Het estroboloom bij vrouwen met oestrogeendominantie

Het estroboloom, het deel van het microbioom dat oestrogeen reguleert, speelt een sleutelrol bij oestrogeendominantie en de bijbehorende klachten.

Het estroboloom bij vrouwen met oestrogeendominantie

Het estroboloom beschrijft het microbioom dat betrokken is bij de modulatie en het metabolisme van oestrogeen. Een verstoord estroboloom kan leiden tot oestrogeendominantie doordat er te veel oestrogeen wordt heropgenomen vanuit de darm in de circulatie. Het oestrogeenmetabolisme en de kans op oestrogeendominantie wordt via deze weg voor een belangrijk deel bepaald door de darm, en in het bijzonder het estroboloom.

Oestrogeendominantie is een veel voorkomende hormonale disbalans. Exacte cijfers zijn niet bekend maar er zijn berichten dat 20-50% van de vrouwen in meer of mindere mate te maken heeft met oestrogeendominantie. Klachten die kunnen optreden, zijn onder andere endometriose, migraine, menstruatiepijn, overgangsklachten en PCOS.

Bij oestrogeendominantie is er een relatief teveel aan oestrogeen ten opzichte van progesteron, óf is er een te hoge concentratie van (zeer) sterkwerkende oestrogeenmetabolieten. Voor een goede balans in hormonen is het belangrijk dat de afbraak van oestrogenen in de lever én de uitscheiding via de ontlasting goed verlopen. Bij de uitscheiding en heropname van oestrogeen speelt het estroboloom een belangrijke rol.

Het estroboloom

Het estroboloom is in 2011 wetenschappelijk gedefinieerd. Het beschrijft de regulatie van de oestrogeenstofwisseling vanuit het microbioom. Het is de brug tussen de darm en de hormonale balans, ofwel de darm-hormoon-as. Oestrogeen wordt vanuit het bloed in de lever afgebroken en gebonden (geconjugeerd) aan glucuronzuur of zwavel en vervolgens via de darm (gal) uitgescheiden.

Bij een gezond microbioom verlaat dit gebonden oestrogeen het lichaam via de ontlasting. Bij een dysbiose kan het voorkomen dat er vanuit het microbioom te veel van het enzym bèta-glucuronidase aangemaakt wordt. Dit enzym zorgt ervoor dat geglucuronideerd oestrogeen (oestrogeen gebonden aan glucuronzuur) niet wordt uitgescheiden via de ontlasting, maar wordt losgekoppeld (gedeconjugeerd) en heropgenomen in de bloedsomloop. Op deze manier speelt het microbioom een belangrijke rol in het oestrogeenmetabolisme en het risico op oestrogeendominantie.

Ondersteuning van het estroboloom

De gezondheid van de darm en het microbioom zijn cruciaal in het functioneren van het estroboloom en daarmee het oestrogeenmetabolisme. De voeding, stress, medicatie, ontsteking, darminfecties en hyperpermeabiliteit zijn factoren die de darmgezondheid en het estroboloom kunnen verstoren en kunnen bijdragen aan een te hoge productie van bèta-glucuronidase door het microbioom. Dit draagt bij aan het ontstaan van oestrogeendominantie. Verbetering van de darmgezondheid en het estroboloom, en het remmen van ontstekingen in de darm, helpen de bèta-glucuronidasebalans in de darm te verbeteren en het risico op oestrogeendominantie te verkleinen.

Leefstijl

Leefstijladviezen zijn essentieel bij de begeleiding van vrouwen met oestrogeendominantie. Oestrogeendominantie kan leiden tot overgewicht en obesitas. Een teveel aan vetweefsel kan, via de aanmaak van ontstekingsstoffen, oestrogeen en aromatase, de hormonale balans verder verstoren. Aromatase is een enzym dat testosteron omzet in oestrogeen en op die manier bijdraagt aan oestrogeendominantie. Voeding en leefstijladviezen helpen gewichtstoename te voorkomen, het microbioom te verbeteren en inflammatie te verminderen, wat gunstige effecten heeft bij oestrogeendominantie.

Ook het vermijden van hormoonverstorende stoffen vanuit de voeding en cosmetica, zoals plastics, parabenen, pesticiden en insecticiden is zinvol bij oestrogeendominantie.

Voeding

Een vetarme en vezelrijke voeding helpt de hoeveelheid oestrogeen in de bloedcirculatie te verminderen en het estroboloom te verbeteren. Een biologische voeding voorkomt daarnaast extra inname van hormoonverstorende stoffen vanuit pesticiden en insecticiden. Ook voedingsmiddelen die zwavel of gluconzuur bevatten, zoals asperges, broccoli, bloemkool, spruitjes, ui en knoflook, kunnen bijdragen aan de binding en uitscheiding van overtollig oestrogeen.

Ontspanning

Bij chronische stress is er een verhoogde productie van cortisol. Dit verstoort de productie van geslachtshormonen (oestrogeen en progesteron), wat kan leiden tot een hormonale disbalans. Stressvermindering en het verbeteren van copingstrategieën zijn hierbij belangrijk. Ook adaptogenen zoals rhodiola, citroenmelisse en ashwagandha kunnen helpen bij geestelijke ontspanning en het reguleren van de stress-respons.

Orthomoleculaire ondersteuning van het estroboloom

Er zijn diverse orthomoleculaire mogelijkheden die kunnen helpen bij oestrogeendominantie. Onder andere door directe beïnvloeding (verbetering) van het estroboloom.

Probiotica
Lactobacillen verlagen de productie van bèta-glucuronidase en kunnen hiermee de deconjugatie van geglucuronideerd oestrogeen helpen te voorkomen. Daarnaast helpen probiotica de darmwand te verbeteren en ontstekingen te remmen, wat gunstig is voor de gezondheid van de darm en het microbioom.

