De CPSS-methode

De CPSS-methode is een voorbeeld van hoe de samenwerking tussen reguliere en complementaire gezondheidszorg eruit kan zien bij cliënten met het chronisch pijnsyndroom en stress.

Door: Hilda Gijsen en Yvonne Zoetigheid

De CPSS-methode is een voorbeeld van hoe de samenwerking tussen reguliere en complementaire gezondheidszorg eruit kan zien bij cliënten met het chronisch pijnsyndroom en stress, afgekort CPSS. In dit artikel een toelichting op de CPSS-methode.

CPSS, het chronisch pijnsyndroom en stress
Pijn is voor iedereen verschillend want ieder mens is uniek. “Pijn is wat de cliënt zegt dat het is en treedt op wanneer de cliënt zegt dat het optreedt.” (McCaffery, 1989) Er bestaan verschillende typen pijn zoals acute pijn en chronische pijn. Chronische pijn is pijn die langer dan 3-6 maanden (afhankelijk van de oorzaak en de behandeling) aanhoudt. Chronische pijn ontstaat door sensitisatie (overgevoeligheid) van het perifere en centrale zenuwstelsel in combinatie met psychische en sociale veranderingen die elkaar beïnvloeden. Uit fysiologisch onderzoek in de hersenen blijkt tevens dat delen van het limbisch systeem zijn geactiveerd bij chronische pijn. In het kort gezegd: het lichaam maakt stresshormonen aan. Stresshormonen als adrenaline, noradrenaline en cortisol jagen het lichaam aan en plegen roofbouw op het lichaam. Omgekeerd veroorzaakt stress een hogere gevoeligheid voor pijn. Beide beïnvloeden elkaar en de behandeling moet dus gericht zijn op chronische pijn en stress!

De gevolgen van chronische pijn en stress zijn enorm, zowel op lichamelijk, geestelijk, gedragsmatig als sociaal gebied. Lichamelijke klachten zijn bijvoorbeeld verhoogde bloeddruk, verhoogde spierspanning, verstoorde ademhaling, spijsverteringsproblemen en toenemende moeheid. Geestelijk maakt dat het zoeken naar de oorzaak en de controleerbaarheid van de klachten onzekerheid geeft over de toekomst met als gevolg depressieve gevoelens, concentratiestoornissen en acceptatieproblemen. Het verwerken van primaire en secundaire traumatische ervaringen die de oorzaak zijn van de pijn en de stress, speelt een grote rol. Gedragsmatig wordt pijngedrag gezien, als het vermijden of juist overrulen van de pijn. Grenzen worden niet of juist te veel gesteld. Pijnmedicatie wordt onjuist gebruikt. Overmatig eten en drinken wordt ook gezien ter compensatie van het voelen van de pijn en de stress. Sociaal gezien hebben chronische pijn en stress enorme invloed op de omgeving van de cliënt: diens partner, gezin, familie, werk en hobby’s. Naast de wissel die het trekt, kunnen vergoeding van letselschade en zorgen om inkomen spelen.

Het bio-psycho-sociale model (BPS-model); integraal werken
Uit bovenstaande blijkt duidelijk dat chronische pijn en stress niet kunnen worden gezien als slechts een fysiek proces, maar als het gevolg van een complexe interactie tussen biologische, psychologische en sociale factoren. Alle factoren beïnvloeden elkaar en verdienen alle aandacht tijdens de behandeling en de begeleiding. Het vroegere dualistisch medisch denken, waarbij men de klacht ofwel somatisch ofwel psychisch bejegende en behandelde, is achterhaald. Meer en meer hanteert men nu een multicausaal denken, een model waarbij zowel biologische, psychologische als sociale componenten gezien worden als factoren die een ziekteproces meebepalen, en die voortdurend op elkaar inspelen en in interactie zijn met elkaar. Ook factoren uit een ver verleden kunnen bij de cliënt weer een rol spelen door het ‘geheugen’ van het lichaam en de geest. Ook wordt de meerwaarde van complementaire behandelmethoden erkend. Deze nieuwe benadering vraagt van alle behandelaren en therapeuten dat zij inzien, dat de cliënt gebaat is bij een integrale manier van behandelen, samen willen werken (een netwerk vormen) en goed met elkaar kunnen communiceren. Elkaars (vak)taal leren verstaan en begrijpen is hierbij nodig.

