Ondernemerschap in de zorg: het verhaal van een docent/ondernemer

Henny van Lienden deelt zeven lessen uit 25 jaar ondernemen in de zorg: van het eerste idee tot doorzettingsvermogen en uitdrukking geven aan wat voor jou van belang is.

Ondernemerschap in de zorg: een persoonlijk verhaal

Door: Henny van Lienden

Meer verhalen over loopbaan en ontwikkeling in de zorgsector lees je in ons magazine-archief. Achtergrondinformatie over ondernemen in de zorg is ook te vinden bij de Kamer van Koophandel.

Toen de redactie van PSC Magazine mij benaderde met de vraag of ik een artikel wilde schrijven over “Ondernemerschap in de zorg”, heb ik meteen “ja” gezegd. Ik had er immers een boek over geschreven. Vervolgens heb ik mij de vraag gesteld: wat wil ik dan precies zeggen en wat ga ik schrijven voor de lezer van PSC Magazine? Wat wil ik kwijt over ondernemerschap en wat ga ik de lezer adviseren?

Wanneer ben ik zelf eigenlijk ondernemer geworden? Dat was in 1995 toen ik mijn eerste boek had geschreven: “Werken met een budget”. Ik werkte toen als docent economie en sociologie aan de opleidingen Verpleegkunde aan de Hogeschool Utrecht. Ik had het idee dat ik met dat boek ook buiten de Hogeschool interessante klussen zou kunnen doen. Begin jaren negentig was immers de budgettering in opkomst en inderdaad heb ik jarenlang op veel plaatsen lesgegeven over budgettering en er adviezen over gegeven. Het boek heeft me veel opgeleverd: leuke contacten, ideeën en bevrediging. Ook in financieel leverde het wat op, omdat het boek redelijk tot goed werd verkocht. Het leverde in de zorgwereld ook de nodige bekendheid op. Als ik ergens kwam, werd ik regelmatig herkend aan mijn naam: “O ja, die meneer van dat boek!” Zo ben ik ondernemer geworden.

Dus ondernemerschap begint vaak met een idee. Dat is punt 1. Toen ik begon als docent economie en sociologie aan een opleiding verpleegkunde, merkte ik dat economisch denken helemaal geen vanzelfsprekendheid was. Een van de veelgehoorde opvattingen die ik hoorde was, dat het in de zorg over de patiënt hoorde te gaan en niet over geld. Als het over geld zou gaan, zou het niet meer over de patiënt gaan en dat was niet bespreekbaar. Dus ik heb in de eerste jaren van mijn docentschap regelmatig te horen gekregen: “Meneer Van Lienden, u bent vast een intelligente man, maar wat u te vertellen heeft, hoeven wij niet te weten.” En dan draaiden de studenten zich om om met hun buurvrouwen te gaan kletsen. Hoezeer ik ook met de dames kon sympathiseren – inderdaad is men in de verpleegkunde niet ieder moment van de dag bezig met kosten en opbrengsten – toch was ik van mening dat een zekere vorm van economisch denken ook binnen de zorg nodig is. En dat is de laatste jaren wel duidelijk geworden. Mijn idee was, dat het mogelijk moest zijn om op een zinnige manier over de inhoud van zorg te spreken en schrijven en tegelijk goed te kijken naar de financiële consequenties. Nadenken over wat goede zorg is – kwaliteit leveren of Value for money in meer economische termen – is immers bij uitstek ook een economisch onderwerp. Maar het nadenken over de inhoud van zorg en over de kosten waren in die tijd volkomen gescheiden werelden en pas de laatste jaren is dat echt aan het veranderen. Overigens heb ik sterk de indruk dat het nu veel te vaak alleen maar over de kosten gaat en te weinig over de inhoud. Toch is het nog steeds mijn uitgangspunt: zorginhoud, kwaliteit en geldkwesties horen bij elkaar en die moet je niet gescheiden van elkaar behandelen. Dat was mijn idee en dat heb ik altijd overal uitgedragen.

Mijn boek was een van de eerste boeken waarin op een leesbare manier werd geschreven over zorg en de daarmee verband houdende financiële kwesties. Dat sommige hoogleraren opmerkten dat mijn boek “geen economie” was, heb ik altijd voor kennisgeving aangenomen. Ik hoorde elders van mijn studenten dat zij “economie” niet begrepen, maar dat ze wel begrepen wat ik vertelde en schreef. Dat was ook economie, maar blijkbaar was dat wel begrijpelijk. Dat is het tweede wat ik over ondernemerschap wil opmerken. Zorg dat je goed weet wie je klanten zijn en wat je ze wilt bieden. Zou ik hoogleraren als klant hebben gehad, dan zou ik nu niet aan de 5e druk van het boek toe zijn. Ik ben altijd geïnteresseerd geweest in tevreden studenten en tevreden cursisten en wat (hooggeleerde) anderen daarvan vonden, liet ik links liggen. Punt 3 is dus: luister goed naar alle feedback, gebruik wat je kunt gebruiken, maar blijf vooral je eigen gang gaan.

