Mineralen: kleine bouwstenen met grote impact

Mineralen leveren geen energie, maar zijn onmisbaar voor botten, spieren, zenuwen en het immuunsysteem. Toch komen tekorten vaker voor dan gedacht.

Mineralen: kleine bouwstenen met grote impact

Mineralen zijn onmisbare voedingsstoffen die in kleine hoeveelheden voorkomen in onze dagelijkse voeding. Hoewel ze geen energie leveren zoals koolhydraten, vetten of eiwitten, zijn ze essentieel voor tal van lichaamsfuncties. Ze spelen een cruciale rol in onder andere de opbouw van botten en tanden, de werking van zenuwen en spieren en het in stand houden van een gezond immuunsysteem.

Mineralen zijn, in tegenstelling tot vitamines, anorganische stoffen die van nature in de aarde en zeebodem voorkomen. De naam mineraal is afgeleid van het middeleeuws Latijnse woord minerale, dat ‘mijn’ betekent. Via de wortels van planten worden deze mineralen organisch gebonden en zo komen deze waardevolle stoffen door middel van groenten, fruit of dieren in onze voeding terecht waardoor wij ze kunnen opnemen.

In de voedingsleer onderscheidt men mineralen en spoorelementen. Spoorelementen zijn mineralen waarvan het lichaam slechts microgrammen per dag nodig heeft, terwijl van andere mineralen grammen tot milligrammen nodig zijn. Bovendien maken we onderscheid tussen essentiële en niet-essentiële mineralen. Essentiële mineralen zijn onmisbaar voor een goede lichaamsfunctie, zoals magnesium, calcium, ijzer en zink. Niet-essentiële mineralen, zoals borium en silicium, zijn niet noodzakelijk, maar kunnen wel gunstige effecten hebben op de gezondheid.

Magnesium en malaat: cruciale spelers in de cellulaire energieproductie

Magnesium en malaat vormen samen een krachtig duo in de energieproductie. Malaat is een sleutelmolecuul in de citroenzuurcyclus, terwijl magnesium onmisbaar is voor de activatie van ATP. Zonder magnesium is ATP niet biologisch actief. Zo ondersteunen beide stoffen fundamentele processen in de mitochondriën voor optimale cellulaire energie. Adenosinetrifosfaat (ATP), de belangrijkste energiebron in cellen, moet zich binden aan een magnesium-ion om biologisch actief te zijn. Wat ATP wordt genoemd, is vaak eigenlijk Mg-ATP.

Toch tekorten in Nederland

Ons lichaam kan zelf geen mineralen of spoorelementen aanmaken. Daarom is het essentieel dat we deze voldoende via voeding of, indien nodig, via supplementen binnenkrijgen. Omdat een tekort of overschot aan bepaalde mineralen gezondheidsproblemen kan veroorzaken, zijn er voor elk essentieel mineraal en spoorelement richtlijnen opgesteld over de aanbevolen dagelijkse hoeveelheid. Van twee mineralen heeft recent onderzoek aangetoond dat een behoorlijk aantal Nederlanders tekorten vertoont, terwijl altijd werd aangenomen dat dergelijke tekorten alleen in uitzonderlijke gevallen voorkwamen: selenium en calcium.

Lange tijd werd aangenomen dat seleniumtekorten in Nederland nauwelijks voorkwamen. Dat betekende dat de EFSA-norm (een adequate inname van 70 microgram per dag) niet actief werd meegenomen in de voedingsvoorlichting en bij de monitoring van voldoende inname door de bevolking. Maar nieuwe inzichten zetten dat beeld op scherp. Recent onderzoek toont namelijk aan dat de seleniuminname in Nederland wél tekort kan schieten – vooral bij mensen met een overwegend plantaardig of biologisch voedingspatroon. Hoe dat komt? De seleniumhoeveelheid in voeding hangt sterk af van de bodem waarop gewassen worden geteeld, het gebruik (of juist het vermijden) van kunstmest en seleniumgehaltes in veevoer. Daarom adviseert de Gezondheidsraad sinds kort om selenium actiever te monitoren en mee te nemen in de voedingsvoorlichting.

Calcium is het op vijf na meest voorkomende element in de aardkorst en behoort, samen met bijvoorbeeld magnesium, tot de aardalkalimetalen. Calcium draagt niet alleen bij aan de botdichtheid, maar speelt ook een cruciale rol in verschillende andere lichaamsfuncties, zoals een goede spier- en zenuwfunctie, het behoud van een normaal hartritme, de spijsvertering, de energievoorziening en mogelijk zelfs de preventie van darmkanker.

Een recente publicatie in The Lancet Global Health laat zien dat 66% van de wereldbevolking een calciumtekort heeft. In onze regionen bedraagt dit percentage ‘slechts’ 30-35%, maar dat betekent nog altijd dat een derde van de inwoners van ‘Nederland zuivelland’ niet voldoende calcium binnenkrijgt en dat zijn toch zo’n 6 miljoen mensen. Nederland verwerkt jaarlijks ongeveer 14 miljard liter melk tot calciumrijke producten als melk, kaas en yoghurt. Maar het voedingslandschap verandert snel: steeds meer mensen kiezen voor plantaardige zuivelvervangers en verminderen hun consumptie van dierlijke producten, met vaak fors lagere calciumgehaltes in hun dieet tot gevolg.

Ter vergelijking: volle koemelk bevat circa 124 mg calcium per 100 ml, tegenover ongeveer 17 mg voor sojamelk, 3 mg voor havermelk en 6 mg voor amandelmelk (tenzij verrijkt). Zonder verrijking of bewuste voedingskeuzes kan er snel een tekort ontstaan met wel degelijk gevolgen voor het normaal functioneren van de mens en nog meer dan we al vermoedden. En dat geldt ook voor andere mineralen. Mineralen lijken misschien klein, maar hun impact op onze gezondheid is groot – en ze verdienen meer aandacht dan ze nu vaak krijgen.

Mineralen in de dagelijkse praktijk

Mineralen verdienen aandacht in elk voedingsadvies: als therapeut kun je cliënten helpen een tekort aan mineralen te herkennen en te verhelpen via voeding of gerichte suppletie. Meer weten over dit onderwerp? Bekijk ook onze andere artikelen voor therapeuten op Curova, of lees meer over mineralen bij het Voedingscentrum.

Auteur

Redactie N&S Magazine

Redactie NS Magazine

Gepubliceerd op

20 augustus, 2026

Thema

N&S Magazine 2025

Tags

Deel dit artikel

Gerelateerde artikelen