Column Martine Clausen: Kick the bucket list

Martine Clausen over bucket lists en de kunst van tevreden genieten: vervulling komt niet van buitenaf, maar van binnen. Een piepklein emmertje met twee of drie wensjes is genoeg.

Moe van het reizen kwamen mijn man en ik thuis. Allereerst zette ik de deur naar de tuin open. Met genoegen zag ik dat de hortensia’s in de vijf dagen dat wij weg waren geweest, tot bloei waren gekomen, vrolijk roze tussen het groen in de tuin. De vlinderstruik was getooid met lichtpaarse bloemen. De katten die op de tuintafel zaten, keken verwonderd om. Er ritselde iets onder de struiken. Er kwam een grote egel tevoorschijn. Snuffelend zigzagde hij over ons straatje op zoek naar iets eetbaars. Ik snelde naar binnen en deed een zakje kattenvlees op een schoteltje, griste mijn telefoon en draaide het kattenluikje op slot. Voorzichtig naderde ik de egel die onmiddellijk de geur van het voer oppikte. Op zijn korte pootjes rende hij op mij af. Ik ging op de grond zitten en maakte foto’s, terwijl hij smakkend zat te eten. Hij vond het blijkbaar heerlijk. En ik vond het heerlijk om weer thuis te zijn.

Het was spannend geweest om naar Londen te gaan, met mijn zieke man op reis, niet wetend hoe het hem zou vergaan en of het hem niet te zeer zou vermoeien. Maar ja, onze dochter studeert af en haar afstudeerexpositie vond plaats. Daar wilden wij graag bij zijn. Gelukkig ging alles goed, het was inderdaad vermoeiend, maar het gaf voldoening om erbij te kunnen zijn. Wij hadden alleen niet stilgestaan bij de airport security. Eigenlijk kon ik vooraf alleen maar denken of het reizen niet te zwaar zou worden. Als je dan door de security gaat en je zieke man wordt extra gefouilleerd vanwege zijn stoma en zijn nierdrain, dan voel je je behoorlijk kwetsbaar. Er werd ons verteld dat je een speciale brief bij je huisarts kunt halen. Wisten wij veel.

De laatste jaren is het in schwung om een ‘bucket list’ te hebben, om toch maar vooral zoveel mogelijk uit het leven te halen alvorens de ‘bucket te kicken’; dat wil zeggen de pijp uit te gaan. De toon waarop daarover geschreven en gesproken wordt, is er een van zulke gretigheid, van zulk een aansporen tot halen, ervaren, entertainen, reizen, zorgen dat je meemaakt wat je maar kan voor het ’te laat is’, dat het mij bijna wurgend in de oren klinkt. Alsof je een emmer vol wensen moet hebben, die je per se moet vervullen omdat je anders je leven verkwanseld zou hebben.

Ik heb niets tegen leuke dingen doen. Maar wel tegen naarstig, haastig, gulzig, het een na het ander. Het komt op mij over als een hongerig zoeken naar vervullende ervaringen. Punt is dat het volgens mij zo is dat vervulling niet van buitenaf kan plaats vinden. Vervulling komt van binnen.

Als je geconfronteerd wordt met levensbedreigende ziekte, maak je allereerst pas op de plaats, je heroriënterend op wat voor jou nu werkelijk belangrijk is om vervolgens zorgvuldig te kiezen en te plannen. Mijn man wilde heel graag naar de expositie van onze dochter. Vooral voor haar, maar ook voor hem. En straks gaan we naar haar afstuderen. Zo gaan we bewust om met onze energie. Het gaat om de essentie. Om samen. Om delen.

Komt het afwerken van een bucket list niet neer op het legen van een volle emmer? Blijkbaar is het doel uiteindelijk te komen tot een lege emmer die een vol-daan gevoel geeft. Er is een manier om dat heel genoeglijk zonder stress te bereiken: een piepklein emmertje nemen waar hooguit twee of drie wensjes in passen.

Gezamenlijk naar de egel kijken, katten om ons heen, eksters op het vinkentouw, rustig in onze eigen achtertuin. Tevreden genieten. Dat staat voorlopig als herhalende ervaring op onze bucket list.

Martine Clausen, tevree

Auteur

Redactie PSC Magazine

Gepubliceerd op

20 augustus, 2026

Thema

PSC Magazine 2016

Tags

Deel dit artikel

Gerelateerde artikelen