Later werd ‘ondernemerschap’ een item. Dat was logisch gezien de steeds nadrukkelijkere invoering van de marktwerking in de zorg. Iets wat vele jaren verboden was, concurrentie en daarmee ondernemerschap, werd nu opeens verplicht. En ook daarover heb ik vele lessen en cursussen gegeven en geadviseerd. Een boek over het onderwerp was logisch. Eerst heb ik een uitwerking gemaakt van een verhaal over het ondernemingsplan dat ik bij de Kamer van Koophandel had gevonden. Later heb ik met een medeauteur een heel nieuw concept bedacht om ‘ondernemerschap in de zorg’ te beschrijven en dat hebben we in het boek ook vormgegeven. Creativiteit en innovatie zijn daarmee punt 4: wees niet bang om nieuwe dingen te gaan doen, wees niet bang om nieuwe bruggen te slaan. Natuurlijk is de zorg een sector die dichtgetimmerd is met wetgeving (WGBO, Wet BIG, Kwaliteitswet) en protocollen. Maar je mag altijd nieuwe dingen doen, zolang je voldoende bekwaamheid hebt op het vakgebied waar je actief bent (‘bekwaam is bevoegd’, immers). Waarom zou je jezelf tegenhouden? Er zijn altijd nieuwe dingen te bedenken, nieuwe bruggen te slaan, nieuwe mensen te vinden om mee aan het werk te gaan. Zo heb ik ook altijd gewerkt. Soms krijg je tegenwerking, ontmoet je weerstand, of erger, niet alles lukt.

Zowel in de zorg als binnen het onderwijs is er veel bureaucratie; er zijn veel mensen die hoger in de hiërarchie staan dan jij. Maar die mensen hebben vaak geen idee van de kwaliteit van de ideeën waarmee je komt. Ze hebben geen idee dat zorg en onderwijs vaak veel beter kunnen als je maar een beetje luistert naar je ondergeschikten. Dus werken in het onderwijs en in de zorg kan frustrerend zijn en het kan daarom in een aantal gevallen een zinnige optie zijn om voor jezelf te beginnen. Ik heb werken binnen een grote organisatie altijd gecombineerd met werken als zelfstandige. Dat was leuk en tegelijk ook vermoeiend. Maar wel is het mij altijd gelukt om mijn idee overeind te houden. Mijn idee was altijd om op een zinnige manier met zorgkwesties en met de financiële gevolgen bezig te zijn en die onderwerpen op een goede manier aan elkaar te knopen. Ik doe dat al 25 jaar en nog steeds is dat iedere dag een zeer plezierige bezigheid. Nog steeds leer ik iedere dag bij.

Natuurlijk, ik had in dit artikel de mogelijkheid om uitgebreid aandacht te besteden aan mijn eigen boek, maar ik heb dat niet gedaan. Maar de lezer van dit artikel heeft mijn boek ook in strikte zin niet nodig. Ik ben veel ondernemers binnen en buiten de zorg tegengekomen, die zonder kennis van ondernemerschap gewoon maar waren begonnen. Mensen die niet wisten dat over ‘ondernemerschap in de zorg’ boeken waren geschreven. Dat waren mensen die ik leerde kennen als mensen met een sterk vermogen om naar hun omgeving te kijken, mensen die goed in de gaten hadden wat er overal speelde, die wisten hoe ze nieuwe ontwikkelingen konden voorzien en daarop in konden spelen. En natuurlijk hadden die mensen een vastberadenheid om te bereiken wat ze wilden bereiken. Vooruit kunnen kijken en doorzettingsvermogen zijn daarmee punt 5 en 6.

En dan kom ik op het belangrijkste: ondernemerschap – en dat geldt voor alle ondernemers of je nu in de zorg werkt of elders – geeft je een geweldige mogelijkheid om uitdrukking te geven aan wat voor jou van belang is. Het geeft je een mogelijkheid om te zijn wie je eigenlijk wilt zijn. Of om een mooie metafoor te gebruiken, zoals Antoine de Saint Exupéry het schreef: “Als je een schip wilt bouwen, roep dan geen mannen bij elkaar om hout te verzamelen, het werk te verdelen en orders te geven. In plaats daarvan, leer ze verlangen naar de enorme eindeloze zee.” Kortom: als je bezig bent om datgene te doen wat je ten diepste graag wilt, kun je vrijwel alles leren. Dat is punt 7.

De zeven punten bekijkend vind ik mezelf wel een ondernemer. Ik ben niet een ideale ondernemer. Zo zijn er regelmatig dingen gebeurd, waarvan ik achteraf dacht: dat ga ik de volgende keer toch anders aanpakken. Maar ik vind mezelf een ondernemer omdat ik steeds gedaan heb wat ik belangrijk vind en naar manieren heb gezocht om uitdrukking te geven aan wat voor mij waarde heeft. En ik hoop daarmee nog lang door te gaan.

Henny van Lienden is eigenaar van Bureau van Lienden. Hij geeft cursussen, advies en coaching op het gebied van ondernemerschap in de zorg. Fameus is zijn aanbod: een Ondernemingsplan in één dag. Sinds kort is hij ook NLP-coach. www.hennyvanlienden.nl

Auteur

Henny van Lienden

Gepubliceerd op

20 augustus, 2026

Thema

PSC Magazine 2014

Deel dit artikel

Gerelateerde artikelen