Prebiotica
Prebiotica, in de vorm van fermenteerbare vezels, zorgen voor de groei van een gezond microbioom en helpen intestinale inflammatie te verminderen. Ook is aangetoond dat prebiotische vezels bèta-glucuronidase vormende bacteriën kan helpen te remmen. Bij mensen die gevoelig reageren op prebiotica, kunnen langzaam fermenteerbare vezels zoals psyllium, larix, acacia en guargom, een opgeblazen gevoel en gasvorming helpen te voorkomen.

Glutamine
Het aminozuur glutamine draagt bij aan de groei van een gezond microbioom. Het balanceert het intestinale immuunsysteem, remt intestinale inflammatie en helpt hyperpermeabiliteit te verminderen. Verder helpt glutamine de productie van secretoir immunoglobuline A (sIgA) te moduleren. sIgA zorgt voor de barrièrefunctie van de darm, ondersteunt de homeostase van het immuunsysteem en beschermt tegen pathogene infecties. De cofactoren magnesium, mangaan, vitamine B6 en taurine ondersteunen de lichaamseigen aanmaak van glutamine uit glutamaat.

Quercetine
Een interessant werkingsmechanisme van de bioflavonoïde quercetine op het gebied van de oestrogeenstofwisseling is de remmende invloed van quercetine op het enzym sulfatase. Sulfatase koppelt aan zwavel geconjugeerd oestrogeen los, waardoor het vrije oestrogeen heropgenomen kan worden. Verder versterkt quercetine de tight junctions en draagt hiermee bij aan het verminderen van hyperpermeabiliteit.

Omega 3-vetzuren
Een tekort aan omega 3-vetzuren is gerelateerd aan een dysbiose en inflammatie. Suppletie met omega 3-vetzuren kan helpen het microbioom te verbeteren en ontsteking te remmen.

Curcumine
Curcumine beschermt tegen intestinale hyperpermeabiliteit en remt inflammatie. Daarnaast werkt curcumine remmend op het enzym aromatase. Aromatase zet testosteron om in oestrogeen, wat kan leiden tot oestrogeendominantie.

Bromelaïne
Bromelaïne is op verschillende manieren gunstig voor de darmgezondheid. Het heeft anti-inflammatoire, immuun-modulerende, prebiotische en probiotische effecten.

Aanvullende ondersteuning bij oestrogeendominantie

Naast ondersteuning van het estroboloom kan ondersteuning van de detoxificatie en de hormoonproductie helpen bij het verminderen van klachten die gerelateerd zijn aan oestrogeendominantie.

Detoxificatie
Oestrogeen en oestrogeenmetabolieten worden via 2 fasen in de lever afgebroken en gebonden (geconjugeerd), waarna ze uitgescheiden worden via de gal en ontlasting. Het ondersteunen van fase 1 en fase 2 van de leverontgifting kan helpen bij het afbreken en uitscheiden van overtollig oestrogeen.

In de 1e fase van de leverontgifting worden, onder invloed van Cytochroom P450-enzymen (CYP enzymen), oestrogenen afgebroken tot oestrogeenmetabolieten. Voor deze enzymatische reacties zijn vitamines uit het B-complex belangrijk.

Oestrogeenmetabolieten uit fase 1 worden in de 2e fase gebonden (geconjugeerd) aan glucuronzuur of zwavel en vervolgens uitgescheiden via de gal. Aminozuren en alfa-liponzuur helpen deze 2e fase optimaal te laten verlopen. Alfa-liponzuur activeert de 2e fase in de leverontgifting. De zwavelhoudende aminozuren cysteïne, taurine en methionine zijn belangrijk in de sulfaatconjugatie van oestrogenen.

Antioxidatieve bescherming
De detoxificatie wordt ondersteund door antioxidanten en antioxidantenzymen, waaronder glutathion, superoxide dismutase en catalase. Deze antioxidanten en antioxidantenzymen beschermen de lever tegen grote hoeveelheden oxidatieve stoffen die vrijkomen tijdens de detoxificatie. Verschillende nutriënten hebben antioxidatieve activiteit:

  • De aminozuren glycine, cysteïne en glutaminezuur zijn de precursors van glutathion. Glutathion heeft een belangrijke antioxidantfunctie in de lever. Ook magnesium en selenium ondersteunen de productie van glutathion.
  • Verder zijn vitamine A, C, E, alfa-liponzuur en co-enzym Q10 belangrijke antioxidanten die de lever beschermen tegen oxidatieve schade.
  • Ten slotte helpt mariadistel de lever te beschermen bij detoxificatieprocessen. Mariadistel verhoogt bovendien de activiteit van fase 2-enzymen in de lever.

Ondersteuning hormoonaanmaak

Een tekort aan vitaminen en mineralen die betrokken zijn bij de aanmaak van hormonen, kan eveneens leiden tot een hormonale disbalans. Belangrijke nutriënten voor de aanmaak van hormonen zijn magnesium, zink, calcium, vitamine B2, B6, B12, foliumzuur en vitamine D. Het gebruik van de anticonceptiepil kan leiden tot een tekort aan B-vitamines, vitamine C, E, magnesium, selenium en zink. Deze vitamines en mineralen spelen een belangrijke rol in de aanmaak van hormonen, in de antioxidantwerking en in de werking van het immuunsysteem.

Referenties kunnen opgevraagd worden bij de redactie.

Dit artikel is mogelijk gemaakt door Stichting Orthomoleculaire Educatie, www.soe.nl

Auteur

Rick

Gepubliceerd op

16 augustus, 2026

Thema

N&S Magazine 2024

Tags

Deel dit artikel

Gerelateerde artikelen