‘Kindertekeningen om een kind beter te begrijpen, zou je dat nou wel doen?’ Veel mensen reageren in eerste instantie sceptisch op het idee om kindertekeningen te gebruiken in een hulpverleningsproces. Het lijkt voor sommigen te eenvoudig, te oppervlakkig, onverantwoord (want: is het wel wetenschappelijk onderbouwd?!) of simpelweg te zweverig. Echter, wanneer hulpverleners eenmaal ervaren hoe waardevol het kan zijn, verandert die scepsis bijna altijd in enthousiasme. Wat zij dan ontdekken, is dat tekeningen een unieke ingang tot de belevingswereld van het kind bieden, zeker in situaties waarin woorden tekortschieten.
In de jeugdhulpverlening wordt vaak naar kinderen gekeken vanuit de blik van de volwassenen. Zij zien wat er ‘mis’ is en weten wat er nodig is. Zo wordt bijvoorbeeld een kind voor hulpverleningstrajecten vaak aangemeld door ouders, die met een hulpvraag komen. Wat veel mensen vergeten, is dat het kind zelf een heel andere ervaring of behoefte kan hebben, die het moeilijk onder woorden kan brengen. Tekeningen geven een inkijkje in die binnenwereld, de ervaring en het perspectief van het kind. Wanneer je als hulpverlener meer inzicht hebt in wat een kind werkelijk bezighoudt, kun je beter op de situatie en het kind afstemmen en passender begeleiding bieden. Mijn ervaring in de afgelopen 30 jaar binnen de jeugdhulpverlening is, dat dit tot sneller en meer succes in begeleidingstrajecten leidt.
Wat vertellen kinderen in hun tekeningen?
Kinderen communiceren op veel manieren. Tekenen is een van de meest directe en natuurlijke vormen hiervan. Een tekening kan onbewust emoties, angsten, thema’s, verlangens of ervaringen weerspiegelen. Zo kunnen bijvoorbeeld huis-, boom- en menstekeningen (de meest gebruikte symbolen in kindertekeningen) veel inzichten geven in onder andere het zelfbeeld van een kind, de prikkelverwerking of hoe het kind de thuissituatie ervaart. Dit biedt jou als hulpverlener waardevolle aanknopingspunten.
Het is belangrijk om voorzichtig te zijn bij de interpretatie van tekeningen. Eén tekening vertelt nooit het volledige verhaal, maar kan wel belangrijke inzichten bieden die verder onderzocht kunnen worden. In combinatie met andere communicatiemiddelen geeft het een completer beeld van de beleving van het kind.
Het gebruik van tekeningen in hulpverleningssituaties
Tekeningen kunnen in een hulpverleningssetting veel bijdragen, vooral bij kinderen die niet kunnen, willen, mogen of durven praten over wat hen bezighoudt. Een voorbeeld uit mijn praktijk: een 16-jarig meisje met een aan autisme verwante stoornis gaf aan dat zij moeilijk over de vechtscheiding van haar ouders kan praten, maar graag tekent. Zij stelt voor dat zij stripverhalen tekent, die we samen bespreken. Haar verhalen gaan in de tekeningen over dieren, maar in de gesprekken over de tekeningen (waarbij we binnen de beeldentaal van de tekening blijven) legt zij telkens de link naar haar eigen gevoelswereld.
Een ander voorbeeld is van een 6-jarig meisje dat van de een op de andere dag stopt met praten (selectief mutisme); thuis is zij haar immer vrolijke, praatgrage zelf, maar eenmaal over de drempel van de voordeur zegt zij niets meer, kijkt niemand meer aan en wil niet meer met vriendinnetjes spelen. Ook in de speltherapie praat zij niet, maar tekent des te meer. In de tekeningen komen signalen van misbruik en mishandeling naar voren. Na enkele weken vraag ik het meisje of ik met haar ouders over de tekeningen mag praten. Vol overgave knikt zij ‘ja’. Wat me het gevoel geeft alsof het misschien wel haar bedoeling is dat ik er met ouders over praat. Maar dat zou wel heel bijzonder zijn. Toch?
Tijdens het gesprek blijkt dat vader veel bezig is met zijn eigen verleden, waarvan misbruik en mishandeling onderdeel zijn. Hij had besloten dat af te sluiten en daar niet over te praten. Tijdens het gesprek met ouders realiseren zij zich dat hun dochter de volgende dag na dit besluit stopte met praten. Terwijl zij dit niet met hun dochter besproken hebben en zij het ook niet gehoord kan hebben. Vader vraagt mij of ik denk dat zijn dochter weer zal praten als hij in gesprek gaat met een psycholoog om zijn verleden aan te kijken. Ik geef aan dat ik niets kan beloven, maar dat het me niet zou verbazen als dat wel het geval is. Twee weken later heeft vader zijn eerste gesprek gehad en komt het meisje weer naar therapie. ‘Hoi!’, roept ze al zwaaiend naar me. Deze sessie kletst ze de oren van mijn hoofd. Er wordt niet meer getekend en volop gespeeld. Moeder komt naar me toe: ‘Het heeft gewerkt, we hebben onze dochter weer terug! Met dank aan de tekeningen.’
