Werkingsmechanisme en functie
Vitamine B6, een wateroplosbare vitamine, refereert naar de volgende 6 vormen: pyridoxine (PN), pyridoxaal (PL) en pyridoxamine (PM) en hun bijbehorende gefosforyleerde vormen: pyridoxine-5-fosfaat (PNP), pyridoxaal-5-fosfaat (P5P) en pyridoxamine-5-fosfaat (PMP). Het lichaam kan naar behoefte de ene vorm van vitamine B6 in de andere omzetten. De belangrijkste, biologisch meest actieve vorm van vitamine B6 is pyridoxaal-5-fosfaat (P5P). P5P fungeert als cofactor voor wel 150 enzymen (Linus Pauling Institute). Deze P5P-afhankelijke enzymen katalyseren uiteenlopende biochemische reacties in het lichaam die vooral gerelateerd zijn aan het metabolisme van aminozuren, koolhydraten en vetten.
P5P is niet direct betrokken bij de citroenzuurcyclus als onderdeel van de energiestofwisseling, maar vervult diverse functies binnen de energiehuishouding. Zo is P5P van belang voor de bloedaanmaak (P5P-afhankelijke synthese van heem en daarmee hemoglobine) en dus zuurstoftransport door het lichaam. Het is van belang voor de synthese van cytochromen in de elektronentransportketen en optimale werking van co-enzym Q10 in de celmitochondriën. P5P-afhankelijke enzymen zijn bovendien in staat glycogeen af te breken tot glucose als energiebron. P5P is daarnaast essentieel voor de vorming van myoglobine, een eiwit dat zorgt voor zuurstoftransport van de celmembraan naar de celmitochondriën, en ondersteunt daarmee de werking van de hart- en skeletspieren.
Vitamine B6 speelt samen met folaat en vitamine B12 een essentiële rol in de folaat- en homocysteïnestofwisseling waarin methylgroepen worden geleverd voor methyleringsprocessen in het lichaam ten behoeve van allerlei uiteenlopende fysiologische processen (Blom, 2011). Vitamine B6 zorgt ervoor dat het toxische stofwisselingsproduct homocysteïne (een metaboliet van het aminozuur methionine) afgebroken wordt tot cysteïne. Cysteïne is een bouwsteen van eiwitten en een voorloper van glutathion, een belangrijke antioxidant (Dalto, 2017).
Goed verlopende methyleringsprocessen zijn nodig voor opbouw en behoud van DNA, RNA, cellulaire herstelprocessen, functionele celmembranen en ook regeneratie van zenuwen. In algemene zin is P5P betrokken bij een normale celfunctie en celdeling.
In de hersenen katalyseren P5P-afhankelijke enzymen de synthese van belangrijke neurotransmitters, zoals dopamine, serotonine, glutamaat, histamine en GABA. Methylatie van serotonine leidt tot de vorming van het slaaphormoon melatonine. Voldoende vitamine B6 is dus onder andere nodig voor het reguleren van gedrag en een goed slaapritme. Een recente review benadrukt de synergistische werking van B1, B6 en B12 in hun bijdrage aan een gezond zenuwstelsel (Calderón-Ospina, 2020).
P5P is ook cofactor in het tryptofaan-kynurenine metabolisme (P5P-afhankelijke synthese van niacine, vitamine B3) en speelt daarmee een rol in een goed functionerend immuunsysteem.
Er komt steeds meer inzicht in de rol van vitamine B6 in pathogenen. Hoewel vitamine B6 niet is geclassificeerd als klassieke antioxidant, kan het wel degelijk reactieve zuurstofverbindingen (reactive oxygen species, ROS) vangen en op die manier de cel beschermen, zoals bijvoorbeeld bij schimmelinfecties (Bilski, 2000). Vitamine B6 kan bovendien de vorming van geavanceerde glycatie-eindproducten (AGE’s) tegengaan, genotoxische verbindingen die geassocieerd worden met veroudering en een verhoogd risico geven op onder meer diabetes, atherosclerose en cardiovasculaire aandoeningen (Mascolo, 2020).
