Inhoudsopgave
Levenslessen van 100-plussers
Het begon als een spontane actie voor de Vastenactie. Het leek me al langere tijd interessant om ouderen van dezelfde generatie als mijn grootouders vragen te stellen, naar hun verhalen te luisteren en van hun ervaringen te leren. Toen ik een oproep zag van de Vastenactie voor de 40 Dagen Challenge wist ik dat het nu zinvol was om mee te doen en honderdplussers te gaan bezoeken. Temeer omdat dit jaar de Vastenactie geld inzamelt voor gezinnen in Mbala (Zambia), die getroffen zijn door een hiv-epidemie. Veel ouderen zorgen daar voor hun of andermans (klein)kinderen. Nadat ik mijn idee kenbaar had gemaakt om honderdplussers te bezoeken en hun verhalen op te schrijven, kreeg ik een telefoontje van campagneleider Johan Compier van de Vastenactie; zij vonden dit idee erg interessant en wilden me graag volgen. Ik ben onmiddellijk aan de slag gegaan en ik vond heel snel ouderen van honderd jaar of ouder die mij graag wilden ontvangen. Gedurende de vastentijd, dus de periode tussen carnaval en Pasen 2018, voerde ik 26 gesprekken met ouderen van honderd jaar of ouder. En daar heb ik volop van genoten! Tot mijn grote vreugde vonden de ouderen het zelf ook heel fijn om zo te praten. Familieleden waardeerden de korte stukjes meer dan ik had verwacht. Het leverde erg leuke contacten met hen op, per mail of telefonisch.
De gesprekken met de ouderen waren heel erg divers. Maar stuk voor stuk intens, prachtig, waardevol en mooi. We hebben samen gelachen, er rolden soms tranen over de wangen van ouderen, familieleden en mezelf, we hebben foto’s gekeken en vooral genoten van rust en aandacht. Alle gesprekken, alle raad en daad, zullen me bijblijven. Ze hebben een plekje in mijn hart gekregen, die eeuwelingen die zoveel hebben meegemaakt. Hun veerkracht, hun humor, hun relativeringsvermogen. Het was moeilijk om hun levens in slechts 500 woorden te vangen. Dat doet absoluut geen recht aan hun ervaringen en verhalen. Maar zij herkenden zich allemaal in de stukjes tekst. Bij sommigen ben ik zelfs twee keer langs geweest omdat zij mij zoveel te vertellen hadden. Ik heb het als een groot voorrecht ervaren. En ik bedank alle ouderen dat zij hun verhaal met mij wilden delen. Mijn grootouders zouden nu ruim honderd zijn geweest. Wat zou ik graag nog even met hen koffie drinken en een gesprek voeren. Gelukkig heb ik dat wel heel vaak gedaan toen zij nog leefden. Maar ik zou nu andere vragen stellen dan toen. Deze vragen heb ik nu aan andere honderdjarigen gesteld. Iedereen heeft verhalen te vertellen. Zeker ouderen met hun lange levenservaring. Daarnaar mogen luisteren, in alle rust en met volle aandacht is een groot geschenk. Ik kan het iedereen aanraden, zeker professionals en vrijwilligers die in de wereld van wonen, zorg en welzijn werkzaam zijn. Omdat dit betekenis geeft aan het leven. En omdat het bijdraagt aan het bieden van liefdevolle zorg. Op naar de honderd!
Informatie over het boek
Meer dan twintig honderdplussers, met ieder ruim een eeuw aan levenservaring, delen in dit boek hun levenslessen: “Nooit klagen, maar doorzetten en bezig blijven”, “Mensen accepteren zoals ze zijn” en “Als je teleurstellingen meemaakt, stop ze in een zakdoek en gooi ze weg.” Met liefde en respect zijn zij geïnterviewd door Yvonne Witter en geportretteerd door Claudia Kamergorodski.
Begin dit jaar woonden er circa 2200 honderdplussers in Nederland. Ruim tweemaal zoveel als twintig jaar geleden. Naar verwachting blijft hun aantal fors toenemen. Rond 2030 zal het aantal weer verdubbeld zijn. Aldus: Jan Latten, hoogleraar sociale demografie aan de Universiteit van Amsterdam, CBS-ambassadeur.