Het praten over een thuissituatie is niet altijd mogelijk. Tekenen is dan makkelijker. Zo kan ook een gezinstekening waardevolle inzichten geven in hoe het kind de familie ervaart. Belangrijk daarbij is te beseffen dat een kind zijn of haar ervaringen en emoties tekent. Dit kan anders zijn dan hoe de ouders of wellicht jij als hulpverlener het ziet. De ervaring van het kind is jouw uitgangspunt om af te stemmen in het proces. Dit kan jou helpen om beter in te spelen op de echte behoeften van het kind, die misschien afwijken van wat de volwassene als hulpvraag heeft geformuleerd.
Voorbeeld uit de praktijk
In mijn werk zie ik regelmatig hoe krachtig tekeningen zijn. Een jongen van acht jaar, die sinds zijn tweede jaar uit huis was, tekende veel. Over zijn precieze verleden was weinig bekend. Echter, wanneer hij aan het tekenen was, kwamen er beelden van zijn vroege jeugd naar voren waar hij al tekenend over vertelde. Naar aanleiding van deze tekeningen is besloten hem intensieve speltherapie te bieden. Zo konden veel van deze thema’s en ervaringen een plek krijgen en verminderde zijn agressieve houding en lukte het hem steeds beter vertrouwen te hebben in zichzelf en anderen.
Praktische handvatten voor hulpverleners
Hoe gebruik je als hulpverlener tekeningen effectief in je werk? Hier zijn enkele praktische tips die direct toepasbaar zijn:
Maak tekenen laagdrempelig: Zorg dat er altijd tekenspullen beschikbaar zijn, zoals papier, kleurpotloden, krijt en verf. Dit biedt kinderen de keuze om op een non-verbale manier hun gevoelens te uiten, zonder de druk van een gesprek. Liefst direct zichtbaar en makkelijk toegankelijk voor het kind zodat het ongevraagd aan de slag gaat (spontane tekeningen laten het meest van de binnenwereld van het kind zien).
Varieer in materialen: Verschillende kinderen voelen zich comfortabel met verschillende materialen. Ook kan de behoefte van een kind of zijn persoonlijke eigenschappen in het gebruik van materialen naar voren komen.
Vermijd directe interpretatie: Stel open vragen over de tekening en laat vooral het kind vertellen. Blijf daarbij in de beeldenwereld van de tekening. Zo ontstaat er een gesprek waarin het kind belangrijke thema’s en emoties tot uiting kan brengen. Het duiden is hier niet meteen belangrijk, vooral niet naar het kind toe. De tekeningen bieden een mogelijkheid om zich te uiten wat door het gesprek gestimuleerd wordt. Dit geeft vaak al heel veel ruimte en verandering.
Gebruik tekeningen als ingang voor gesprekken: Laat kinderen tekenen na een gesprek. Je zult zien dat het tekenen gebruikt wordt als middel om emoties, gedachten en ervaringen te verwerken of een plek te geven. Wanneer een kind moeite heeft met praten, kun je een tekening als startpunt gebruiken. Vraag bijvoorbeeld: “Kun je me vertellen over je tekening?” of “Hoe zou die giraf zich voelen?” Ook kan het heel helpend zijn te verwoorden wat je ziet in de tekening (binnen de beeldenwereld!): ‘Het lijkt wel alsof die giraf dat blaadje wil eten, maar dat hij er net niet bij kan, poeh dat lijkt me vervelend zeg!’ of ‘Dat meisje daar op de tekening staat precies tussen die twee blokken in, ze is te klein om erover heen te kijken en kan geen kant op, dat lijkt me best eng, wat denk jij? Hoe zou zich voelen?’
Blijf volgen: Niet elk kind zal willen tekenen. Sommige spelen liever. Ieder kind heeft een persoonlijke voorkeur net zoals wij volwassenen dat hebben. Belangrijk is dat je het kind volgt en ziet wat het nodig heeft. Waar het ene kind niet wil tekenen, zal het andere kind spontaan aan de slag gaan en weer een ander kind wil wel tekenen met een opdracht (huis, boom, mens, gezin). Soms duurt het even voordat een kind voldoende vertrouwen heeft opgebouwd om werkelijk te laten zien wat hem bezighoudt. Respecteer dit proces en laat het organisch verlopen.
Conclusie
Het gebruik van tekeningen in de jeugdhulpverlening biedt een unieke en waardevolle manier om contact te maken met kinderen die zich niet altijd verbaal kunnen, mogen, durven of willen uiten. Door aandacht te besteden aan wat een kind in zijn tekeningen laat zien, kun je als hulpverlener beter inspelen op de werkelijke behoeften van het kind. Dit leidt niet alleen tot meer succes in het hulpverleningstraject, maar ook tot een dieper begrip van het kind zelf.
Eveline Ruitenberg-van Campenhout is tekeningentolk en speltherapeut. Met meer dan dertig jaar ervaring in de jeugdhulpverlening, heeft ze zich gespecialiseerd in de beeldentaal van kindertekeningen en spel. Haar overtuiging is dat tekeningen een krachtig hulpmiddel zijn om kinderen op een dieper niveau te begrijpen. Dit doet ze onder andere via haar onlinetraining voor professionals: Kindertekeningen Lezen & Begrijpen en haar boek Tekeningen Delen – Praktische Handvatten voor het Beter Begrijpen van Kindertekeningen. Daarnaast heeft ze samen met Lieke Kuiper het Tekendagboek ontwikkeld voor kinderen van 4 tot 14 jaar.
Meer informatie: www.kinderenbeterbegrijpen.nl of volg Eveline op Instagram: @kinderenbeterbegrijpen

