Aan het begin van zijn carrière keek hij eigenlijk best behoorlijk kritisch naar de homeopathische geneeskunde. Geheel anders was dat met fytotherapie. De onderliggende principes daarvan snapte Edwin Lipperts heel goed als apotheker. Voor 2011 werkte hij nog in de reguliere branche, maar dat nam niet weg dat deze vorm van geneeskunde eveneens zijn interesse had. Ook was hij al lid van de NVF, de Nederlandse Vereniging voor Fytotherapie. Als zoon van een fruitteler was hij tenslotte opgegroeid in de natuur. Homeopathie vond hij echter van een andere orde. De omslag ontstond toen hij een grote internationale conferentie bijwoonde waar dierenartsen resultaten presenteerden over behandelingen met homeopathie. Die waren heel goed. De bewijzen dat homeopathie echt werkt, waren zo hard dat Lipperts zijn mening op dat moment geheel herzag.
Zijn persoonlijkheid wordt gekenmerkt door een open mind en een oneindige leergierigheid. Die brachten hem na een veelzijdige loopbaan in zijn vakgebied tot de functie van directeur van de NatuurApotheek. En sinds kort is deze samengegaan met de specialist in de bereiding van homeopathische geneesmiddelen: de Hahnemann Apotheek.
Kennishonger
Lipperts begon zijn loopbaan in 1994 bij een reguliere apotheek in Schoonhoven. Daarna werd hij verantwoordelijk apotheker bij Produlab Pharma, een veterinair productiebedrijf in Raamsdonksveer, waar hij de hele productie en het laboratorium van de grond af opzette. Zijn enorme kennishonger spoorde hem aan om steeds meer kennis en ervaring over zijn beroep te vergaren. Om zoveel mogelijk facetten van zijn vak te doorgronden, combineerde hij parttimebanen bij verschillende organisaties. Zo kwam hij bij het Laboratorium der Nederlandse Apothekers van de KNMP terecht, waar hij werkte voor het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen. Hij zette een tijdschrift op voor artsen en apothekers, de Farmacotherapeutische Uittreksel Service (www.fus.nl) dat nog altijd bestaat. In Roosendaal werd hij lid van een maatschap van drie apothekers. Later heette dat Apotheek Roosendaal. Het was een samenwerkingsverband van alle Roosendaalse apotheken.
Levenswerk
Sinds 2013 is hij (fulltime) directeur-eigenaar en beherend apotheker van de NatuurApotheek nadat hij in 2011 in contact was gekomen met de oud-eigenaren ervan, Charles en Nicole Wauters. Zij waren in die tijd op zoek naar een opvolger, omdat ze de pensioenleeftijd waren gepasseerd en hun werk wilden overdragen aan iemand die daarin dezelfde passie zou kunnen en willen leggen als zijzelf. Blijkbaar maakten ze goed gebruik van hun intuïtie toen zij in Lipperts hun gezochte kandidaat herkenden. Want het fytotherapeutische werk en de complementaire geneeskunde gingen helemaal voor hem leven, toen hij kennismaakte met het levenswerk van het echtpaar en hoe zij dat hadden vormgegeven. In 2012 besloot hij zijn deelname aan de maatschap op te zeggen om aan het roer te gaan staan van de NatuurApotheek. In 2013 werd hij officieel directeur.
Hoe ben je erbij gekomen om ook de Hahnemann Apotheek over te nemen? Homeopathie is toch een andere tak van sport dan fytotherapie en orthomoleculaire geneeskunde?
‘Maar wel een tak van sport die in de complementaire wereld ofwel de integrale geneeskunde actief is. Ik was zelf een beetje terughoudend over homeopathie hoewel ik ooit bij een van mijn eerste banen ook homeopathische geneesmiddelen moest laten maken voor de Arabische markt. Daar werden bepaalde homeopathische geneesmiddelen gebruikt voor paarden. En iedere keer weer kwam de verkoper mij laten zien hoe fantastisch goed zijn product het deed en dat zijn omzet weer gestegen was. En dat ik toch echt wel moest gaan geloven in de werking van de homeopathie.’
Jij was betrokken bij de bereiding zelf?
‘Ja. De paarden konden natuurlijk geen subjectieve mening hebben, het werkte of het werkte niet. Ik moest dat wel accepteren, hoewel ik daar nogal kritisch tegenover stond. In de opleiding apotheker en in de opleiding arts krijg je gewoon honderd keer te horen dat homeopathie niet werkt. Het helpt wel, maar het werkt niet. Ik heb die kritische gedachte vroeger altijd wel gehad. Daar is een kentering in gekomen. Wat me opvalt, is dat complementair werkende dierenartsen zowel homeopathie als fytotherapie gebruiken. En mijn ogen gingen echt goed open toen we drie jaar geleden voor de eerste keer deelnamen aan the International Conference of Innovative Veterinary Medicine. Een homeopathisch dierenarts was de organisator van het congres. De hele integrale geneeskunde werd er behandeld. Hij heeft er de term ‘innovatieve’ aan gegeven om te benadrukken dat het niet uitsluitend om de complementaire geneeskunde ging, maar ook om ontwikkelingen in het vakgebied die verder reiken. Ik denk dat hij dat heel goed heeft bedacht. Hij zette dat heel breed neer.’