Bevindingen
Als er één ding is dat ik bevestigd heb gezien in de gesprekken met de 26 ouderen is het dat ze allemaal uniek en verschillend zijn. Zij delen natuurlijk wel het tijdperk waarin zij zijn opgegroeid en daardoor hebben zij zeker een aantal dingen gemeen. Zij behoren tot de zogenoemde vooroorlogse generatie (geboren tussen 1910 en 1930). Ze zijn gevormd door de crisis van de jaren dertig en hebben de Tweede Wereldoorlog bewust meegemaakt. Over het algemeen zijn mensen van deze generatie bescheiden, sober, spaarzaam en berustend. Mannen werkten, vrouwen stopten veelal met werken als zij trouwden, er was weinig geld, weinig vrije tijd en een grote rol voor de kerk. Dit is het algemene beeld. In de praktijk verschillen zij enorm van elkaar.
Het viel me op dat nagenoeg alle honderdplussers die ik heb gesproken, nieuwsgierig zijn. Zij lezen de krant, kijken het journaal en actualiteitenprogramma’s of laten zich op een andere manier informeren. Verder hebben de ouderen die ik gesproken heb, met elkaar gemeen dat zij graag hun eigen gang gaan. Zij lijken zich niet veel aan te trekken van wat anderen over hen zeggen. Het viel me verder op dat de honderdplussers niet of nauwelijks over gezondheidsklachten spraken. Ook al hadden sommige serieuze klachten en aandoeningen (gehad), zoals kanker, een beroerte, een hartinfarct. Het kwam bijna niet ter sprake. Dat het gehoor- en gezichtsvermogen merkbaar achteruit was gegaan, noemden zij wel veelvuldig. Dat belemmert de communicatie. Bijna alle ouderen die ik heb gesproken, hebben een netwerk om zich heen: familie, vrienden, kennissen. Geen van de ouderen had nog een partner. En dat ervaren zij als een gemis waar ze wel mee hebben leren leven. Ik was onder de indruk van de mantelzorgers die ik tegenkwam. De ouderen zijn erg blij met de hulp die zij krijgen en waarderen het enorm. De meeste ouderen wonen niet meer zelfstandig thuis maar in een woonzorgcomplex. Een enkeling geeft aan zich alleen te voelen. Is het nu echt leuk om zo oud te zijn? Niet altijd en niet iedereen deelt deze mening. Sommige ouderen willen graag nóg ouder worden. Dat waren vooral de ouderen die veel sociale contacten hadden en actief waren. Anderen vonden het eigenlijk wel mooi geweest. Vooral de ouderen die er moeite mee hadden dat zoveel leeftijdgenoten en familieleden zijn weggevallen. Ik was erg onder de indruk van de veerkracht van deze eeuwelingen. Sommigen hebben erg nare gebeurtenissen meegemaakt, zoals het verliezen van dierbaren of traumatische oorlogservaringen. Zij zijn erin geslaagd om door te gaan. Over het algemeen hebben de ouderen die ik heb gesproken, een positieve instelling. De zonnige blik op het leven heeft bij vele ouderen wolken doen verdwijnen.
Verhaal uit de bundel: mevrouw Elisabeth Fisher (103 jaar)
Mevrouw Elisabeth Fisher is een Amsterdamse die nieuwsgierigheid ziet als haar belangrijkste drijfveer in het leven. En haar leven is op z’n minst bijzonder te noemen. Heel bijzonder!
‘Onderwerp je nooit, nooit, nooit aan enige autoriteit’, is het eerste wat mijn moeder, een echte Friezin, me leerde. Mijn moeder was tijdens de Eerste Wereldoorlog de eerste hongerstaakster in Nederland. Tijdens een demonstratie tegen de oorlog schold ze een politieagent uit en werd toen onmiddellijk gearresteerd. Ze was een “rooie”. Ze moest naar de gevangenis op de Weteringschans in Amsterdam. Haar les om je niet te onderwerpen aan een autoriteit heb ik goed in mijn oren geknoopt. Dus ben ik in mijn leven van de ene rotzooi in de andere gerold, haha. Maar ik heb wel een avontuurlijk leven gehad. Ik heb in verschillende landen gewoond en heel veel mensen ontmoet. Mijn nieuwsgierigheid is mijn kracht. Die nieuwsgierigheid heb ik altijd gehad. Ik ben naar Rusland gegaan, want ik wilde Andrej Sacharov, atoomgeleerde en vooraanstaand dissident wel eens ontmoeten. Ik heb zes talen geleerd – ik spreek Nederlands, Frans, Duits, Engels, Italiaans en wat Russisch. Ook kan ik vloeken in het Hindi.’