Hoe kunnen wij interdisciplinair samenwerken?
De CPSS-methode is een methode waarin reguliere en complementair werkende behandelaars op het gebied van chronische pijn en stress, nauw met elkaar samenwerken in een kortdurend behandelplan. De cliënt staat centraal. Het behandelplan wordt samen met de cliënt opgesteld. Het behandelplan is opgebouwd uit drie fasen. Elke fase kan ingevuld worden door complementaire en reguliere behandelaars. Zij zetten hun eigen expertise in en werken nauw met elkaar samen aan hetzelfde behandelplan.

In de eerste fase worden de diagnose en de behandeling van chronische pijn en stress vastgesteld. Samen met de cliënt wordt het behandelplan opgesteld en wordt de cliënt gestimuleerd en gerespecteerd in het bepalen van de behandelaars die een bijdrage kunnen leveren. De zorgverzekering, de mate van aanvullende verzekering en de financiële mogelijkheden om bijvoorbeeld de bijdrage aan de complementaire zorg te betalen, hebben een invloed op de keuze(mogelijkheden). Artsen (huisartsen, (pijn)specialisten) stellen diagnose(s) middels onderzoek. Vervolgens wordt gekeken naar reguliere en complementaire behandelmethoden. Tegelijk wordt ook een anamnese afgenomen om de psychosociale zorg vast te stellen. Diagnostische vragenlijsten als bijvoorbeeld de vierdimensionale klachtenlijst (4 DKL) en de Pijn Cognitie en Coping Lijst (PCCL) kunnen worden gebruikt ter ondersteuning. In de eerste fase vindt psycho-educatie plaats waarin uitleg wordt gegeven over chronische pijn en stress en het belang van therapietrouw. Herstel van de neurohormonale balans krijgt veel aandacht middels leefstijladviezen, dagstructuur, een activiteitenplan en ontspanningsmethoden. Eye Movement Desensitization & Reprocessing (EMDR) wordt ingezet op de chronische pijn én de stress(oorzaken) zoals onverwerkte trauma’s. Dit beïnvloedt positief het herstel van de neurohormonale balans.

In de tweede fase vindt de zogenaamde “reorganisatie van de binnenwereld” plaats. Cognitieve gedragstherapie op kerncognities (“ik ben niets meer waard”) of niet-helpende cognities (“ik moet alles doen om pijn te voorkomen”, “ik kan het niet aan”) vindt plaats. Het aanleren van gezond pijngedrag en het vermijden van ziek pijngedrag zijn onderdeel van het vervolg van de psycho-educatie. In deze fase wordt de fysieke en mentale weerbaarheid vergroot, bijvoorbeeld door inzichtgevende en conditievergrotende sportactiviteiten. De cliënt wordt gestimuleerd om hobby’s, contacten met familie en vrienden weer op te pakken als deze door de CPSS werden verwaarloosd.

In de derde fase is aandacht voor de reorganisatie van de buitenwereld. De cliënt wordt gestimuleerd om de rol binnen het gezin te vervullen zoals hij/zij deze voor ogen heeft. Dit kan ook het (weer) uitvoeren van huishoudelijke taken zijn. Reïntegratie naar (aangepast) werk, begeleiding bij een eventuele letselschadeprocedure en budgetcoaching kunnen onderdeel zijn, als er financiële problemen zijn (ontstaan) door veranderingen in het inkomen door gehele of gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid. Begeleiding naar ander werk is tevens mogelijk.

