Natuurtrauma overleven

Een fragment uit Herstellen van planeetpijn over hoe je natuurtrauma's kunt herkennen en verwerken.

Instinctieve overlevingsacties

Onze reacties op trauma, op iets wat ons overspoelt, zijn instinctief. We denken niet rustig na over de juiste reactie, we kiezen niet hoe we reageren. Onze overlevingsreacties zijn reflexmatig. In een bedreigende situatie doen we wat ons instinct ons op dat moment ingeeft: flight (vluchten), fight (vechten), freeze (bevriezen) of fragment (opsplitsen).

Lottes mama en zusje zitten in de flight: ze willen niet bezig zijn met natuurpijn, ze ontkennen het of leven erlangs door druk, druk, druk te doen. Ze weigeren zich af te vragen wat de klimaatcrisis bij hen oproept. Lottes vriendin Karen zit in de fight: samen met de activisten van Extinction Rebellion vecht ze voor het milieu, het leven en de planeet. Als vluchten of vechten niet mogelijk is, bevriezen we, gevangen in machteloosheid. Of we splitsen ons op, stoppen een deel van ons weg. Dat noemen we fragmenteren.

Lotte zit in de freeze: ze is als bevroren, zowel op het moment dat ze het rapport las, als nadien op de sofa. Ze voelt zich zo machteloos dat ze niet meer in staat is iets te doen, ze zit daar maar.

Karel zit in de fragment: hij heeft zijn verdriet weggestopt. In een kluis, afgesneden van zichzelf, om zichzelf en zijn familie te beschermen. Hij splitst zichzelf op om te kunnen blijven functioneren.

Belangrijk: oordeel niet over deze reacties, het zijn automatische, instinctieve reacties.

Lotte zit nu al enige tijd vast in de freeze en beseft dat het zo niet verder kan. Ze gaat op zoek naar hulp.

De zoektocht

Ik heb afgesproken met een vriendin: Vera, ze is net afgestudeerd als psychologe. ‘Mag ik je iets vragen? Ik maak me echt zorgen om het leven op aarde sinds ik dat biodiversiteitsrapport gelezen heb. Echt grote zorgen, ook over de toekomst van onze kinderen. Ik huil vaak. Ik functioneer niet meer zoals voorheen. Ik denk dat ik hulp nodig heb.’ ‘Oh, ja,’ antwoordt Vera, ‘dat is moeilijk. Ik zou wat minder nieuws lezen als ik jou was. Van nieuws word je alleen maar angstiger. Soms is het beter niet te veel te weten.’

Pfff… wat een afknapper. Ik ga maar snel weer naar huis.

Korte tijd later stel ik dezelfde vraag aan een meer ervaren therapeute. Zij zal toch wel een minder vrijblijvend antwoord hebben? Therapeute: ‘Vertel me er wat meer over…’ Ik vertel, maar het voelt niet goed: de therapeute lijkt niet echt te luisteren, ze vraagt naar mijn geboorte, mijn jeugd, mijn gezin van herkomst. Op het einde van de sessie lijkt het duidelijk: mijn eerste dagen op deze planeet, moederziel alleen in een ziekenhuisbedje na een keizersnede, hebben mijn freeze-overlevingsreactie gevormd. Vervolgens ben ik opgegroeid als het groene schaap in een lieve, maar niet bijzonder alternatieve familie, en voelde me dus ook alleen in mijn ‘groene struggle’. En ook nu nog, altijd weer en overal — altijd als ik me in een crisis bevind, voel ik me alleen en hulpeloos.

Dat mag allemaal misschien wel waar zijn, het is niet de essentie van mijn probleem, het klopt niet. Immers, als ik klimaatangst zeg, hoort de therapeute ‘angst’. Als ik praat over zorgen over cijfers en feiten, hoort de therapeute enkel ‘zorgen’, de cijfers en feiten lijken voor haar faits divers, subjectieve gegevens. Dat deel van mijn verhaal doet er niet toe. Ik voel me zelfs niet half begrepen.

Pfff…

Laatste poging: een afspraak bij een succesvolle psychiater, die bovendien actief is in de klimaatbeweging. Eindelijk, denk ik, eindelijk iemand die me zal begrijpen, iemand aan wie ik de cijfers niet hoef uit te leggen, iemand die met natuurtrauma vertrouwd is, iemand die weet wat hij daarmee aan moet. ‘Goh,’ zegt de psychiater, ‘ik weet het ook niet hoor, hoe je van dat verdriet afraakt…’ Hij zakt weg in zijn fauteuil, mompelt dat we inderdaad niets opschieten met alleen demonstreren en de verwarming naar beneden draaien. Hulpverlening bij natuurtrauma? Daar zijn nog geen studies over. Dat is onbekend terrein. Daar is hij niet in opgeleid… ‘Houd me op de hoogte van de boeken die je leest,’ roept hij me na als ik vertrek, ‘misschien leer ik wel meer van jou dan jij van mij.’

