In de praktijk: de therapeut en de arbo-arts

De NFG over de dilemma’s waar therapeuten tegenaan lopen als hun cliënt te maken krijgt met de arbo-arts of bedrijfsarts.

De therapeut en de arbo-arts

Iedere hulpverlener krijgt ermee te maken: dilemma’s. Hoe handel je en wat mag je wel én niet als hulpverlener. Vaak wordt de NFG gebeld met vragen. In deze rubriek delen we de vragen met je, maar ook de antwoorden.

Het gebeurt met enige regelmaat dat een therapeut geconfronteerd wordt met een cliënt die bijvoorbeeld in de ziektewet zit en te maken heeft met de arbo-arts of bedrijfsarts. Laten we eerst beginnen met het onderscheid tussen arbo-arts en bedrijfsarts. Bij sommige bedrijven krijg je als werknemer een oproep om je te melden bij een bedrijfsarts en bij andere bedrijven heet deze persoon ineens een arbo-arts. Wat is nu precies het verschil tussen deze twee?

Een bedrijfsarts is uiteraard een bevoegd arts, met een aanvullende studie van 4 jaar. De titel van bedrijfsarts is beschermd in de wet en mag dus alleen gevoerd worden door diegenen die deze studie hebben gevolgd. De bedrijfsarts is dus te vergelijken met bijvoorbeeld een huisarts of een gz-psycholoog en mag doorverwijzen naar een specialist. Een arbo-arts is een basisarts, dat wil zeggen, dat is iemand die alleen zijn bul heeft gehaald. Hij werkt altijd onder verantwoordelijkheid van een bedrijfsarts. Hij of zij mag dus ook niet zelfstandig zieke werknemers doorsturen naar een specialist.

Huisarts versus bedrijfsarts
Als het gaat om de bevoegdheden van een huisarts in vergelijking met een bedrijfsarts, is er ook een duidelijke scheiding. De huisarts – niet verrassend – gaat over normale gezondheidszaken. De bedrijfsarts heeft echter alleen de bevoegdheid om te bepalen of iemand arbeidsgeschikt of arbeidsongeschikt is bij ziekte. De huisarts kan echter wel rust voorschrijven. Hij kan of mag dit verder niet controleren; dat is aan de bedrijfsarts om te doen. Daarnaast kan alleen een bedrijfsarts maatregelen voorstellen c.q. nemen om de herstelperiode te bespoedigen.

Therapeut
Vaak komt je cliënt met vragen omtrent zijn/haar rechten en plichten bij jou als therapeut. Zeker wanneer de cliënt het niet eens is met de beslissing van de bedrijfsarts. Bijvoorbeeld als de bedrijfsarts gezegd heeft dat de cliënt weer aan het werk kan en de cliënt is het hier niet mee eens. Dan vraagt de cliënt vaak aan jou om zijn/haar kant te kiezen. Het is van belang goed te weten wat je wel en wat je niet mag. Het allereerste waarvan je jezelf dient te vergewissen, is dat je goed moet doorhebben of de vraag van je cliënt welgemeend is of dat je gebruikt wordt. Wat je je zeker goed moet realiseren, is dat jij geen medisch oordeel mag vellen. Zoals al eerder geschreven is, alleen de bedrijfsarts is bevoegd om te bepalen of iemand wel of niet arbeidsgeschikt is.

Je kan bijvoorbeeld besluiten om een rapport te schrijven aan de bedrijfsarts. Houd je hierbij aan de feiten. Kies je woorden neutraal. Het beste wat je kan doen, is feitelijk het proces beschrijven. Met wat voor klachten is de cliënt bijgekomen? Hoe lang is de cliënt al bij jou in een sessie? Welke therapie volgt de cliënt? Dat zijn allemaal vragen die je in het rapport kunt beantwoorden. Let wel, dat je te allen tijde toestemming moet hebben van je cliënt. Laat hem of haar hier dus ook voor tekenen. Soms kan het ook zo zijn dat je cliënt aan je vraagt om ook iets te schrijven aan de werkgever. Hier moet je nee op zeggen. Het is namelijk bij de wet verboden dat een werkgever zich mag laten informeren over de stand en de oorzaak van de ziektemeldingen. Alleen een werknemer zelf mag vertellen wat hij/zij mankeert, maar dan is de werkgever wel verplicht om dit niet te registreren.

