Samenvatting
Therapie draait vaak vanzelfsprekend om wat er niet goed gaat: klachten, problemen, dingen die opgelost moeten worden. Dat is begrijpelijk, maar het risico is dat cliënten zichzelf uiteindelijk vooral leren zien als een optelsom van tekortkomingen. Tekentherapie vanuit een positief-psychologische invalshoek kiest een andere focus: wat is er al aan kracht, veerkracht en hulpbronnen aanwezig, en hoe kan dat zichtbaar en bruikbaar worden gemaakt in het beeldend werk.
Dit artikel laat zien hoe die andere focus in de praktijk vorm krijgt: van het doorbreken van een uitsluitend probleemgerichte blik, via het in kaart brengen van hulpbronnen en het inkleuren van dankbaarheid, tot het tekenen van toekomstbeelden die richting geven. Ook komt aan bod hoe deze aanpak oppervlakkigheid vermijdt, en binnen welk professioneel kader ze het beste werkt.
Voorbij het probleemverhaal
Veel cliënten komen binnen met een verhaal dat vooral bestaat uit wat er misgaat: de klacht, de crisis, de dingen die niet lukken. Dat verhaal is reëel en verdient aandacht, maar wanneer het het enige verhaal wordt, versmalt het zelfbeeld tot een lijst van problemen. Tekentherapie vanuit positieve psychologie stelt daar bewust een andere vraag tegenover: wat is er, naast de moeite, ook aanwezig aan kwaliteiten, momenten van plezier of dingen die wél lukken, ook al lijken die klein.
Dat is geen kwestie van problemen wegpoetsen of doen alsof alles goed gaat. Het probleemverhaal blijft bestaan, maar krijgt gezelschap van een ander verhaal dat er evengoed is, en dat in gesprekstherapie soms ondersneeuwt. Een cliënt die naast een tekening van de klacht ook een tekening maakt van iets waar hij trots op is of goed in is, ervaart zichzelf meteen als iemand met meer dan één kant. Die verbreding is op zichzelf al een therapeutische beweging, nog voordat er verder wordt gewerkt.
De hulpbronnenkaart
De hulpbronnenkaart is een tekenopdracht waarin cliënten in kaart brengen waar ze in moeilijke periodes op kunnen terugvallen: mensen, plekken, activiteiten, herinneringen, eigenschappen. In plaats van een lineaire lijst wordt dit vaak als een soort netwerk of landschap getekend, met de cliënt in het midden en de hulpbronnen daaromheen verspreid, dichterbij of verder weg naar gelang hun betekenis. Dat ruimtelijke beeld maakt in één oogopslag zichtbaar hoeveel — of hoe weinig — er op dit moment voorhanden is.
Voor cliënten die zich geïsoleerd of hulpeloos voelen, is het maken van deze kaart soms een eyeopener: ook wie zich leeg voelt, blijkt bij het tekenen toch een paar mensen, gewoontes of plekken te kunnen benoemen die steun bieden. Voor anderen wordt juist zichtbaar hoe smal hun netwerk is, wat een aanknopingspunt biedt om daaraan te werken. De kaart kan bovendien terugkerend worden ingezet: bijgewerkt na verloop van tijd, laat ze zien of het netwerk van hulpbronnen is gegroeid of juist is afgekalfd.
Dankbaarheid krijgt kleur
Dankbaarheid is een van de beter onderzochte onderwerpen binnen de positieve psychologie: aandacht besteden aan wat goed gaat, hangt samen met meer welbevinden en veerkracht. In tekentherapie wordt dat niet beperkt tot het opschrijven van een lijstje, maar krijgt het visuele vorm — een kleine, dagelijkse tekening van iets waar iemand dankbaar voor is, of een verzamelblad waarop meerdere van die momenten samenkomen. Het beeldende maakt de oefening minder plichtmatig dan het vaak wordt ervaren wanneer het puur tekstueel blijft.