Aanmaak, aanvoer en bronnen
Vitamine B6 is een essentieel vitamine. Dit betekent dat deze niet, of maar in geringe mate, in het lichaam gevormd wordt. We zijn afhankelijk van de voeding voor de aanvoer van vitamine B6. Er bestaan zowel goede plantaardige als dierlijke bronnen van vitamine B6. In voedsel is het vitamine meestal gebonden aan eiwit. Dierlijke bronnen van vitamine B6 zoals vlees, vis, gevogelte en eieren bevatten met name de gefosforyleerde vormen pyridoxaal-5-fosfaat (P5P) en pyridoxamine-5-fosfaat (PMP). Plantaardige bronnen, zoals zetmeelrijke groenten, granen, peulvruchten, noten en avocado’s bevatten veelal pyridoxine (PN) en pyridoxine-5-fosfaat (PNP) (Voedingscentrum, 2020).
Behoefte en tekorten
Dagelijkse toevoer van vitamine B6 is belangrijk omdat het lichaam vrijwel geen vitamine B6 opslaat. De aanbevolen dagelijkse hoeveelheid (ADH) voor vitamine B6 bedraagt 1,5 mg per dag (voor mannen boven 51 jaar 1,8 mg/dag). Uit de voedselconsumptiepeiling van het RIVM (over de periode 2012-2016 in Nederland) blijkt dat de inname van vitamine B6 uit voeding en supplementen gemiddeld 2,6 mg/dag is (RIVM, 2019). Zonder de bijdrage van supplementen is dit gemiddeld 1,6 mg/dag, een waarde die rond de ADH schommelt. Ondanks optimale aanvoer via de voeding zijn er situaties waarin een verhoogde behoefte kan bestaan. Alhoewel een klinische vitamine B6-deficiëntie zeldzaam is, komt een subklinische deficiëntie vaker voor. Een subklinisch tekort kan ontstaan bij onvoldoende inname of omzetting en wanneer er een verhoogde behoefte is zoals bij ouderen, tijdens zwangerschap of door ziekte. Een tekort aan vitamine B6 uit zich dan niet acuut in klinische verschijnselen, maar kan op de lange termijn wel een rol spelen bij chronische en ernstige aandoeningen. De prevalentie van B6-tekorten in de bevolking die geen supplementen gebruikt, wordt geschat rond de 25 procent (Morris et al., 2008). Een vitamine B6-tekort komt vaker voor in combinatie met andere B-vitaminetekorten, zoals foliumzuur en vitamine B12 (Brown, 2020).
Symptomen en signalen die kunnen wijzen op een (ernstig) vitamine B6-tekort zijn: vermoeidheid, scheurtjes in lippen en mondhoeken, ontstoken tong en/of mondslijmvlies, bloedarmoede, glucose-intolerantie, misselijkheid en braken, seborroïsche dermatitis, vochtretentie, paniekaanvallen, hyperventilatie, migraine, slapeloosheid, geïrriteerdheid, verwarring, depressie, immunodeficiëntie, chronische pijn, cognitieve achteruitgang, convulsies, perifere neuropathie, ataxie, een verhoogde homocysteïnespiegel, verhoogde ontstekingsactiviteit (met stijging C-reactief proteïne, CRP) en verhoogde oxidatieve stress.
Suppletie
Als de vitamine B6-aanvoer tekortschiet of bij een verhoogde vitamine B6-behoefte, kan suppletie (tijdelijk) uitkomst bieden. Vitamine B6 mag in de vorm van pyridoxine-hydrochloride (PN-HCl), pyridoxine-5-fosfaat (PNP) en pyridoxaal-5-fosfaat (P5P) in voedingssupplementen in Nederland toegepast worden (NVWA, 2016).
Suppletie in de vorm van P5P heeft als voordeel dat eventuele problemen met de omzetting naar de actieve vorm in de lever vermeden worden (een eventueel mineralentekort wordt omzeild), met als resultaat een hogere biologische beschikbaarheid, een betere absorptie door de lichaamscellen en minder belasting van de lever (Vrolijk et al., 2017). Het lijkt er bovendien op dat deze vorm veiliger is met betrekking tot mogelijke stapeling van vitamine B6 in het bloed.
