‘Ik krijg mensen zover dat ze weer goed samenwerken.’

Ann Juriëns-Velthorst, al zeventien jaar voorzitter van de NWP, over vernieuwing, kwaliteit en haar toekomstvisie voor de beroepsvereniging.

Ze typeert zichzelf vooral als een bemiddelaar en coördinator. Niet als een voorzitter die naar buiten toe optreedt als een burgemeester met een ambtsketen om de nek. ‘Zo ben ik niet en zal ik ook nooit worden’, zegt ze, terwijl ze haar iPad een stukje opzijschuift en een slokje koffie neemt. ‘Ik ga voor samenwerken. De voorzittersrol is niet mijn doel, die vervul ik gewoon. Zo simpel is dat.’ Haar ambities gelden vooral de beroepsvereniging. Vernieuwing staat hoog op haar prioriteïtenlijst. ‘Voor ons voortbestaan moet het statusquo verhaal eraf.’

Toekomstgericht

Het gesprek vindt plaats in haar praktijk in Aalten in de Gelderse Achterhoek. Op hetzelfde erf, een eindje verderop, staat haar woonhuis en het bedrijf van haar zoon. De gebouwen zijn omringd door een smaakvol ingerichte tuin die ook fungeert als paradijs voor haar honden. Die hebben hier alle ruimte en springen haar enthousiast tegemoet zodra ze een stap buiten zet. ‘Ik heb ook een pup, zal ik die eens halen?’ vraagt ze, om even later terug te komen met een bruine, kwispelende stuiterbal.

Na dit vrolijke intermezzo gaan we weer verder met het interview. Op de vraag hoelang de vereniging inmiddels bestaat, antwoordt ze: ‘In april 2018 70 jaar. Maar vraag me verder niet naar exacte data uit het verleden, daar ben ik niet zo van, ik ben veel meer toekomstgericht.’ Dat neemt niet weg dat ze wel wat over de geschiedenis van de NWP wil zeggen. Zeker als het onderwerp ter sprake komt hoe de NWP zich onderscheidt van andere beroepsverenigingen in dezelfde branche. ‘Kwaliteit staat bij ons wel heel erg hoog in het vaandel, zowel wat de opleidingen van de therapeuten betreft als hoe ze werken. Daarom is onze vereniging ook klein. Je wordt niet gemakkelijk lid, daarvoor moet je aan strenge voorwaarden voldoen. Ik kan me nog goed herinneren dat, toen ik in 1995 klaar was met mijn studie aan de HVNA in Arnhem, docenten mij aanraadden om me aan te sluiten bij de NWP omdat dat de beste beroepsvereniging was.’

Keurmerk

Terugkijkend op de afgelopen periode zegt ze: ‘Ik heb het altijd een heel goede beroepsvereniging gevonden en ik ben trots op de kwaliteit van onze leden.’ Als hoogtepunten noemt ze het 60-jarig jubileum, ‘goed georganiseerd, goede sprekers….’, het keurmerk dat de vereniging heeft neergezet, het beroepsprofiel dat een professional voor de NWP heeft beschreven, het licentierapport. ‘Het zit vooral op de kwaliteit’, vat ze samen. Over de vraag welke dieptepunten ze heeft meegemaakt, denkt ze lang na. Die weet ze zo niet een-twee-drie te bedenken. Het enige wat bij haar opkomt, is dat de complementaire beroepsverenigingen er nog niet in zijn geslaagd een onafhankelijkere koers te varen ten opzichte van de zorgverzekeraars.

Riskant

Inmiddels is ze zeventien jaar voorzitter van de vereniging. Kort nadat ze lid was geworden, kwam ze erachter dat er problemen waren binnen het bestuur. Ze wilde weten hoe het zat en besloot vergaderingen bij te gaan wonen. Zelf was ze in die tijd al jaren voorzitter van de ondernemingsraad van het ziekenhuis waar ze werkte. Daardoor had ze vrij veel ervaring met bestuurlijke processen. Al snel werd ze gekozen in het nieuwe bestuur dat de NWP vormde. Om een financieel fiasco voor de vereniging te voorkomen, ging ze kort na haar aantreden dwars in tegen een riskant besluit van de toenmalige voorzitter. Er ontstond onenigheid, waarin zij een bemiddelende rol op zich nam. Toch besloot de voorzitter op te stappen, waarna Ann werd gevraagd als interim aan te treden. Ze aarzelde, want naast haar voorzitterschap van de ondernemingsraad in het ziekenhuis zat ze niet te wachten op nog zo’n functie. Uiteindelijk stemde ze wel toe. ‘Ik ben een middelaar en een coördinator’, legt ze uit om duidelijk te maken waarom. ‘Ik ambieer de voorzittersrol niet echt, ik doe het gewoon. Bovendien had ik een aantal goede mensen om me heen, waardoor ik het vertrouwen had dat we het wel zouden gaan redden. En dat gebeurde ook.’ Inmiddels ligt haar loopbaan in het ziekenhuis alweer heel wat jaren achter haar.

