Complementaire zorg wordt door een ruime meerderheid van de gebruikers als waardevol ervaren, blijkt uit nieuw onderzoek van RBCZ.
Complementaire zorg wordt steeds vaker erkend als een waardevolle aanvulling op de reguliere gezondheidszorg. Dit blijkt uit de Marktmonitor Complementaire Zorg 2025, uitgevoerd door onderzoeksbureau Markteffect in opdracht van RBCZ, het kwaliteitsregister voor de complementaire zorg. Maar liefst 93% van de Nederlanders die het afgelopen jaar complementaire zorg gebruikten, had een positieve ervaring.
Het onderzoek, gebaseerd op een representatieve steekproef onder 2.000 consumenten en therapeuten, laat zien dat vier op de vijf Nederlanders bekend zijn met complementaire zorg en één op de vier er al gebruik van heeft gemaakt. De voornaamste redenen? Wanneer reguliere zorg geen oplossing biedt of op aanraden van een bekende of arts.
Toch bestaan er nog drempels, zo blijkt uit het onderzoek. Een derde van de niet-gebruikers geeft de voorkeur aan reguliere zorg en 15% van de potentiële gebruikers is bereid om alle kosten zelf te dragen. Tegelijkertijd wil twee derde van de Nederlanders complementaire zorg graag in het basispakket van de zorgverzekering.
“Deze cijfers bevestigen de groeiende erkenning van complementaire zorg”, zegt Jeroen Roozendaal, bestuurder bij RBCZ. “Tegelijkertijd toont het onderzoek aan dat er nog werk te doen is om kennis te vergroten en drempels weg te nemen.”
De Marktmonitor Complementaire Zorg 2025 geeft een helder beeld van hoe Nederlanders complementaire zorg ervaren en hoe therapeuten hun vak uitoefenen. Het rapport biedt niet alleen waardevolle inzichten in de huidige ontwikkelingen en knelpunten, maar dient ook als richtingwijzer voor beleidsmakers, zorgverzekeraars en professionals die de toegankelijkheid en integratie van complementaire zorg willen bevorderen.
Volgens bestuurder Jeroen Roozendaal van RBCZ bevestigt het onderzoek een ontwikkeling die de beroepsorganisatie al langer signaleert: steeds meer mensen zoeken bewust naar een aanvulling op de reguliere geneeskunde, niet als vervanging maar als aanvulling op hun bestaande behandeltraject. Hij wijst erop dat de hoge tevredenheid onder gebruikers voor een belangrijk deel te danken is aan de kwaliteitseisen waaraan geregistreerde therapeuten moeten voldoen, zoals bij- en nascholing, intervisie en een tuchtrechtelijke toetsing.
Voor de sector zelf biedt het onderzoek ook aanknopingspunten. Vertrouwen blijkt een sleutelrol te spelen: gebruikers die via een arts of bekende bij een behandelaar terechtkwamen, rapporteerden gemiddeld hogere tevredenheidscijfers dan mensen die zelf op zoek gingen. Dat onderstreept het belang van goede voorlichting en heldere kwaliteitsregisters, zodat mensen makkelijker een betrouwbare behandelaar kunnen vinden.
De onderzoekers van Markteffect ondervroegen voor de Marktmonitor ruim tweeduizend Nederlanders, wat het een van de grootschaligste peilingen op dit terrein maakt. Juist die omvang geeft de uitkomsten extra gewicht: het gaat niet om een kleine enquête onder een select gezelschap, maar om een representatieve doorsnede van de bevolking. Dat maakt de positieve waardering des te opvallender voor een sector die lange tijd vooral vanuit scepsis werd benaderd.
Belangrijkste cijfers
Een derde van de volwassen Nederlanders gebruikte in de afgelopen twaalf maanden minimaal één vorm van complementaire zorg.
- Van alle Nederlanders heeft 81% weleens van de termen complementaire zorg, alternatieve zorg of holistische zorg gehoord.
- Zeven op de tien Nederlanders hebben een oordeel over deze vorm van zorg en dit beeld is overwegend positief.
- Een derde van de volwassen Nederlanders heeft in de afgelopen twaalf maanden er gebruik van gemaakt. Dit gold voor meer aanvullend verzekerde Nederlanders (36%) dan voor niet-aanvullend verzekerde Nederlanders (22%). Nederlanders kozen hier met name voor omdat de reguliere zorg voor hen geen soelaas bood en/of omdat een bekende of arts hen erop wees.
- Vier op de tien Nederlanders die in de afgelopen twaalf maanden een aanvullende behandeling gebruikten, betaalden de kosten volledig zelf.
- Zeven op de tien Nederlanders hebben een aanvullende zorgverzekering en van die groep heeft 21% deze (mede) afgesloten met het oog op het gebruik van deze behandelvormen.
De cijfers laten zien dat de sector inmiddels stevig verankerd is in het Nederlandse zorglandschap. Waar aanvullende behandelingen jarenlang als een niche werden gezien, blijkt uit de Marktmonitor dat een breed publiek er inmiddels bewust voor kiest. Vooral de combinatie van een hoge waardering en een groeiend aandeel gebruikers wijst op een structurele verschuiving, en niet op een tijdelijke trend.
Opvallend is ook de rol van verzekeraars. Een substantieel deel van de Nederlanders met een aanvullende polis geeft aan deze mede te hebben afgesloten vanwege de mogelijkheid om vergoeding te krijgen voor behandelingen buiten de reguliere zorg. Dat duidt erop dat de vraag naar deze vorm van ondersteuning niet alleen bij de gebruikers zelf ligt, maar ook meeweegt in de keuzes die mensen maken bij het samenstellen van hun zorgverzekering.
Tegelijk blijkt uit het onderzoek dat lang niet iedereen de kosten vergoed krijgt: veertig procent van de gebruikers betaalde in het afgelopen jaar alles uit eigen zak. Dat laat zien dat de keuze voor een aanvullende behandeling voor veel mensen geen vrijblijvende beslissing is, maar een bewuste investering in hun eigen herstel of welzijn. Beroepsverenigingen als de RBCZ wijzen er daarnaast op dat kwaliteitsregisters en beroepscodes bijdragen aan het vertrouwen dat gebruikers in behandelaars stellen.
Benieuwd naar alle resultaten? Lees de volledige Marktmonitor Complementaire Zorg 2025 op www.rbcz.nu.


