als hulp bij depressie. In augustus 2026 kwam King’s College London met nieuwe resultaten. De studie, geleid door hoogleraar James Rucker, verscheen in Nature Medicine en gaat over mensen bij wie gewone behandelingen niet hadden gewerkt. Het was de eerste door de overheid betaalde Britse gerandomiseerde studie naar psilocybine bij depressie die binnen de gezondheidszorg in Engeland werd uitgevoerd.

Zestig mensen, één dosis

Aan de studie deden 60 volwassenen mee met therapieresistente depressie. Dat betekent dat hun klachten niet waren verminderd na minstens twee eerdere behandelingen. Opvallend is dat de onderzoekers geen bovengrens stelden aan hoe therapieresistent iemand mocht zijn. Bij de meeste studies die door bedrijven worden betaald is dat wel zo. De auteurs vinden dat deze groep daardoor meer lijkt op de patiënten die later echt voor deze behandeling in aanmerking zouden kunnen komen.

De helft kreeg één dosis van 25 milligram psilocybine, de andere helft een placebo zonder werkzame stof. Niemand wist wat hij of zij kreeg, ook de onderzoekers niet. Beide groepen kregen psychologische begeleiding. Het onderzoek werd betaald door het Britse National Institute for Health and Care Research, en de Maudsley-ziekenhuisorganisatie in Zuid-Londen was de uitvoerende partner.

De keuze voor een echte placebo, zonder werkzame stof, kwam van de geldschieter. Die wilde een duidelijk beeld van de veiligheid, en dat lukt alleen als je de behandeling met niets vergelijkt. Zo’n opzet maakt de uitkomsten sterker, maar ook strenger: elk verschil moet echt boven de placebo uitkomen.

Wat de cijfers laten zien

De depressie werd gemeten met de MADRS, een vragenlijst voor de ernst van depressieve klachten. Na drie weken zakte de score in de psilocybinegroep significant sterker dan bij de placebogroep, en dat verschil bleef na zes weken bestaan. Na drie weken had 43 procent van de mensen op psilocybine een duidelijke verbetering, en na zes weken was dat 50 procent. In de placebogroep bleef dat percentage al die tijd op 3 procent. Na drie weken was 40 procent van de psilocybinegroep in remissie, tegenover 3 procent bij de placebo. Het bericht van King’s College noemt het cijfer na zes weken niet, maar meldt wel dat het verschil standhield.

Een deel van het effect zit tussen de oren

De onderzoekers zijn eerlijk over een zwakke plek: de blindering hield niet echt stand. Iedereen in de psilocybinegroep raadde dat hij de echte stof kreeg, en ook 70 procent van de placebogroep gokte goed. Dat is niet vreemd, want je merkt het wel als een hallucinogeen werkt. De auteurs schrijven dan ook dat verwachting waarschijnlijk een deel van het verschil verklaart, en niet alleen de stof zelf. Hoeveel van het verschil aan verwachting ligt, kan deze studie niet zeggen.

Veilig, ook buiten het ziekenhuis

Halverwege verhuisde het onderzoek van een ziekenhuisfaciliteit naar een gebouw voor onderzoek naar geestelijke gezondheid in een woonwijk. Ongeveer de helft van de deelnemers werd daar behandeld. De onderzoekers zagen geen nieuwe veiligheidsproblemen en concluderen dat psilocybine ook buiten een ziekenhuis veilig kan worden gegeven. Zo’n omgeving kan voor patiënten gemakkelijker en minder spannend zijn, aldus de auteurs.

Er werden 287 niet-ernstige bijwerkingen gemeld, 164 in de psilocybinegroep en 123 bij de placebo. De meeste waren mild en over voordat de studie eindigde. Vier mensen kregen een ernstige bijwerking, drie op psilocybine en één op placebo. Volgens de onderzoekers hing geen van die vier samen met de stof zelf.

Wat er nog moet gebeuren

Zestig deelnemers is een kleine groep, en de uitkomsten lopen maar tot zes weken. Hoe het daarna gaat, weten we dus niet. Ook varieerde de reactie sterk van persoon tot persoon, en een deel van het verschil tussen de groepen kan aan andere dingen liggen dan de stof. Professor Ben Carter van King’s Clinical Trials Unit wijst erop dat er bevestigende studies nodig zijn om te laten zien of de behandeling werkt en ook de kosten waard is, voordat die in de Britse gezondheidszorg kan worden aangeboden. De auteurs pleiten voor grotere, door de overheid betaalde studies in een buurtomgeving.

Voor de praktijk is vooral de combinatie interessant. Psilocybine werd niet los gegeven, maar met psychologische begeleiding, en beide groepen kregen die ondersteuning. Het effect dat de onderzoekers zagen, komt dus bovenop wat begeleiding alleen al doet. Of de stof zonder die begeleiding ook werkt, is hier niet onderzocht.

Wat dit voor jou betekent

Voor wie zelf met een hardnekkige depressie leeft, is dit een hoopvol bericht, maar nog geen behandeling die je kunt kiezen. De studie vond in een gecontroleerde omgeving, met professionele begeleiding en een zorgvuldig gekozen dosis, een duidelijk effect. Dat zegt niets over zelf experimenteren met paddenstoelen, waarbij je dosis, omgeving en begeleiding niet in de hand hebt. Heb je langdurig last van somberheid, bespreek dan met je huisarts of behandelaar welke opties er zijn.

Meer lezen over dit onderwerp? Bekijk de pagina Entheogene paddenstoelen op Curova. De volledige mededeling van de onderzoekers vind je op de site van King’s College London.

Auteur

Maren de Coster

Gepubliceerd op

14 oktober, 2026

Thema

Entheogene paddenstoelen

Deel dit artikel

Gerelateerde artikelen