Praktijk en visie van NWP-lid Selma Bijl

Natuurgeneeskundige en acupuncturist Selma Bijl over holistisch denken, preventie, de methode Stammen en Takken en de toekomst van complementaire zorg.

Praktijk en visie van NWP-lid Selma Bijl

We moeten toe naar een samenleving waarin veel meer aandacht is voor ziektepreventie. Steeds meer mensen zijn die mening toegedaan, zeker in ons vakgebied. Ook NWP-lid natuurgeneeskundige en acupuncturist Selma Bijl vindt preventie uiterst belangrijk. ‘Ik zou graag een omslag zien dat mensen niet alleen meer naar de huisarts gaan op het moment dat ze klachten hebben, maar dat ze vooral veel eerder bij een natuurgeneeskundige aankloppen om duurzaam gezond te blijven.’

Nadat ze rond haar achttiende was uitgeloot voor de universitaire studie geneeskunde, besloot ze zich te gaan oriënteren op een andere invalshoek dan de reguliere. Ze ontdekte de dagopleiding van de Academie voor Natuurgeneeskunde in Hilversum en wist al snel dat die was wat ze graag wilde. Na vier jaar was ze ervoor geslaagd, maar ze vond het nog wat vroeg om al een praktijk te starten. Daarom besloot ze psychologie te gaan studeren. ‘Hoewel dat in theorie een fulltime studie was, kon ik er nog gemakkelijk wat bij doen. Dus halverwege die studie ben ik begonnen met mijn praktijk. Later ben ik als psycholoog afgestudeerd in de richting Kinder- & Jeugdpsychologie, want dat onderwerp sprak me het meest aan.’

Doe je nog veel met die universitaire studie?

‘Nee, het was vooral heel nuttig om wat meer te leren over wetenschappelijk onderzoek. Ik heb het ook gekozen om wat meer met psychosomatiek en somato-psychische klachten te werken. Maar ik zag het als een nadeel dat je in de psychologie geen connectie maakt met het lichamelijke.’

Wat doe je in je praktijk, kan je daar iets over vertellen?

‘Acupunctuur en natuurgeneeskunde. Ik ben opgeleid in homeopathie, acupunctuur en natuurgeneeskunde, mijn keuzevakken in het laatste jaar van de natuurgeneeskundige opleiding. Maar homeopathie heb ik na verloop van tijd laten vallen. Ik ben me vervolgens meer gaan toeleggen op acupunctuur en heb me daarbij gespecialiseerd in de methode Stammen en Takken. Dat is een filosofische, constitutionele acupunctuurrichting. Als natuurgeneeskundige werk ik met fytotherapie, iriscopie, voeding, massage en Bachbloesems.’

Op je website staat dat je ook stagebegeleiding verzorgt en nascholingen geeft. Hoe ben je daartoe gekomen?

‘Nadat ik mijn opleidingen had afgerond, werd ik stagebegeleider. Daarna heb ik lesgegeven bij de HVNA in Arnhem en sinds vier jaar doe ik dat bij de Nederlandse Academie voor Natuurgeneeskunde, de NAVN, in Zaltbommel. Daar ben ik ook stagebegeleider. In de driejarige opleiding tot natuurvoedingskundige bij de Kraaijbeekerhof Academie geef ik het vak kruidenleer. Bij dat instituut geef ik ook kruidenworkshops.’

Wat trok jou zo aan in het natuurgeneeskundige vak?

‘De holistische invalshoek. En ook dat ik mensen kan helpen met zowel hun psychische als lichamelijke klachten en de combinatie ervan. Verder vind ik het fijn dat ik niet volgens een strak protocol hoef te werken. Het is het mooiste vak dat er is.’

Je schrijft op je website dat je al van jongs af aan interesse had in de natuur en in de gezondheid van andere mensen. Hoe uitte zich dat?

‘We woonden bij het bos. Als ik daar met mijn hond liep, mijmerde ik over wat ik later wilde worden: een wijze ‘bos’vrouw die alles van planten weet. Dat heb ik mijn ouders verteld. Die vroegen zich af of voor zoiets wel een opleiding bestond, maar vonden het wel leuk dat ik die richting op wilde. De gezondheid van mijn moeder was niet zo goed toen ik klein was, dat heeft denk ik ook wel aan mijn interesse bijgedragen.’