Het leven is een cadeau: ‘Wanneer mensen de tijd nemen en de nieuwsgierigheid hebben om rond te kijken en te zien hoe rijk Nederland is met hun nieuwe burgers, zou dat voor iedereen aangenamer zijn. Je moet mensen in hun waarde laten. En als je iets van een andere cultuur niet begrijpt of vreemd vindt, dan vraag je ernaar. Dan leggen de mensen het je uit en dat is geweldig. Dat is echt ge-wel-dig. Dóórvragen, belangstelling tonen, dan pas kom je achter waarheden. Je ziet dan overeenkomsten en verschillen. Want eigenlijk zijn we allemaal hetzelfde. We beseffen te weinig dat het een wonder is dat we op de wereld zijn. We zijn begonnen met niets. Als je geboren wordt, weet je niets. Het leven is het enige dat we cadeau krijgen en daar moet je zelf wat van zien te frutselen.’
Lezen is belangrijk: ‘Je kunt niet vroeg genoeg beginnen met leren lezen. Ik ben zo’n mens dat geen opleiding heeft afgerond. Maar lezen is de redding van de gewone mens. Mijn moeder legde alles uit. Alle woorden die ik niet kende. Ook heeft ze me geleerd dat arm zijn niet erg is zolang je manieren hebt. Weet je, een magere jeugd is een geschenk voor het leven. Ik heb namelijk geleerd dat je zonder veel bezit kunt leven. Ik ben daardoor nooit afhankelijk geweest van spullen.’
Activiste: ‘Ik was politiek actief en ik was een activiste. Zo was ik in 1948 in Berlijn tijdens de blokkade. Ik heb veel contact gehad met Willy Brandt, sociaaldemocratisch politicus en Bondskanselier van West-Duitsland, want die kende ik nog uit de jeugdbeweging. Ik heb in Brussel gewoond, Parijs, Frankfurt, Praag, Amerika. De wereld is zo klein! Ik heb overal wel werk gehad. Het scheelde enorm dat ik zoveel talen sprak. Na de oorlog heb ik bij Het Parool gewerkt. Ik vroeg aan Frans Goedhart of hij geen werk voor me had. Hij heeft tijdens de Tweede Wereldoorlog de illegale verzetskrant Het Parool opgericht. En ja hoor, ik mocht stukjes schrijven en dat deed ik graag. Ik heb ook jaren met Karel van het Reve samengewerkt, onder meer in de Alexander Herzen Stichting, een in 1969 opgerichte stichting die als doel had dissidente Sovjetliteratuur in het Westen uit te (laten) geven.’
Nieuwsgierigheid is belangrijk: ‘We leven in een wereld waar het draait om succes. Daardoor maken we alles mooier dan het in werkelijkheid is. We moeten veel meer kijken en dan bedoel ik echt zien. Ik vertel mijn hele leven verhalen. Ik hou er vooral van om verhalen aan kinderen te vertellen. Ik had zelf twee kinderen. Mijn zoon is toen hij eind vijftig was, overleden aan kanker en mijn dochter stierf door de drank. Ze was niet te redden. Dat is natuurlijk heel, heel erg zwaar geweest. Elke morgen zeg ik nog: dag Pop, dag jongen. Ik heb ook mijn echtgenoten verloren. Men leert in het leven te relativeren. Maar ik heb zoveel vrienden en hulp om me heen. En ik ontmoet altijd nog nieuwe mensen. Nieuwsgierigheid is de beste drijfveer die je kunt hebben.’
Tips van de geïnterviewde ouderen
Tips die de geïnterviewde ouderen geven aan de volgende generaties: heb mededogen; accepteer mensen zoals ze zijn; gewoon doorzetten als het moeilijk is; ga niet roken en drinken; pluk de dag; niet klagen, bezig zijn en drie radijsjes per dag eten; een magere jeugd is een geschenk voor het leven omdat je leert dat je zonder bezit kunt leven; zet je rechterbeen voor het andere been; dan kom je een heel eind; niet lui zijn; blijf in beweging; vergeef elkaar.
Tekst: Yvonne Witter. Fotografie: Claudia Kamergorodski.
De levenslessen van 100-plussers samengevat
De levenslessen van 100-plussers gaan vaak over doorzetten, mededogen en niet klagen. Deze wijsheid van meer dan twintig honderdplussers biedt inspiratie voor jong en oud. Meer verhalen over levenswijsheid lees je op Curova. Achtergrond over honderdplussers in Nederland is te vinden op Wikipedia.