Het onderzoek
‘Wat me opviel was dat dierenartsen heel goede resultaten bespraken van homeopathische behandelingen. De bewijzen waren ijzersterk. Op beperkte schaal zijn er dubbelblind placebogecontroleerde veterinaire onderzoeken gedaan. Binnen de homeopathie zijn er humaan veel meer dubbelblinde placebogecontroleerde onderzoeken gedaan. Dus het afdoen met placebo-effect houdt geen stand. Veterinair ging het om onderzoeken waarbij bij vijf tot tien patiënten de toediening van een bepaald middel voor een bepaalde aandoening werd onderzocht. Ook in de reguliere wereld is een dergelijke werkwijze een zinvolle eerste verkenning. Op dit moment zetten critici daar vraagtekens bij, maar ik denk dat je daarmee een rem zet op mogelijke toepassingen van andere geneesmiddelen voor nieuwe indicaties. Ik denk dat we er erg in zijn doorgeschoten. Werken met protocollen is op zich prima, maar we zijn daar zo ver in doorgegaan dat we ontwikkelingen hebben vertraagd. In de fytotherapie en de homeopathie werken we niet anders dan iedere dag een nieuw middel toepassen en daarvan de effecten ontdekken en zien. Als het resultaat meerdere malen positief is, vind ik dat je daar best voorzichtige conclusies uit mag trekken.’
Identiek
‘De homeopathie heeft zowel aan de dierenartsenkant als aan de humane kant wat mij betreft wel genoeg bewijs geleverd om aan te tonen dat je de effecten niet kunt afdoen met placebo-effect. Ik denk dat het de belangrijkste conclusie is die ik zelf trek en die ik vijf jaar geleden nog niet kon trekken. In zoverre was ik eigenlijk niet terughoudend toen apotheker Martin Dicke van de Hahnemann Apotheek mij de vraag stelde of ik ervoor voelde om de samenwerking wat intensiever aan te gaan. Sterker nog, om deze apotheek misschien samen te laten gaan met de NatuurApotheek. Dicke is absoluut een pionier in de homeopathiebranche geweest. We hebben alle activiteiten van beide apotheken met elkaar vergeleken en ons afgevraagd hoe we synergie konden bereiken voor de toekomst. Zo kwamen we tot de ontdekking dat de werkprocessen vrijwel identiek zijn. We hebben dezelfde uitdagingen op elk gebied. Natuurlijk zijn er ook verschillen, maar we vullen elkaar goed aan, zowel in- als extern. Intern zijn er overlappingen.’
Opleving
‘We waren uiteindelijk van mening dat het voor de integrale geneeskunde toch een ideale situatie zou zijn als we samen verder zouden kunnen gaan. Dat neemt niet weg dat het een moeilijke wereld is. De integralegeneeskunstwereld is de laatste jaren zo enorm tegengewerkt, met name op het gebied van informatieverstrekking. Het aantal artsen en therapeuten dat met integrale geneeskunst bezig is, daalt misschien wel, wellicht niet in aantal maar wel in de hoeveelheid voorschriften die ze gezamenlijk produceren. Er is een grote oudere generatie die langzaamaan met pensioen gaat en niet altijd een opvolger heeft. Dit proces wordt zowel bij de NatuurApotheek als de Hahnemann Apotheek herkend. Er is nu een hele generatie artsen en therapeuten die de natuurgeneeskunde en de homeopathie niet hebben meegekregen. Wel is er een opleving te bespeuren bij jonge artsen en therapeuten, maar het is de vraag of deze mensen op tijd klaarstaan om die praktijken over te nemen en op dezelfde voet verder te gaan. Dus daar zullen we gezamenlijk onze schouders onder moeten zetten de komende jaren.’
Ja, de homeopathie in Nederland staat echt onder druk…
‘Dat zie je ook bij de natuurgeneeskunde, niet alleen bij de homeopathie. Ik denk dat het goed is als we mogelijkheden zoeken om de wereld van de integrale geneeskunde te verenigen en te versterken. We hebben veel beroepsverenigingen en –vereniginkjes, er zijn ook veel patiëntenvereniginkjes. Maar het ontbreekt aan een organisatie die daadkrachtig deze hele branche vertegenwoordigt en verbindt met alle behandelaars en alle patiënten. Ik denk dat het wenselijk is voor de toekomst. Ook denk ik dat het belangrijk is dat we gezamenlijk meer naar Europa kijken, niet alleen naar Nederland. De NatuurApotheek werkt al voor een groot deel zo. Grote klantengroepen zitten in Duitsland, Oostenrijk en België. Voor de Hahnemann Apotheek geldt dat ook, die leveren onder andere aan patiënten in België, Duitsland en Italië. We zijn tot de conclusie gekomen dat het samengaan in deze fase absoluut een goede situatie zou zijn en dat hebben we beklonken per 1 juli 2018. We zijn één bedrijf geworden en we gaan gezamenlijk verder om de wereld van de integrale geneeskunde maximaal van dienst te zijn. In de toekomst willen we deze wereld daadwerkelijk op de kaart gaan zetten.’