Nieuwe pep

De uitdaging waar ze nu als voorzitter voor staat, is vernieuwen. Geen gemakkelijke opdracht, want als er iets moeilijk is, dan is het veranderingen introduceren. Dat is een algemeen gegeven en geldt ook voor de NWP. Vernieuwen is volgens Ann echter wel broodnodig. ‘In het ziekenhuis was ik staffunctionaris en had ik vooral met veranderingen te maken. Ook daar was weerstand. En achteraf kreeg ik van de tegenstanders te horen dat, als ze eerder hadden geweten wat het voor goeds zou opleveren, ze hun hakken niet zo in het zand zouden hebben gezet. Veranderen doet pijn, maar het komt mensen heel vaak ten goede. Het hoeft niet dramatisch te worden, maar vooruitgang is wel noodzakelijk. Als NWP-bestuur moeten we kijken waar de huidige leden behoefte aan hebben, daarnaast is het zaak dat we als vereniging nieuwe leden werven en levendiger worden. Nieuwe pep!’

Daar hoort volgens haar ook een website bij, die voldoet aan de eisen van de huidige tijd en dat je je als organisatie presenteert met een eigen, modern, magazine. ‘Daarin kun je heel veel kwijt aan informatie en goede artikelen. Het is gericht op de leden, maar fungeert ook als uithangbord van je vereniging.’

Commercieel

Waar ze met de vernieuwingen absoluut geen concessies aan wil doen, zijn de hoge kwaliteitseisen. ‘Daar blijf ik aan vasthouden. De NWP moet bestaan uit goede therapeuten die van wanten weten en die geen onnodige fouten maken in hun praktijk. De vereniging zie ik als hun ruggensteun waarvan ik wil dat ze er trots op kunnen zijn. Om dat te bereiken moeten we ze veel meer bieden dan alleen maar hand- en spandiensten en het noteren van scholingspunten. We moeten ze helpen bij het opbouwen van hun praktijk en daarvoor professionele mensen inschakelen. Goede visiteurs zijn essentieel in dit verhaal, mensen die goed op de hoogte zijn van wat wel en niet kan in de praktijk, die bij leden in de praktijk komen kijken en hen helpen waar dat nodig is. Die niet alleen zeggen wat ze niet goed doen.

Andere belangrijke punten op mijn lijstje zijn: meer doen aan bijscholingen, middagen organiseren over thema’s waar leden in de praktijk wat aan hebben. De gangbare bijscholingen, ja, daar zorgen de therapeuten zelf wel voor. Ik wil ze iets bieden waarmee ze hun praktijk kunnen op- en uitbouwen. Wat mij zorgen baart, is dat veel leden slechts een klein aantal cliënten hebben. Ze kunnen er amper een boterham mee verdienen. Dat zou ik graag willen veranderen. Er is dan wel een omslag nodig richting zakelijk denken. En uitgerekend therapeuten zijn bij uitstek niet commercieel. Toch is het wel zaak dat ze geld verdienen, ze moeten tenslotte ook leven. De meesten lossen dat dan op met een reguliere baan naast hun praktijk. Een situatie waar ik graag verbetering in zou willen brengen.’

Het grote geheel

Over haar opvolging heeft Ann net zulke heldere ideën. ‘Ik ben nu 67 en zal ooit een keer het stokje doorgeven. Dan wil ik een heel goede opvolger hebben. Niet iemand die zegt ‘dat doe ik wel even’. Nee, echt iemand die er helemaal voor gaat, die goed met mensen kan omgaan en hen weet te motiveren om hun ding te doen. Als voorzitter is het belangrijk dat je situaties en mensen goed kan inschatten. Het is een ‘overall’ functie waarbij je het grote geheel in de gaten moet houden. Bestuurlijke kwaliteiten zijn dus noodzakelijk. Als we iemand hebben gevonden, ben ik eventueel bereid nog even aan te blijven als adviseur. Maar het gaat er mij in eerste instantie om dat ik de voorzittersfunctie goed overdraag in de toekomst.’

Moeilijkste

Op de vraag wat ze als het moeilijkste aspect van de functie heeft ervaren, heeft ze het nogmaals over de veranderingen en vernieuwingen. ‘Als je vooruitgang mogelijk wilt maken, is het erg hard werken.’ Daarentegen waren voor haar de mooiste momenten van de functie als ze slaagde in wat ze voor ogen had. ‘Mensen willen graag eerst zien wat het wordt, wat het kost en of het de inspanningen allemaal wel waard is. In het verleden dacht ik soms dat iets me niet ging lukken, maar dan kwam ik thuis en realiseerde ik me dat ik toch op drie punten gescoord had.’

Sprankelen

Zolang ze voorzitter is, wil Ann voor de leden op alle fronten de weg naar de toekomst goed voorbereiden. Afrekenen met het geitenwollensokkerige uit het grijze verleden, meer bewustzijn op de noodzaak om ook zakelijk te gaan denken, investeringen in de praktijken stimuleren, kortom, op alle niveaus vernieuwen en verlevendigen. Ann: ‘Sprankelen! Ik hou van sprankelen. Wat mij betreft kan het niet gek genoeg zijn, mits het maar verantwoord is. Dat heeft ook alles te maken met mijn sterrenbeeld, Waterman. Ik sta voor nieuwe dingen, als het resultaat maar goed is.’

Auteur

Rick

Gepubliceerd op

15 augustus, 2026

Thema

NWP Magazine 2017

Tags

Deel dit artikel

Gerelateerde artikelen