Wat mag een bedrijfsarts wel en niet?
De werkgever is verplicht om zich voor ziekteverzuim en re-integratie te laten adviseren door een bedrijfsarts of arbodienst. Nadat de werkgever de ziekmelding heeft doorgegeven aan de bedrijfsarts of arbodienst, krijgt de zieke werknemer een oproep van de bedrijfsarts – op basis van zijn overeenkomst met de werkgever – om zich te melden. Dit kan een telefonische afspraak zijn of een oproep om op een bepaalde tijd ergens te verschijnen. Bij grote bedrijven houdt de bedrijfsarts vaak spreekuur op het bedrijf en bij kleinere bedrijven moet de zieke werknemer zich meestal melden op het kantoor van de bedrijfsarts. Tijdens het consult bij de bedrijfsarts is de werknemer verplicht de bedrijfsarts alle relevante informatie over zijn/haar gezondheid te geven. Alleen op deze manier is de bedrijfsarts in staat een oordeel te vellen over de arbeidsgeschiktheid dan wel arbeidsongeschiktheid van de werknemer, en hierover de werkgever op de juiste wijze te adviseren.

De cliënt is verplicht om alle relevante informatie te verstrekken aan de bedrijfsarts omtrent zijn/haar gezondheid. Dit is juridisch gezien, heel belangrijk. Het is voorgekomen en daar is jurisprudentie over dat een werknemer ontslagen kan worden wegens het achterhouden van relevante medische informatie. Dat kan zelfs op staande voet! De bedrijfsarts mag – indien hij dit noodzakelijk acht voor de verzuimbegeleiding – medische gegevens over de zieke werknemer opvragen bij de huisarts of andere behandelaar. Dat kan jij bijvoorbeeld zijn. De huisarts en de andere behandelaar mogen deze informatie echter pas geven na uitdrukkelijke toestemming van de werknemer. In de praktijk zal de bedrijfsarts de zieke werknemer schriftelijk om toestemming vragen om gegevens bij de huisarts of andere behandelaar op te vragen. De werknemer is niet verplicht deze toestemming te geven. Als je als zieke werknemer duidelijk en open bent naar de bedrijfsarts toe, zal de noodzaak om medische gegevens bij een andere behandeld arts op te vragen in principe niet aanwezig zijn.

Kort samengevat, in de praktijk zal de bedrijfsarts dus de werknemer moeten vragen om schriftelijk toestemming te geven om deze informatie op te vragen. De werknemer is wettelijk niet verplicht om deze toestemming te geven.

Je cliënt helpen
Soms komt je cliënt bij je om raad en daad. Of je cliënt heeft bijvoorbeeld al zware psychische klachten zoals een burn-out en staat op het punt om zich ziek te melden. Je kunt dan je cliënt een aantal praktische tips meegeven. De eerste praktische tip die je kan geven, is dat je cliënt de klachten een cijfer moet geven tussen de 1 en de 10. Een 1 als je geen klachten hebt, 10 staat voor ondraaglijk. Geef een cijfer hoe het nu is en toen alles nog “normaal” was. De tweede praktische tip die je kunt geven, is dat je cliënt zijn/haar concentratievermogen meet. Op je werk is het immers van belang dat je je goed kunt concentreren. Het is daarom belangrijk dat je daarover vertelt op het moment dat je de klachten hebt. Het meten kan je heel eenvoudig doen: op elke smartphone zit een stopwatch. Zet deze aan en begin de krant te lezen. Op het moment dat je merkt dat je je aandacht begint te verliezen en de draad van het verhaal kwijtraakt, stop je de stopwatch. Bij een burn-out bijvoorbeeld weten we dat je concentratie vaak maar heel kort is, minder dan 1 minuut.

Vaak zijn mensen bang om met een bedrijfsarts of arbo-arts te praten en zoeken ze bij jou steun voor dat gesprek. Je kan je cliënt goed helpen door hem/haar het volgende lijstje mee te geven: hoe gaat het lichamelijk met je, hoe gaat het met slapen (slaap je veel/weinig, heb je inslaap- of doorslaapproblemen), bespreek je vermoeidheid (waar merk je aan dat je te moe bent en wanneer), welke lichamelijke klachten heb je, heb je psychische problemen, ben je somberder dan normaal, ben je angstiger, heb je andere psychische problemen die je hinderen, hoe emotioneel reageer je op dingen, ben je emotioneel labiel, ben je snel geprikkeld, verdrietig of kwaad, hoe werkt je hoofd, kun je je concentreren, ben je vergeetachtig, kun je goed op je woorden komen, heb je nog overzicht op de dingen die gebeuren, kun je activiteiten plannen, voel je je snel overprikkeld door geluiden, hoe functioneer je op je werk/thuis (vertel vooral waar het misgaat).

Het kan ook zijn dat je cliënt bij je komt op het moment dat de cliënt daar voor zijn/haar gevoel nog niet aan toe is. Je zult dan je cliënt duidelijk moeten maken, dat jij je niet in dat proces kunt mengen. Niet alleen is dat wettelijk verboden, maar het is ook gewoon onverstandig vanwege de eventuele juridische implicaties die dat kan hebben. Maar je kunt je cliënt wel een praktisch lijstje meegeven: hoe lang kun je aandacht vasthouden, bijvoorbeeld bij een krant lezen, hoe gaat het bijvoorbeeld met autorijden, raak je snel overprikkeld, hoe beleef je je sociale activiteiten en hoe voel je je erna, geef je energie een cijfer van 1-10, voel je jezelf wel hersteld, vertel wat je voelt op het moment dat je achter de computer zit, kun je prikkels van buitenaf goed verwerken, wat doet het lichamelijk allemaal met je, als je stress krijgt, hoelang duurt het voordat je daarvan “herstelt”, kun je steun vinden in je sociale omgeving, is het rustig in je hoofd of blijven de gedachten maar malen.