Een homeopaat die in dit NWP-magazine aan het woord komt, Ton Jansen, geeft ook aan dat het in Nederland moeilijker gaat met de homeopathie. De belangstelling hier loopt terug terwijl die in andere landen groeit.
‘Dat klopt. Het heeft alles te maken met hoe BV Nederland en haar overheid naar de gezondheidszorg kijkt. Een deel van de zorg is uitbesteed aan het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en de zorgverzekeraars. Deze organisaties hebben onvoldoende oog voor de werkzaamheid en de positieve effecten van de integrale geneeskunde. Het denken binnen deze organisaties is voornamelijk gericht op kostenbeheersing en niet op klanttevredenheid en doelmatigheid. We zien wel een kentering ontstaan, maar in de praktijk levert het nog niet zoveel op. De feiten zijn dat zorgverzekeraars steeds minder vergoeden voor natuurgeneeskunde en homeopathie vanuit dat denken. Dat leidt er niet toe dat er een vraag naar ontstaat en ook niet dat meer artsen daarover kennis gaan krijgen. Simpelweg omdat dit botst met de behoefte van de patiënt, want die wil iets dat vergoed wordt. Als er minder wordt vergoed, is dat een rem op de beschikbaarheid van die integrale geneeskunde en de kennis daarover.’
Het afgelopen halfjaar is er in de Tweede Kamer discussie ontstaan over leefstijlinterventie. In het regeerakkoord is voor 2019 opgenomen dat gecombineerde leefstijlinterventie deel uit gaat maken van het basispakket. Wat voor kansen biedt die ontwikkeling voor het veld en hoe zouden de NatuurApotheek en de Hahnemann Apotheek daarop kunnen inspelen?
‘Ik denk dat dit veel mogelijkheden biedt. Er is in elk geval wel inzicht gekomen dat er meer is dan alleen de reguliere geneeskunde. Dat is winst. Er zijn veel geluiden dat er in Nederland zo weinig beschikbaar is wat integrale geneeskunde betreft. Ik denk dat de leefstijlinterventiespecialist een manier is om een deel van die integrale geneeskunde langzaam maar zeker meer input te geven en op de kaart te zetten. En waarschijnlijk hebben ze ook die naam gekozen om niet direct tegen het zere been te schoppen; het is min of meer een politiek correcte naam waarmee je alle kanten op kunt. Je kunt natuurgeneeskunde en homeopathie onder dit begrip scharen en er zo iets mee gaan doen. Wel moet ik nog maar zien in hoeverre zorgverzekeraars iets gaan vergoeden, daarvoor zal nodig zijn dat er data komen over kostenbesparingen met de integrale aanpak. Het is in elk geval een positief voornemen en het leeft. Ik denk dat de hele orthomoleculaire geneeskunde toch ook aardig op de kaart is gezet de afgelopen jaren. Als je kijkt naar de verschillende takken van sport van de integrale geneeskunde, is, denk ik, deze wel het hardst gegroeid. Misschien heeft de politiek dat niet altijd als prettig ervaren. Natuurlijk heeft die ook de behoefte om het kaf van het koren te scheiden. Productenleveranciers willen natuurlijk zoveel mogelijk verkopen en er alles aan doen om via hun eigen cursussen vooral therapeuten en artsen op het spoor van hun eigen producten te zetten. Dat is natuurlijk compleet niet de weg die we op moeten gaan. Het is een niet-onafhankelijke situatie en werkt op dezelfde manier als de farmaceutische industrie. Daarom denk ik dat het belangrijk is dat er onafhankelijke cursussen komen, die geen lijntjes hebben met welke leverancier of fabrikant dan ook. De NatuurApotheek en de Hahnemann Apotheek willen zich daar hard voor maken. Sterker nog, een dergelijke cursus is al in ontwikkeling.’
Op papier
‘De welbekende orthomoleculair arts dr. Valstar is bezig zijn wetenschappelijke kennis op papier te zetten zodat er voor vele medische indicaties behandelprotocollen met voedingssupplementen beschikbaar komen, die niet afhankelijk zijn van een fabrikant of leverancier. Hij doet dat samen met zijn netwerk van andere artsen en collega’s die eraan meeschrijven en -werken. Voor 2019 verwachten we al dat het eerste deel van deze cursus beschikbaar gaat komen. Ook interacties tussen synthetische geneesmiddelen en orthomoleculaire stoffen gaan daarbij uitgebreid aan bod komen. En ik heb goede hoop dat we met elkaar daar inhoudelijk meters mee gaan maken.’