Een casemanager
Om de zorg goed op elkaar af te stemmen en de continuïteit te bewaken, heeft de cliënt een casemanager, de zogenaamde CPSS-coach. Deze CPSS-coach is onderdeel van het behandelteam en is vaak diegene die een belangrijk deel van het behandelplan uitvoert. Denk hierbij aan de psychosociaal therapeut of de fysiotherapeut.

Elektronisch zorgdossier en het cliëntenwerkboek
Er wordt gerapporteerd in een elektronisch zorgdossier, zodat iedere behandelaar in het behandelteam op de hoogte is van de ontwikkelingen ten aanzien van het behandelplan. De cliënt werkt met behulp van een cliëntenwerkboek aan het programma, met bijvoorbeeld het lezen van literatuur, en oefeningen (fysiek, mentaal en sociaal gericht) om de zelfstandigheid en het mogelijke herstel te bevorderen.

Een praktijkcasus
Mevr. H, alleenstaande moeder van drie kleine kinderen, heeft een jaar geleden in een kledingwinkel een val gemaakt. Haar rechtersleutelbeen was gebroken en haar rechterschouderkop verbrijzeld. Het herstel van de schouderkop is niet optimaal verlopen en mevrouw heeft last van chronische pijn, kan haar werk als caissière in een supermarkt niet meer uitvoeren en loopt in de ziektewet. Thuis kan zij haar huishouden moeizaam doen en de zorg voor haar kleine kinderen is zwaar. Het CPSS-behandelplan bestond uit de volgende acties: de pijnspecialist schreef mevrouw pijnmedicatie voor. De fysiotherapeut begeleidde mevrouw bij een oefenprogramma voor de nek- en schouderproblemen en een acupuncturist verbeterde de doorbloeding van de nek en de schouder. De psychosociaal therapeut en EMDR-practitioner functioneerde als casemanager en behandelteamlid. Zij zette EMDR in op de chronische pijn en de trauma’s rondom de val, de ziekenhuisopname, de stress rondom de zorg voor haar kinderen. De psychosociaal therapeut verzorgde tevens de psycho-educatie, cognitieve gedragstherapie en de andere elementen uit de beschreven derde fase. De arbo-deskundige is met mevrouw gaan onderzoeken welk werk zij zou kunnen doen. Resultaat na twee maanden was dat mevrouw aangaf minder pijn te voelen, beter haar schouder kon gebruiken en de zorg voor kinderen en huishouden weer aan kon. Zij kreeg daarbij hulp van haar moeder en twee vriendinnen. Zij heeft haar hobby hardlopen ook weer opgepakt. Zij is binnen het bedrijf met behulp van de arbo-deskundige op zoek gegaan naar ander werk en ze heeft dat gevonden. Zij werkt nu als verkoopmedewerker op de plantenafdeling.

Kortom
De CPSS-methode draagt bij aan verbetering van de zorgverlening aan cliënten met het chronisch pijnsyndroom en stress, waardoor de kwaliteit van leven van de cliënten wordt vergroot.

Meer weten over de CPSS-methode en/of wilt u leren deze methode in uw praktijk toe te passen? Kijk dan op de website van het CPSS-Centrum: www.cpsscentrum.nl. Hilda Gijsen en Yvonne Zoetigheid zijn bestuursleden van het CPSS-centrum (opgericht in 2009). Beiden hebben een verpleegkundige achtergrond, zijn psychosociaal therapeut, EMDR-master-practitioner i.o. en CPSS-coaches.

Toepassing van de CPSS-methode in de praktijk

De CPSS-methode biedt zorgverleners een concreet handvat om reguliere en complementaire zorg goed op elkaar af te stemmen. Door de CPSS-methode toe te passen, kunnen cliënten met chronische pijn en stress beter geholpen worden. Lees ook andere artikelen op curova.nl of meer achtergrond via Wikipedia.

Auteur

Redactie PSC magazine

Redactie PSC Magazine

Gepubliceerd op

20 augustus, 2026

Thema

PSC Magazine 2014

Deel dit artikel

Gerelateerde artikelen