Wanneer de omgeving je gezondheid stuurt
De zon staat hoog boven Sint-Eustatius als ik uit het vliegtuig stap. De warmte slaat direct tegen me aan. Het eiland voelt vertrouwd, maar elke keer dat ik hier ben, zie ik iets wat me aan het denken zet. Het zijn de plekken waar mensen dagelijks hun eten halen. Kleine eetgelegenheden en straathoekjes waar voeding onderdeel is van het ritme van het eiland. Wat je daar vaak ziet, is een bord gevuld met meerdere zetmelen tegelijk: rijst, aardappelen, macaroni. Daarbij een stuk kip, gefrituurd, gebakken of gebarbecued, en daarnaast zoete dranken of snacks zoals Johnny cakes en pastechi’s. Het is geen uitzondering, maar de norm. En dat heeft gevolgen.
In veel delen van het Caribisch gebied is het voedingsaanbod veranderd. Traditionele voeding heeft plaatsgemaakt voor producten die rijk zijn aan snelle koolhydraten, geraffineerde suikers en bewerkte vetten. Deze zijn goedkoop, makkelijk verkrijgbaar en sociaal ingebed. Zo ontstaat een voedingslandschap dat ongezonde keuzes niet alleen mogelijk maakt, maar zelfs stimuleert.
Tijdens mijn werk als natuurgeneeskundig therapeut zie ik dit patroon steeds terug. Op een eiland van ongeveer 3.500 inwoners leven naar schatting 900 mensen met chronische aandoeningen zoals diabetes, overgewicht en hoge bloeddruk. Dit zijn geen uitzonderingen, maar structurele patronen. Door de context waarin deze voedingskeuzes de norm zijn geworden, goedkoop, makkelijk en overal beschikbaar, ontstaat er een structureel overschot aan suikers en zetmeelrijke voeding. Deze worden in het lichaam afgebroken tot glucose. De lever zet dit overschot om in vet, dat in eerste instantie onder de huid wordt opgeslagen, een relatief veilige opslagplaats. Maar deze capaciteit is niet onbeperkt. Wanneer deze verzadigd raakt, ontstaat er een kantelpunt. Het lichaam gaat vet opslaan in de buikholte, het zogenaamde visceraal vet, rondom organen zoals de lever en alvleesklier. Dit vet is metabolisch actief en speelt een centrale rol in het ontstaan van insulineresistentie. Daarmee vormt het de basis voor chronische aandoeningen zoals diabetes type 2, hormonale disbalans en hart- en vaatziekten.
Niet iedereen reageert hetzelfde. Genetische aanleg en etnische achtergrond beïnvloeden hoe en waar vet wordt opgeslagen. Sommige populaties hebben een grotere capaciteit om vet onderhuids op te slaan, waardoor metabole verstoringen vaak pas later zichtbaar worden, meestal bij duidelijk overgewicht. Andere groepen hebben een beperktere opslagcapaciteit en ontwikkelen daardoor al bij een lager lichaamsgewicht verstoringen zoals insulineresistentie. Daardoor kan iemand er gezond uitzien, terwijl er intern al processen gaande zijn.
De situatie in het Caribisch gebied laat zien hoe krachtig deze wisselwerking is: een omgeving waarin goedkope, makkelijk verkrijgbare en sociaal ingebedde voeding, rijk aan suikers en zetmeel, de norm is geworden, in relatie tot hoe het lichaam hiermee omgaat.
Gezondheid is daarmee geen puur individuele verantwoordelijkheid, maar een samenspel tussen omgeving, gedrag en fysiologie. Als we echte verandering willen zien, moeten we niet alleen kijken naar wat mensen doen, maar vooral naar de omgeving die dat gedrag elke dag opnieuw vormt, in wisselwerking met hun biologische en genetische gevoeligheid.
Delroy Humphreys — www.delroysnaturaladvice.com / www.zonvitaris.nl

