Maikel zegt ja en snikt…

Een kindertherapeut beschrijft een sessie met de vierjarige Maikel, die worstelt met boze buien en frustratie

Maikel zegt ja en snikt…

Maikel (4 jr.) komt bij mij omdat hij last heeft van boze buien. De vorige keer was hij erg boos geworden toen hij verloren had met voetballen. Hij gooide spulletjes op de grond en bleef er lang in hangen. Helpen met opruimen lukte hem niet meer.

Bij het openen van de deur zie ik alleen vader staan. Ik zeg teleurgesteld: ‘Ben je alleen?’ Met een brede glimlach springt Maikel tevoorschijn. ‘Gelukkig!’, lach ik. Maikel heeft er zin in en stapt monter naar binnen.

Hij pakt meteen een balletje. Hij gooit het omhoog, ik vang het op en gooi het naar hem terug. Dat vangen is nog best lastig. Samen pakken we zachtere, grotere en lichtere balletjes. Ik doe het voor en laat de bal eerst op de grond stuiten. Maar dan valt het me op dat hij het niet eens probeert. Hij zakt gefrustreerd op de grond. Ik ga naast hem zitten: ‘Weet jij al dat het te moeilijk is voor jou?’ Maikel knikt. ‘Vind je het zo erg dat het niet lukt?’ Maikel zegt ja en snikt. Hij is een slimme jongen en wil vaak meer kunnen dan hij kan als vierjarige.

Van frustratie naar zelfvertrouwen

‘Zullen we een ballon pakken’, vraag ik. Maikel veert op en loopt blij achter me aan. Hij kiest een ballon en wil deze zelf opblazen. Dat lukt hem niet. ‘Goed geprobeerd’, zeg ik, terwijl ik de ballon van hem overpak en opblaas. Even later slaan we de ballon over en weer. Maikel straalt van plezier en zelfvertrouwen. De vertragende werking van de ballon geeft hem de juiste hoeveelheid tijd om zijn skills in te kunnen zetten. Ik zie zijn zelfvertrouwen groeien. Nadat het ons gelukt is om de ballon twintig keer over te slaan, vinden we het wel genoeg.

Maikel pakt het olifanten-dobbelpuzzelspel. Hij legt de puzzelstukjes klaar en ik doe hetzelfde met die van mij. De vorige keer heeft Maikel dit spel gewonnen. Om de beurt gooien we de dobbelsteen. Zijn hele lijf springt van enthousiasme en opwinding telkens als hij van de dobbelsteen naar de puzzelstukjes rent. We gaan gelijk op. Dan hoeven we allebei nog maar één puzzelstukje. Op de emotiethermometer laat ik Maikel zien hoe spannend het voor mij voelt. Maikel wijst aan dat het voor hem net zo spannend is. ‘Jij moet nog een 5 gooien en ik nog een 4’, zeg ik dan. ‘Toe maar!’ Maikel gooit de dobbelsteen maar geen 5. Dan ben ik aan de beurt. ‘Spannend!’ Ik gooi…. Maikel rent ernaar toe en roept: ‘4!’ ‘Gewonnen!’, zeg ik. Maikel kijkt sip en pakt de dobbelsteen. ‘Jij wilt zeker nog die 5 gooien?’, vraag ik. Maikel knikt. Terwijl ik hem aanmoedig, gooit hij opnieuw en opnieuw totdat hij 5 gooit. Blij puzzelt hij zijn olifant compleet.

Hij doet alles in het doosje en ruimt het op. Zelfs de twee zachte ballen die nog op de grond liggen.

‘Bedankt voor het spelletje’, zeg ik. Maikel zegt niks. ‘Zeg jij dan: ‘Gefeliciteerd Conny?” Dat doet Maikel niet. Dat is nog nét wat te veel gevraagd….

Auteur

Rick

Gepubliceerd op

14 augustus, 2026

Thema

TCC Magazine 2026

Tags

Deel dit artikel

Verse verhalen, elke dag vers geplukt.

Zes maanden lang gratis!

Gerelateerde artikelen