Drie keer Pfff is wel voldoende. Ik ga elders zoeken, struin het internet af. Vind weinig. Erg weinig.

Tot die ene dag.

‘As we work to heal the earth, the earth heals us.’ — Deze zin lees ik plots ergens online.

De zin raakt mij, ik lees hem nog eens. En nog eens. Ik zoek het boek op waaruit het citaat komt: Een vlecht van heilig gras van Robin Wall Kimmerer. Ik bestel het. Het is een mooi boek, triest maar prachtig. Het troost mij en wel hierom: de auteur is even verdrietig als ik over natuurverlies. Meer nog, zij vindt dat verdriet vanzelfsprekend. Wij zijn immers verbonden met en deel van de natuur. Ik ben niet langer alleen. Ook daar moet ik van huilen.

Erkenning is de eerste stap

Pas als je je écht begrepen voelt, ben je klaar om naar oplossingen te zoeken en hulp te aanvaarden. Zonder erkenning voel je je eenzaam. Erkenning is de eerste stap naar verbinding, naar medemenselijkheid.

Dat Lotte tijdens het familiebezoek geen erkenning voelde, maakte haar eenzaamheid en de kloof tussen haar en haar familie alleen maar groter.

Ook bij de eerste twee therapeuten vond Lotte geen erkenning: ze gingen te snel op zoek naar oplossingen.

Bij de psychiater ervaart Lotte wel erkenning, maar geen antwoord op haar hulpvraag. Een professioneler antwoord van de psychiater had kunnen zijn: ‘Ik weet het ook niet, maar ik zoek het samen uit met jou.’

Erkenning geven aan jezelf betekent toegeven en aanvaarden dat je pijn en verdriet hebt, jezelf daar niet op veroordelen. Luisteren naar je behoeften en proberen er een antwoord op te geven. Bijvoorbeeld: ‘Ik lijd aan natuurtrauma, ik voel me vreselijk verdrietig daardoor en heb mensen rond me nodig die dat begrijpen en mij kunnen helpen.’ Voor Lotte was deze weg hobbelig en lang.

Erkenning geven aan iemand anders betekent empathisch luisteren, in- en meevoelen. Proberen te begrijpen wat iemand denkt en voelt zonder dat op jezelf te betrekken. Bijvoorbeeld: ‘Ik hoor dat je echt vreselijk verdrietig bent, ik vind het zo erg dat je je zo ongelukkig voelt.’

Empathisch luisteren is niets meer dan écht luisteren.

Tip: herhaal wat de ander zegt, in zijn of haar woorden. Dat helpt jou om te begrijpen en de ander om zich begrepen te voelen.

Niet doen: kritiek of commentaar geven, interpreteren, veroordelen en oplossingen aanreiken. Je hoeft niet hetzelfde te voelen om meevoelend te zijn. Je hoeft niet akkoord te zijn om iemand te begrijpen.

Voorlopig onthouden we: met rouw en trauma aan de slag gaan begint met het erkennen van het verlies, het verdriet en de pijn die met natuurtrauma gepaard gaan.

Over het boek

Dit artikel is een fragment uit Herstellen van planeetpijn: troost en veerkracht bij natuurtrauma, van Lara Schmelzeisen, Ybe Casteleyn & Jill Marchant (www.samsarabooks.com, www.planeetpijn.nl).

Lara Schmelzeisen is facilitator, rouw- en ritueelbegeleidster. Het boek is voorzien van gedichten van Jill Marchant en theoretische intermezzo’s van Ybe Casteleyn, expert in trauma en traumatische rouw en schrijfster van Sterker worden waar het pijn doet.

Hoe kan kennis over trauma en rouw ons helpen om met de huidige ecologische crisissen om te gaan? Deze vraag ligt aan de basis van dit boek. Zonder zich te verliezen in de schuldvraag en het cynisme die het debat vaak overheersen, gaan de auteurs op zoek naar een verbindende manier om het gesprek aan te gaan. Het resultaat is een eigentijdse kijk op ‘natuurtrauma’ en moeilijke thema’s als klimaatangst en ecoschaamte.

Auteur

Rick

Gepubliceerd op

16 augustus, 2026

Thema

TCC Magazine 2024

Tags

Deel dit artikel

Gerelateerde artikelen