Wat hebben gezondheid en natuur volgens jou met elkaar te maken?

‘Heel veel, want als mens zijn we onderdeel van de natuur. Dat vergeten we wel eens. Ik denk dat je met natuurlijke middelen het zelfgenezend vermogen van mensen kan aanzetten en processen kan ondersteunen. Ik ben van het oorspronkelijke natuurgeneeskundige denken.’

Wat is dat?

‘Dat gaat ervan uit dat ziekte ontstaat door vervuiling. Om daar wat mee te doen, moet je je richten op de basis van de cliënt, diens constitutie. We zijn in de maatschappij te veel in dat stofjesdenken vast komen te zitten. Het wordt daardoor moeilijker om het holistisch denken in de wereld te houden waarbij we vervuilingen aanpakken. Want die zijn uiteindelijk de oorzaak van ziekten.’

Als iemand ziek wordt, kan dat ook met onverwerkte emoties te maken hebben. Noem je een emotie in dit opzicht een vervuiling?

‘Emoties kan je niet loskoppelen van het fysieke. Stel dat je lever niet goed meer ontgift, dan komen er meer afvalstoffen in je bloed terecht en uiteindelijk ook in je weefsels. Tegelijkertijd kan het zijn dat je je emoties opkropt en te weinig je gal spuwt. Zodra je merkt dat je lever niet meer goed werkt, kan je daar fysieke, emotionele en mentale klachten van krijgen. Dan is de vraag of de andere uitscheidingsorganen nog goed werken, de nieren en de darmen. Daar raak je ook je afvalstoffen mee kwijt. Als die zich in het lichaam stapelen, heeft dat emotionele gevolgen. Invloeden van buitenaf moet je verwerken en alles wat binnenkomt, verwerk je via je spijsvertering. Of het nou een indruk is of voedsel, de oorlog in Oekraïne of een boterham met kaas. Beide worden in je maag het eerst verteerd. Wat je letterlijk niet blieft, gooi je eruit. Als jij iets zegt wat mij niet aanstaat, heeft dat invloed op mijn maag. Als het daardoorheen is, gaat het naar de darmen en wordt het verder verteerd. In de dikke darm komt het proces van echt loslaten. Die oorlog komt bij de meeste mensen flink binnen, maar de een kan beter verteren, verwerken en loslaten dan de ander. Neem een emotie als angst, die heeft met de nieren te maken. Heb je sterke nieren, dan heb je een betere basisveiligheid. Je staat steviger in het leven en je bent minder gevoelig voor het angstaspect. Het is allemaal met elkaar verbonden.’

Hoe zie jij de toekomst van de complementaire zorg?

‘Lastig te voorspellen. Ik denk dat we het als natuurgeneeskundigen best moeilijk hebben in Nederland. Het klimaat is nog steeds niet zo dat artsen echt openstaan voor samenwerking. En de samenwerkingen die wel plaatsvinden, zijn nog steeds regulier ingestoken. Dat vind ik jammer. Je ziet het ook aan de opleidingen. Er zijn niet heel veel opleidingen in Nederland die een vier- of vijfjarig traject aanbieden zoals de academie waar ik heb gestudeerd en waar ik ook lesgeef. Kortere opleidingen die modulair zijn ingericht, zijn meer in trek. Ik zie wel dat er meer erkenning is gekomen. Toen ik met het vak begon werd het gedoogd, zou je kunnen zeggen. Nu heeft het meer een plek gekregen, maar ondanks dat heb ik er ook nog een beetje een hard hoofd in.’

Heb je het idee dat het in het buitenland beter is?

‘Ik weet het niet precies, maar ik denk wel dat het hier lastiger is omdat de Vereniging tegen Kwakzalverij in Nederland vrij sterk is geweest. Meer dan in andere landen. In Duitsland is Heilpraktiker een bekend begrip. Een kuuroord ook. In Nederland denken we dat wellness luxe is, maar dat is het niet. Voor veel mensen is het zelfs noodzakelijk. Daarentegen zie je wel dat veel meer mensen belangstelling hebben voor gezonde voeding en kruiden. Acupunctuur zit nog steeds in de lift. Er wordt veel onderzoek naar gedaan, in Nederland nauwelijks, maar wel in het buitenland. Dat geeft een hoopvol perspectief.’

