Hondenhechting
Onlangs heb ik een interview met Antoinette Scheulderman gelezen in het Volkskrant Magazine. Het gaat over haar enorme verdriet toen zij haar hondje (jawel een teckel) moest laten inslapen. De hond en zij waren 8 jaar lang onafscheidelijk geweest en nu miste zij haar verschrikkelijk. Ik voel zo met haar mee. Ik heb pas weer sinds heel kort een hondje en ben nu al heel erg aan haar gehecht. Tevens heb ik drie katten. De schatten zijn al 14 en echte gezinsleden. Ik zou ze niet willen missen. Maar een hond is toch echt heel anders. Honden willen gewoon het liefst 24 uur bij je zijn. Als ik even naar boven ben om mijn telefoon te halen en weer beneden kom, word ik verwelkomd alsof ik een week weg ben geweest.
Het is interessant om in dit kader naar het begrip hechting te kijken. Aangezien ik de pup heb opgehaald en haar het meeste om mij heen heb en verzorg, is het niet gek dat zij zich aan mij heeft gehecht als was ik een vervangende moeder. Zij was uiteraard nog een baby en baby’s hebben een moeder nodig. Ikzelf ben geen baby. Mijn moeder leeft nog. Ik heb twee kinderen en daarnaast die drie katten, dus ik heb geen extra kind nodig om mij aan te hechten. Maar ik heb mij wel degelijk, en binnen no time, aan dit hondenkind gehecht. Zozeer zelfs dat ik, toen ik 4 dagen weg moest naar iets waar ik het hele jaar al naar uit had gekeken, de eerste dag niet echt kon genieten en heimwee voelde naar mijn pup. Mijn dochter, die toen voor haar zorgde, vertelde mij dat het hondje de hele dag uit haar doen was en lusteloos op de bank bleef liggen. Het was duidelijk dat ze mij miste. We waren dus in die korte tijd al aan elkaar verknocht geraakt. Gelukkig was zij de volgende dag weer speels en ging het weer. Net zoals het met mij ook weer ging.
Ik heb mij afgevraagd waarom ik zo graag een hond wilde en waarom ik zo gek ben op dat beest. Het kan zijn dat ik de hond nodig heb om er mijn liefde over uit te storten. Nu ik weduwe ben en mijn kinderen niet zitten te wachten op een moederkloek die hen continu overspoelt met liefdesuitingen, kan ik wellicht mijn liefde niet kwijt en heb daar die hond voor nodig, omdat katten nu eenmaal zeer zelfstandig zijn. Het kan ook zijn dat ik zo gewend ben aan ‘zorgen’ dat ik mij kaal voel als ik niet kan zorgen. Nadat ik eerst een gezin had om voor te zorgen en toen een man die 9 jaar ziek was, was er ineens niets anders om voor te zorgen dan mijzelf en mijn katten. Maar katten hebben weinig nodig en voor mezelf zorgen ben ik aan het leren.
Het zijn allemaal aannames en ik weet het niet precies. Wat ik wel vermoed is dat, als je als kind bent opgevoed met dieren om je heen – in mijn geval met een kat, een hond en een hamster – je je prettig voelt als je later in je leven een huisdier of huisdieren hebt. Het is mij vaak opgevallen dat mensen die ik ontmoet en die niet van huisdieren houden, er vroeger niet mee zijn opgegroeid. Ik denk dat ik door mijn opvoeding in mijn jeugd, omringd met dieren, gewoon gehecht ben geraakt aan dieren. En dus voel ik mij prettiger met dieren om mij heen.
Ontstaat hechting niet gewoon omdat wij liefde willen ontvangen en liefde willen geven? Je veilig willen voelen bij die geliefden en vice versa? Volgens mij wel. Hechting is een diepe verbondenheid, een gevoel van samen. Onvoorwaardelijk en automatisch. Een woordeloos gevoelsverbond. En dat kun je hebben met je gezin en zeer zeker ook met je hond.
Martine Clausen is counselor en creatief therapeut.
Wat is hondenhechting precies?
Hondenhechting beschrijft de band die een hond opbouwt met zijn baasje: net als bij mensen gaat het om vertrouwen, nabijheid en herkenning. Onderzoek naar hondenhechting laat zien dat honden net als kinderen een gehechtheidsstijl ontwikkelen ten opzichte van hun verzorger. Door bewust met hondenhechting om te gaan, kun je als baasje een stevige, veilige band met je hond opbouwen. Meer columns over gehechtheid lees je op het PSC Magazine 2018 overzicht. Meer achtergrond over hechting bij honden vind je bij de Dierenbescherming.