Omdat vitamine B6 bij uitstek een synergistische werking heeft met vitamine B12 en foliumzuur, zoals bij hyperhomocysteïnemie (Maron, 2009), kan vitamine B6 het beste met vitamine B12 en foliumzuur in de vorm van actief folaat ingezet worden, of eventueel in een complex met alle andere B-vitaminen.
Toepassingen
Vitamine B6-suppletie kan ingezet worden ter preventie of behandeling van een vitamine B6-tekort. Hieronder worden specifieke toepassingen (risicogroepen en specifieke indicaties) voor vitamine B6-suppletie verder toegelicht, inclusief wetenschappelijke onderbouwing.
Risicofactoren en groepen
Lage vitamine B6-bloedwaarden worden vaker gevonden bij vrouwen die zwanger zijn of borstvoeding geven, ouderen, alcoholisten en mensen met malabsorptiesyndromen (Brown, 2020). Zij hebben een groter risico op het ontwikkelen van deficiëntiesymptomen.
Indicaties
Premenstrueel syndroom
Het premenstrueel syndroom omvat een variatie aan symptomen waaronder vermoeidheid, stemmingswisselingen, angst, depressie, vermoeidheid, vochtretentie, vergeetachtigheid, gevoelige borsten, duizeligheid en toename van eetlust, die rond de ovulatie beginnen en weer verdwijnen aan het begin van de menstruatie. Enerzijds kan vitamine B6 PMS-symptomen verbeteren door het serotonine- en dopaminegehalte te verhogen en anderzijds speelt vitamine B6 een essentiële rol bij de synthese van prostaglandine en vetzuren, die in mindere mate aanwezig zijn bij PMS (Ebrahimi, 2012).
(Preventie) hart- en vaatziekten
Verhoogde homocysteïnebloedspiegels worden geassocieerd met een verhoogd cardiovasculair risico. Maar ook een subklinisch vitamine B6-tekort, onafhankelijke van de homocysteïnebloedspiegel en ontstekingsmarkers zoals fibrinogeen of CRP, lijkt een risicofactor te zijn voor hart- en vaatziekten (Vanuzzo, 2007).
Mogelijk remt vitamine B6 atherosclerose door remming van plaatjesaggregatie, bescherming van het vaatendotheel tegen beschadiging door geactiveerde bloedplaatjes, uitschakeling van (zuurstof)radicalen en verlaging van de homocysteïnespiegel (vooral in combinatie met foliumzuur en vitamine B12 (Spinneker, 2007). Een vitamine B6-tekort kan eveneens leiden tot een hogere bloeddruk.
Diabetes mellitus
Veel diabetici hebben een subklinisch vitamine B6-tekort (kleiner dan 30 nmol/l), wat ongunstig is voor de glycemische controle en de kans op diabetescomplicaties vergroot, zoals uiteengezet in een recente review (Mascolo, 2020). Een lage vitamine B6-spiegel kan mogelijk een gevolg zijn van diabetes. Maar ook kan een lage vitamine B6-spiegel invloed hebben op de biologische activiteit van insuline. Door mechanismen zoals het tryptofaankatabolisme via de kynurenineroute, adipogenese en vetmetabolisme te verstoren kan een verlaagd vitamine B6 bijdragen aan het bevorderen van diabetes. Door een verminderde antioxiderende activiteit en verminderd vermogen om AGE-vorming tegen te gaan wordt een vitamine B6-tekort bovendien geassocieerd met het ontwikkelen van diabetescomplicaties, zoals vaatproblematiek, neuropathie en retinopathie.
Chronische ontstekingsziekten
Vitamine B6 is van belang voor een goede werking van het immuunsysteem. Vitamine B6-tekorten beïnvloeden zowel de cellulaire als humorale immuunrespons (Ueland, 2017). Bij ouderen ging een vitamine B6-tekort gepaard met een verminderde productie en functionaliteit van lymfocyten en verminderde IL-2 productie (cytokine belangrijk voor de proliferatie van T- en B-cellen) (Meydani, 1991). P5P-plasmawaarden blijken bovendien omgekeerd evenredig met verschillende markers van ontsteking, zoals CRP, IL-6 receptor, aantal witte bloedcellen, kynurenine/tryptofaanverhouding en ook de inflammatoire score die verschillende inflammatoire modaliteiten vertegenwoordigt (Sakakeeny, 2012). Verstoringen in het functioneren van het immuunsysteem liggen aan de basis van vrijwel alle (chronische) ziekten.