Wat heb jij met acupunctuur?

‘Ik vind de Chinese geneeskunde boeiend, want die is zo uitgebreid, daar kunnen we nog veel van leren. Zoals ik al zei, gaat het bij de acupunctuurmethode Stammen en Takken om constitutioneel werken: ik kijk naar iemands geboorte-energie en de energie van de pols en dan kies ik daar de beste punten uit. Dan kan ik soms uitkomen op slechts drie naalden.’

Je bent sinds 1992 lid van de NWP. Waarom heb je voor de NWP gekozen?

‘Die werd destijds aangeraden door de academie, die een sterke band had met de vereniging. Het was overigens een logische keuze omdat de NWP het hbo-niveau hoog in het vaandel had staan. En dat is nog steeds zo. Het werk dat we doen als therapeut, voeren we wel zelfstandig uit, maar vraagt best veel aan kennis, kwaliteit en kunde. Destijds bestond er nog geen beroepsvereniging van dat niveau.’

Heb jij nog tips voor collega’s?

‘Ja, laat je niet verleiden om holistisch denken los te laten in deze tijd.’

Kan je een voorbeeld geven van zo’n verleiding?

‘Dat iemand een klacht heeft en daar vanaf wil. Dan ben je geneigd om je te veel op die klacht te gaan richten. Natuurlijk moet je daar wel wat mee doen, maar vergeet niet om de constitutie erbij te betrekken, die zit onder de klacht. Dan heb je op de lange termijn meer effect. Met klachtgericht werken heeft de cliënt weliswaar sneller resultaat, maar de vraag is of hij of zij ook op de lange termijn beter wordt. Stel dat iemand nu komt met maagpijn en over twee jaar weer op de stoep staat met een andere ernstige klacht, dan is die persoon niet gezonder geworden.’

En hooggevoeligheid?

‘Ik zie in de praktijk vaak dat er een verband bestaat tussen hooggevoeligheid en niet goed in je lijf zitten, bijvoorbeeld omdat je je als kind niet veilig hebt gevoeld. Dan kan je sensoren aanmaken waardoor je je naar buiten richt om te checken of het wel safe is. Bijvoorbeeld als een van de ouders onvoorspelbaar was op wat voor manier dan ook. Het draait vaak om basisangst en dat heeft weer te maken met de nieren. Als je die versterkt, versterk je je basis en heb je het gevoel dat je weer veilig bent. De vraag is hoe je alles meer bij jezelf kan houden. Ook dat heeft met de spijsvertering te maken, op een indirecte manier dan.’

Op de vraag of iedereen met een moeilijke jeugd hooggevoelig wordt, antwoordt Bijl: ‘Natuurlijk niet, maar iedereen die een onveilige jeugd heeft gehad, reageert daar weer anders op. De een zal hooggevoelig worden, de ander trekt zich terug en weer een ander wordt steeds bozer. Overigens gaat het er ook om wat je precies onder hooggevoeligheid verstaat.’ Vanuit de definitie van Elaine Aron – die stelt dat 20 procent van de mensen hooggevoelig is en dit verklaart als een evolutionaire voorhoede van alerte verkenners – reageert Bijl: ‘Dat is een sociologische verklaring. Ik benader het vanuit de natuurgeneeskunde. Dat houdt in dat ik met een cliënt doorneem waar hij of zij last van heeft, welke organen zwak en welke sterk zijn. Dan plak ik er nooit het label hooggevoelig op, want dat is geen natuurgeneeskundige diagnose. Neemt niet weg dat ik de sociologische verklaring goed begrijp, er zit heel veel in. Het heeft meerdere kanten. Het is altijd goed om oog te blijven houden voor verschillende perspectieven.’

www.natuurgeneeskundigedriebergen.nl

Auteur

Rick

Gepubliceerd op

15 augustus, 2026

Thema

NWP Magazine 2023

Tags

Deel dit artikel

Gerelateerde artikelen