Jij en de huisarts
Het kan ook zo zijn dat je cliënt aan je vraagt om de huisarts een verslag te sturen. Hiervoor gelden in principe dezelfde regels als eerder benoemd. Let op, vraag je cliënt om toestemming en zet het op papier. Maar besef dat de huisarts niet veel anders met deze informatie kan dan het in het dossier opnemen. Een huisarts is immers geen bevoegdheid als het gaat om arbeidsongeschikt of arbeidsgeschikt.

De lastige cliënt
Soms komt het voor dat je rechtstreeks onder druk gezet wordt door de cliënt om een voor hem/haar positief verslag naar een bedrijfsarts te sturen. Met name als je cliënt manipulatief ingesteld is, is dit een risico. We hebben ooit een keer een therapeut gesproken die een borderliner behandelde. Achteraf constateerde zij dat zij zo in het web van haar cliënte verstrikt was, dat van goede hulpverlening geen sprake meer was. Een van de punten was dat zij, als therapeut, zich had laten verleiden om een verslag te schrijven waarbij zij de conclusie trok dat haar cliënte absoluut niet in staat was om haar werk op te pakken. Het kwam haar uiteindelijk op een berisping te staan, omdat zij buiten haar boekje gegaan was. In de evaluatie kwam zij tot de pijnlijke conclusie dat zij eerder een krachtig nee had moeten uitspreken naar haar cliënt. En dat is ook gelijk het advies dat we je kunnen meegeven: bewaak je professionele grenzen! Je bent therapeut geen maatschappelijk werker en hoewel je geneigd bent om je cliënt te helpen. Ga in geen geval over grenzen heen.

Het dossier
Omdat dit niet bij therapie hoort, “vergeten” sommige hulpverleners dit soort zaken in hun dossier te vermelden. Het is echter wel van zeer groot belang alles rondom dit soort verzoeken nauwkeurig vast te leggen in je verslaggeving. Dat lijkt misschien bureaucratisch, maar het kan je achteraf een hoop problemen schelen. Denk bijvoorbeeld eens aan het gegeven dat je cliënt misschien in een arbeidsrechtelijk geschil komt met zijn werkgever en jou daarbij betrekt. Je staat dan in een relatief zwakke positie, zeker als je niets hebt vastgelegd. Voordat je het weet, kun je het middelpunt van de discussie worden, waar je je niet in wil bevinden.

We hebben ooit eens met een therapeut gesproken die dat overkomen is. Zelfs op een dusdanige wijze dat zij voor de rechter moest komen. Zij werd er door haar cliënt van “beschuldigd” dat zij haar cliënt aangespoord had om niet meer aan het werk te gaan en het advies van de bedrijfsarts te negeren. De cliënt deed dit, omdat de werkgever maatregelen had genomen en zelfs een ontslagprocedure in gang had gezet. De cliënt vond dat de schade veroorzaakt was door de therapeut en stelde de therapeut aansprakelijk voor het inkomensverlies. De therapeut had niets vastgelegd omtrent de gesprekken over haar bezoekgeschiktheid en gaf aan dat deze informeel waren en hoofdzakelijk telefonisch gegaan waren. Zij kon weinig bewijzen. Gelukkig is de zaak uiteindelijk met een sisser afgelopen. Maar het veroorzaakte wel heel veel stress en onzekerheid bij de therapeut. Kort samengevat, het is dus van belang dat je je afzijdig houdt in een discussie tussen je cliënt en de bedrijfsarts. Als een cliënt vraagt om hulp, kun je de in dit artikel genoemde lijstjes gebruiken. Maar let wel op dat het niet verder gaat dan deze lijstjes overhandigen. Vul ze niet in voor je cliënt, help je cliënt er niet bij. Dat laatste zou natuurlijk uitgelegd kunnen worden als bemoeienis bij het re-integratietraject.

Wanneer krijg je als therapeut te maken met een arbo-arts

Een arbo-arts speelt een rol wanneer cliënten in de ziektewet zitten of verzuimen door ziekte. Meer praktijkvragen lees je bij Curova, en algemene informatie over de rol van een arbo-arts vind je bij het Arboportaal.

Auteur

Redactie TCC Magazine

Redactie TCC Magazine

Gepubliceerd op

20 augustus, 2026

Thema

TCC Magazine 2020

Tags

Deel dit artikel

Gerelateerde artikelen