Vitamine B6-tekorten zijn ook in verband gebracht met chronische ontstekingsziekten zoals reumatoïde artritis en inflammatoire darmziekten (Ueland, 2017; Selhub, 2013).
Prikkelbaredarmsyndroom
Prikkelbaredarmsyndroom (PDS) en de symptomen ervan zijn nauw verbonden met het voedingspatroon. De symptomen van spastische darmen blijken ernstiger te zijn bij een lage inname van vitamine B6 (mediane inname van 0.9 mg/dag) (Ligaarden, 2011).
Aandoeningen van de hersenen en zenuwstelsel
Vitamine B6-afhankelijke enzymen zijn essentieel voor de biosynthese van neurotransmitters, zoals adrenaline, dopamine en serotonine (Parra, 2018). Vitamine B6 is nodig voor een normale psychologische functie en werking van het zenuwstelsel, waarin ook de vitamines B12 en foliumzuur en andere B6-afhankelijke enzymen een rol spelen.
Bij een vitamine B6-tekort kunnen er minder neurotransmitters aangemaakt worden, wat kan leiden tot verstoorde neurotransmittersystemen, zoals bij autisme (Sato, 2018), depressie (Skarupsky, 2010), ADHD (Altun, 2018), epilepsie door neurotoxische glutamaatconcentratie (Baumeister, 1994) en schizofrenie (Lerner, 2002).
Autisme
Autismespectrumstoornis (ASS) is een zeer heterogene groep aandoeningen, en effecten van vitamine B6-suppletie zijn tot op heden controversieel gebleken. Recent is onderzocht of het mogelijk is om verschillende subgroepen te definiëren. Op basis van geselecteerde fenotypische variabelen blijkt het mogelijk om vitamine B6-responsieve en niet-responsieve personen te classificeren, waardoor het in de toekomst wellicht mogelijk is suppletie met vitamine B6 effectief in te zetten in een deel van de ASS-populatie (Obara, 2018).
Depressie
Een vitamine B6-tekort wordt geassocieerd met een verminderde synthese van serotonine en verhoogde kans op depressie. Vitamine B6-suppletie lijkt vooral effectief te zijn bij depressieve symptomen in premenopauzale vrouwen (Kashanian, 2007) en ouderen. Uit een klinische studie met een follow-up van 12 jaar in meer dan 3500 ouderen (65-plussers) blijkt dat de deelnemers met een hogere inname van vitamine B6 en B12 uit voeding en supplementen minder depressieve symptomen vertoonden over de hele periode. Elke bijkomende 10 mg vitamine B6 en elke bijkomende 10 µg vitamine B12 zorgde voor een extra 2%-verminderd risico op het ontwikkelen van depressie (Skarupsky, 2010).
Cognitieve achteruitgang
Een suboptimale vitamine B6-status is gecorreleerd met leeftijdgerelateerde cognitieve dysfunctie en varieert van milde klachten tot dementie (waaronder de ziekte van Alzheimer). Welke (causale) rol vitamine B6, en ook foliumzuur en andere B-vitaminen hierin precies spelen, is niet geheel duidelijk (Hughes, 2017). In een vrij recente studie waarin gezonde oudere volwassenen werden gevolgd gedurende 4 jaar blijkt dat een lage vitamine B6-status (P5P kleiner dan 43 nmol/l) geassocieerd was met een 3,5 keer hoger risico op cognitieve achteruitgang. Hetzelfde werd gezien bij een lage inname van vitamine B6 (0,9-1,4 mg/dag). Voor de andere B-vitaminen werd dit effect niet gevonden (Hughes, 2017). Vitamine B6 kan mogelijk gezien worden als een belangrijke beschermende factor voor het behoud van cognitieve gezondheid bij veroudering.