Belangrijk is dat dankbaarheid hier niet wordt opgelegd als verplichting om altijd positief te zijn. De opdracht werkt het best wanneer ze klein en concreet blijft — een kop koffie, een gesprek, een moment van rust — in plaats van grote, abstracte thema’s die moeilijk te tekenen zijn en al snel geforceerd aanvoelen. Cliënten die worstelen met somberte merken soms dat juist deze kleine, concrete momenten makkelijker te vinden zijn dan grote gebaren van dankbaarheid, en dat maakt de oefening haalbaar in plaats van ontmoedigend.
Toekomstbeelden als richtingaanwijzer
Waar veel therapie stilstaat bij het verleden of het heden, richt deze opdracht de blik vooruit: hoe zou een gewenste toekomst eruitzien, in beeld gebracht in plaats van in vage voornemens. Cliënten tekenen bijvoorbeeld zichzelf over een jaar, een typische dag die ze zich toewensen, of een symbool voor waar ze naartoe willen groeien. Het beeldende dwingt tot concreetheid: een vaag verlangen naar ‘het beter hebben’ wordt op papier al snel specifieker, met details die aangeven wat dat ‘beter’ precies zou inhouden.
Die concreetheid is functioneel, want een helder toekomstbeeld werkt als een soort kompas voor de stappen die daarna gezet worden. Een tekening van jezelf met meer rust, een baan die past, of contact met iemand waar het nu stroef mee gaat, geeft richting aan wat er in de tussentijd moet gebeuren. Het beeld hoeft niet realistisch te zijn om bruikbaar te zijn; ook een symbolische of overdreven voorstelling kan de kern van het verlangen scherper maken dan een nuchtere beschrijving ooit zou doen.
Positieve psychologie zonder oppervlakkigheid
Een veelgehoorde kritiek op positieve psychologie is dat ze kan verzanden in dwangmatig optimisme, waarbij moeilijke gevoelens worden weggewuifd ten gunste van een opgewekte toon. In tekentherapie wordt dat risico ondervangen door hulpbronnen en dankbaarheid nooit los te zien van de problemen die er ook zijn. Een sessie rond kracht sluit niet uit dat er in dezelfde periode ook getekend wordt over pijn of verlies; beide bewegingen kunnen naast elkaar bestaan zonder dat de een de ander ontkent.
Oppervlakkigheid wordt ook vermeden door door te vragen op wat een tekening van kracht of dankbaarheid precies betekent, in plaats van de opdracht als afgerond te beschouwen zodra het beeld er staat. Waarom is deze hulpbron belangrijk, wat maakt dat dit moment dankbaarheid oproept, wat zegt het toekomstbeeld over wat er nu ontbreekt — dat soort vragen voorkomen dat de aanpak blijft hangen in gemakkelijke geruststelling. Positieve psychologie is hier een aanvulling op het werken met moeilijke thema’s, geen vervanging ervan.
Professionele bedding en nuance
Het werken met kracht en hulpbronnen vraagt, net als het werken met problematiek, om een therapeut die de balans goed weet te bewaken. Te veel nadruk op wat goed gaat kan voor sommige cliënten voelen alsof hun pijn niet serieus wordt genomen; te veel nadruk op problemen kan cliënten juist ontmoedigen en het zicht op eigen kracht laten verdwijnen. Een geschoolde tekentherapeut stemt af op wat een cliënt op dat moment nodig heeft, en beweegt soepel tussen beide invalshoeken binnen hetzelfde traject.
Deze aanpak is bovendien geen alternatief voor behandeling van onderliggende problematiek zoals depressie, angst of trauma, maar een aanvullende invalshoek die daarbinnen een plek kan krijgen. Bij ernstiger klachten blijft diagnostiek en passende behandeling leidend; het zichtbaar maken van hulpbronnen en toekomstbeelden ondersteunt dat proces, maar staat er niet los van. Zorgvuldige afstemming met eventuele andere behandelaars zorgt ervoor dat de positieve invalshoek een verrijking is binnen het geheel, niet een manier om lastige onderwerpen te omzeilen.