Ziekte van Parkinson
De neurodegeneratieve ziekte van Parkinson wordt gekenmerkt door het afsterven van hersencellen die dopamine produceren. Dit leidt tot een verstoring van de dopamine-gereguleerde motorische controle en resulteert in tremoren bij rust bij deze patiënten. Vitamine B6 is essentieel voor de synthese van dopamine. Uit een studie met bijna 10 jaar follow-up onder meer dan 5000 ouderen blijkt dat degenen met de hoogste inname van vitamine B6 een significant lager risico liepen om de ziekte van Parkinson te krijgen (De Lau, 2006). Het effect werd voornamelijk toegeschreven aan de antioxidant werking van vitamine B6, meer dan het homocysteïneverlagende effect.
Contra-indicaties, dosering en veiligheid
Contra-indicaties
Over het gebruik van vitamine B6 tijdens de zwangerschap en lactatie zijn weinig gegevens bekend.
Dosering
De ADH voor vitamine B6 bedraagt 1,5 mg per dag (voor mannen boven 51 jaar 1,8 mg/dag). Amerikaans onderzoek suggereert echter dat veel mensen meer vitamine B6 nodig hebben (minimaal 3-5 mg/dag) voor het bereiken van een optimale P5P-spiegel (groter dan 30 nmol/l) (Morris et al., 2008).
Omdat vitamine B6 synergistisch werkt met andere B-vitaminen, is het aan te raden vitamine B6 samen met vitamine B12 en foliumzuur of actief folaat in te zetten, of eventueel in een complex met alle andere B-vitaminen aan te bieden.
Veiligheid
De UL (tolerable upper intake level) voor vitamine B6 voor volwassenen is door de European Food Safety Authority (EFSA) vastgesteld op 25 mg/dag. De Food and Nutrition Board (FNB, American Institute of Medicine) houdt hier 100 mg/dag aan en hanteert voor het innameniveau waarbij geen afwijkingen werden waargenomen (‘no observed adverse effect level’) 200 mg/dag.
De B-vitaminen zijn wateroplosbaar en een teveel wordt in principe uitgescheiden via de urine. Echter, wanneer het vitamine B6-metabolisme niet optimaal verloopt, kunnen er problemen ontstaan met de opname in cellen en weefsels of uitscheiding in de urine. Op die manier kan stapeling van vitamine B6 in het bloed ontstaan.
Om de vitamine B6-inname binnen bepaalde grenzen te houden, bestaat er in Nederland vanaf 2018 een wettelijke maximale dagdosis (21 mg). Omdat vitamine B6 onderdeel is van veel verschillende supplementen wordt aanbevolen om dagdoseringen bij elkaar op te tellen en de maximale dagdosis niet te overschrijden (Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, 2018).
Bijwerkingen
Vitamine B6 kan perifere sensorische neuropathie (prikkeling in handen en voeten, doof gevoel, verminderde tastzin en onzeker lopen) en zenuwdegeneratie veroorzaken. Deze bijwerkingen kunnen met name optreden bij langdurige en hoge inname van vitamine B6 (600 mg/dag of hoger). Het is belangrijk om direct te stoppen met de inname van vitamine B6 bij het optreden van symptomen die kunnen passen bij sensorische neuropathie.
Synergisme
De B-vitaminen hebben bij uitstek een synergistische werking op elkaar (Kennedy, 2016; Calderón-Ospina, 2020). Samen met folaat, vitamine B2 en vitamine B12 is vitamine B6 bijvoorbeeld essentieel voor de folaat- en homocysteïnestofwisseling die een goede methylering en daarmee tal van fysiologische lichaamsfuncties ondersteunen (Blom, 2011).
Met vitamine B2 werkt vitamine B6 bovendien als co-enzym bij de vorming van vitamine B3 (niacine) uit het aminozuur tryptofaan. Vitamine B2 en B3 zijn beide als cofactor nodig voor de vorming van actief vitamine B6 (pyridoxaal-5-fosfaat, P5P) uit pyridoxine. Naast de andere B-vitamines verbeteren kalium, vitamine C, magnesium en selenium ook de vitamine B6-status.
Het volledige artikel, inclusief bronnen, is op te vragen bij de redactie. Vitamine B6 kan interacties aangaan met andere stoffen en geneesmiddelen. Een lijst hiervan is op te vragen bij de redactie.

